Monday, January 26, 2026

Met pa en ma in Frankrijk

In 2002 nam ik mijn ouders voor het eerst mee naar ons huis in de Bourgogne dat we een jaar daarvoor hadden gekocht. Ik was vanaf mijn jeugd niet meer met mijn ouders op vakantie geweest en vond het erg spannend. Ma heeft tassen vol etenswaren meegenomen voor het geval er in Frankrijk niets te krijgen is. Toen we later de Auchan binnenkwamen stond ma met open mond te kijken: "Oh, wat mooi! wat een geweldige zaak!" Ze wilde er elke dag naar toe. Veel leuker dan die schattige marktjes met terrasjes: "Dat zijn toch geen markten, nee dan de Albert Cuijp!" Ze wilde elke dag lunchen bij de Auchan. "Oh, wat heerlijk allemaal!"

De eerste drie dagen zijn redelijk rustig. Ze zijn helemaal weg van het huis en van de omgeving. Ze vinden alles prachtig. We rijden 's ochtends naar mooie plaatsen en 's middags lezen we in de tuin. Ieder op zijn eigen plek. Pa, in de ligstoel, kijkt urenlang naar de gigantische oude eiken en het weiland voor de tuin. Ma ligt in de zon met een boek (de kracht van het Nu van Eckhart Tolle) en ik zit in de schaduw. De tuin is groot genoeg en we zitten ver van elkaar. Heerlijk rustig. Af en toe scharrelt een eekhoorn rond.

's Avonds luisteren we naar muziek. Ma zegt: "Ik heb nog nooit zulke mooie muziek gehoord en zo luid." Thuis mag het geluid alleen heel zachtjes 'voor de buren'. Hier wonen de buren dertig meter verderop. De eerste avond zitten we nog voor de open haard, het vuur brand in één keer en de hele avond door, zonder hapering. Ma zegt: "Dat komt door mijn uitstraling, met mij erbij gaat alles beter...."
's Ochtends om zeven uur schrik ik wakker omdat mijn moeder mijn kamer binnenstormt: "Wat gaan we doen vandaag?" roept ze hard. Ik antwoord dat ik nog even bij moet komen en dat ik er zo aankom. Ik heb haar 's avonds gewezen hoe ze de koffie kan zetten en alles al klaar gezet zodat ze alleen op het knopje hoeft te drukken. Terwijl ik me aankleed, slapen lukt toch niet meer, zie ik door de luxaflex mijn moeder in de kamer staan met een grote kop thee. Ze staat er verloren en onzeker bij. Als ik de kamer binnenkom, blijkt dat ze sangria in haar kop heeft. "Ma, u drinkt sangria en het is zeven uur in de ochtend!" "Er zit geen alcohol in!" antwoordt ze. Ik ben geschokt. 

Ma vertelt altijd dat ze uren lopen. "Oh, we hebben uren gelopen! En dat op onze leeftijd"
Het blijkt dat ze haast geen stap kan verzetten. Veel te kortademig. De enige keer is het hyperventilatie en de andere keer gewoon kortademigheid.
Na letterlijk drie stappen, moet ze al stil staan en doet ze net of ze iets heel erg bewonderd:  “Kijk eens wat een mooie boom!” wijst ze naar een willekeurige boom.
Pa vertelt, als ik 'm even alleen spreek, dat ze niet ver lopen. Ze nemen de tram, naar plein 40-45 en dan lopen ze nog een stukje. Ma staat dan om de paar stappen een tijd stil. Ik heb haar op het hart gedrukt naar een dokter te gaan maar ik moet het nog zien: "ik overwin alles zelf!"

We drinken koffie in Vézelay op een prachtig plekje, we krijgen nogal grote bakken, ze kan maar de helft op. Ik ook. "Niek, drink jij de rest op, anders wordt de ober boos". Zo gaat het ook als we later in een restaurant dineren. Een deel van het eten blijft liggen en pa moet het opeten. Dat doet hij ook ondanks mijn gemor: "Pa, dat hoeft niet hoor en ma die ober wordt niet boos... hem maakt het helemaal niets uit!" "Hoeveel fooi geef je?" "Tien procent" "Dat is te weinig, je moet vijf euro geven!" "Ma, dat is veel te veel..." "Doe nou maar, die mensen moeten er van leven." Ik doe het. Ze hebben een klein pensioentje maar de fooien zijn altijd zeer groot. Ma voelt met de obers mee. Dat zit in de familie. Mijn oma en mijn tante deden het ook. Hoe weinig ze ook zelf te spenderen hadden.

Ma kan geen keuze maken en het duurt een hele hoop vragen en onzekerheden voor ze kiest.  "Wel een croissantje, niet een croissantje... of misschien twee... wat doe jij? Wat zal ik doen? Is het niet teveel... te weinig?"
Pa houdt zich afzijdig en mompelt wat. "Ja, één is goed, ja twee ook, nou ja, dan 
één." Hij ziet er helemaal verschrompeld uit en laat alles over zich heen komen. Hij loopt krom. Als ik vraag: "wat wilt u"? zegt ie: "doe maar wat je moeder neemt".
Uiteindelijk maak ik de keuze voor ze. Ma gaat op weg nooit naar de wc. Ze is heel trots op haar doorzettingsvermogen. Al moet ze nog zo nodig, haar wilskracht zorgt ervoor dat ze het uithoudt en dat zeven uur lang op reis. "Gek hè, thuis moet ik dan ineens wel" Als ze eens toch onderweg gaat, moet ik voor de deur wachten. De deur mag niet op slot en zelfs niet dicht.

De buren in Frankrijk nodigen ons uit voor een aperitief: "Komen jullie bij ons straks?" 
We spreken af om zeven uur na het diner. We denken 'een borreltje' en mijn ouders eten altijd vroeg. Misverstand. De tafel in de tuin is prachtig gedekt voor tien personen met allerlei drank en de barbecue staat te roken. Een heel diner. Aperitief is in Frankrijk iets anders dan bij ons kennelijk. We hebben thuis flink pasta gegeten maar ma durft niet te weigeren. Ik leg de situatie uit en iedereen zegt tegen mijn moeder, dat ze niet hoeft te eten. Ma eet toch mee, want "die mensen hebben niet voor niets gekookt" al kan ze het bijna niet aan. Het zijn schatten. Pierre en Patricia. Twee Parijzenaars, die net gepensioneerd zijn en nu permanent in de Bourgogne wonen. Ze spreken alleen Frans, dus alles moet vertaald worden. In het begin is ma rustig. Ik zie haar broeden, ze kan haar ei niet kwijt. De andere buren komen ook de tuin in gelopen. Grootmoeder, Jean Marie, Roza en de kinderen. Een hoop gekus. iedereen kust elkaar vier keer. Ik raak altijd de tel kwijt.

Dan begint het: ma steekt haar vinger op en zegt: "Mar vertaal: Ik heb de kerk gered!!!!" Ze heeft er ooit daadwerkelijk voor gezorgd dat de Kolenkit in de Bos en Lommer mocht blijven. "Ik weet wie Sartre is...  vertel het ze… Ik ken Socrates... Socrates...  van die gifbeker. Ik zou ook eerder gif drinken dan mijn principes laten varen. Mijn vader was Joods... in Sobibor vergast. Ik heb ook Franse voorouders, mijn moeder heette Ledou en ik heb zo'n uitstraling…" Het komt er staccato en in één lange stroom woorden uit. Ik probeer het bij te houden in de vertaling wat gepaard gaat met stotteren en hiaten in de tekst. Geloof niet dat ze het begrijpen. Patricia blijkt ook een Joodse vader te hebben gehad. Die is teruggekomen uit Mauthausen. Ma wijst fanatiek op zichzelf : "Mijn vader Sobibor en die kwam niet meer terug...." Dertig familieleden vergast!" De vader van Patricia had een gebroken arm, die kan daar niet tegenop. Ma grijpt de arm van de grootmoeder van de buren en zegt: "Mar.. vraag of ze me gezellig vindt.... gezellig ben ik hè...." Ik draai de vraag om naar iets wat op: "Vindt u het gezellig?" lijkt in het Frans. De overleden man van grootmoeder blijkt Ledou's als familie te hebben. We zijn nog verre familie ook.


Dan kom ik op het idee, dat we misschien kunnen gaan zingen. Liedjes die mijn ouders mee kunnen neuriën. Iedereen zingt mee en Pierre pakt zijn gitaar. Heerlijk. Charles Aznavour en Edith Piaf. Pierre kan prachtig ritmisch gedichten opzeggen, terwijl hij gitaar speelt. De koude rillingen lopen over mijn rug.
Patricia en mijn moeder spelen stier en stierenvechter met een rode sjaal. Ze wisselen cadeautjes uit. Een Eiffeltorentje voor ma en ma geeft haar sjaal terug. Niemand zal haar iets geven, zonder iets terug te krijgen.
Ze pakt pa bij de hand en zwaait hem in de lucht. “Vijftig jaar getrouwd en nog verliefd!” Pa kijkt beschaamd naar de grond terwijl ma trots met zijn arm zwaait. Hij mompelt iets en perst er een glimlachje uit.

Wanneer we thuisgekomen zijn, wil ik naar bed, ben doodop. Ma zegt met autoriteit: "ga zitten, ik wil nog even napraten" en wijst op de stoel voor haar. Ik ga zitten. Gehoorzaam luister ik. Ze vertelt over hoe de buren onder de indruk waren van haar. Ze vraagt: "Zeiden ze niet, wat een leuke moeder heb je?" "Nee", zeg ik eerlijk. "Jawel!" zegt ze. "Nee hoor, eerlijk niet, u kunt het toch merken, ze deden heel warm tegen u, is dat niet voldoende?" "Ja, daar heb je wel gelijk in."
Ze heeft toch een triomf. Pierre zei, toen Ma vertelde dat ze drieënzeventig is, dat ze leeftijdsloos is. Ma zegt: "Nou, hij zei dat ik zo'n levenloos gezicht heb" Ik lig dubbel, en als ik herhaal wat ze zei, liggen we met zijn drieën dubbel. Nog nahikkend van het lachen gaan we slapen.

We maken een tocht naar Auxerre. Een schitterend middeleeuws stadje. We genieten van het uitzicht en de huizen en de kathedraal. Op de terugweg eten we taartjes en drinken we koffie op een mooi plein. Ik ben gelukkig en ik voel liefde stromen.. "Pa, Ma het is heerlijk dat jullie er zijn en we doen het volgend jaar weer... " We glunderen allemaal. Ja... volgend jaar weer.

De zon schijnt fel. We zitten buiten voor het huis, onder de gele parasol. Ma vertelt over haar werkleven. Voor de vierde keer deze week. Hoe ze ervoor heeft gezorgd dat ze op het naaiatelier koffie kregen. Ze heeft ervoor gevochten.
Hoe ze voor iedereen opkwam... stank voor dank..... de enige die wat durfde te zeggen.... over hoe ze op twaalfjarige leeftijd al begon. "Van 's ochtends vroeg tot 12 uur 's nachts en we mochten niet zitten."

Ik bedenk me hoe gelukkig ik ben in deze tijd. Ik vraag wanneer ze met werken stopte en hoe heerlijk dat voor haar moet zijn geweest. Ze was zesentwintig jaar toen ze thuis bleef. Ja, maar ze heeft ook nog twee weken op kinderen gepast en nog eens twee weken in een koffiehuis gestaan. Zoals ze vertelt heeft ze meer en harder en langer gewerkt dan pa en ik bij elkaar. Pa knikt vriendelijk en zegt af en toe quasi verrast: "O, ja goh???" Als ik dit verhaal deze week al vier keer hoor en in totaal misschien tweeduizend keer heb gehoord, reken maar uit hoeveel keer het aan hem is verteld.


Ma praat door, een lange stroom woorden zonder onderbreking. Ik bedenk me, dat ik op dit moment op kan staan en iets anders kan gaan doen. Dat ik zo kan zeggen, dat ik het nu al zoveel keer heb gehoord, maar ik kan het niet. Ik heb geen kracht. Ik voel me als een spin in haar web en ik realiseer me dat het met pa ook zo moet zijn. Ik blijf nog een tijd zitten en kijk als een toeschouwer naar de situatie.
Dan verzamel ik al mijn moed bij elkaar en zeg dat ik wat in de tuin ga werken.
In de tuin hoor ik nog steeds de stem van ma... en pa die af en toe wat mompelt. "O ja? Goh" Als ik ga kijken, blijkt dat ze stil zitten te lezen en toch blijf ik het horen. Ook als ik later stofzuig, gaan de stemmen door, ze lezen nog steeds, wonderlijk.

Ma leest "Het boek der geheimen" van Osho. Ze vindt het prachtig. Hij schrijft over hoe je als je sterk bent energie verspreidt en dat je dat naar anderen uitstraalt. "Dat doe ik ook" zegt ze, "Ik straal ook energie naar anderen uit. Soms teveel en dat is niet goed voor me maar ik kan niet anders. Zo ben ik!" en voor ik het weet hebben we een prachtig gesprek over het leven. Daar is mijn moeder weer zoals ik haar ook zo vaak heb gesproken van hart tot hart en van ziel tot ziel. Ze vertelt over haar ideeën, dat we ooit allemaal zullen ervaren dat we één zijn. Dat vergeven ons vrij maakt en dat ze de Duitsers vergeeft die haar familie hebben vergast. Dat we blij kunnen zijn met de kleine dingen in het leven zoals genieten van de zon en van het eten dat we hebben en dat we van onszelf moeten houden. Dat we niets als vanzelfsprekend moeten aannemen. Eigenwaarde maakt dat we het leven aan kunnen en dat we sterk in onze schoenen staan, wat er ook gebeurt. Dat we altijd de keuze hebben tussen eerlijk en oneerlijk en dat eerlijkheid altijd wint. Dat we dichtbij onszelf moeten blijven en niet het leven van anderen moeten leven. We zijn allemaal uniek. Ze zegt wijze woorden en luistert naar de mijne en denkt er over na. Ja, dat is mijn moeder en ik hou van haar. Dat ik zo'n wijze moeder heb.


Dit keer is het aperitief bij ons. Ma nodigde ze allemaal uit. Daar komt de hele meute aan. Met z'n tienen, kinderen en grootmoeder, Jean Marie en Roza en Pierre en Patricia. We hebben drank en chips en lekkere hapjes. Het is weer heel gezellig. Ze blijven de hele avond. Ma raakt al meteen op dreef en gaat staan. "Sartre... kerk... Socrates... Joods.... Mensen helpen... Ik heb uitstraling... ben de enige in onze familie met principes... ik ik ik... Af en toe draai ik met de vertaling... Als Pierre zegt dat mijn moeder mijn vader jong houdt, weiger ik de vertaling. Pa zit er geslagen bij.
Weer trekt ze zijn arm omhoog: vijftig jaar en nog verliefd! Af en toe kijk ik pa aan: we knikken even naar elkaar. Ik pak hem af en toe bij zijn schouder om contact te houden.
De buren kijken verwonderd en geamuseerd naar ma, die van alles roept, terwijl ze staat en met haar armen zwaait.
Ik zit glimlachend te vertalen in verfomfaaid Frans... Pierre gaat overal serieus op in. Hij is heel lief en gevoelig en heeft zachte pretoogjes. Een man om van te houden. Dat doet iedereen, we kunnen niet anders.

Op een rustig moment, zeg ik tegen Pierre hoe het jammer het is dat we door de taalbarrière niet dieper kunnen praten. Daardoor wordt het gesprek toch dieper, het lukt! We komen bij God terecht, waar we allebei een passie voor blijken te hebben. Dan fluistert ma in mijn oor: "Mar, hij is Jehova Getuige." Ze is scherp die moeder van me. Ik schrik en geloof het niet, ren naar binnen voor een woordenboek. Jawel... hij is Jehova's getuige. Ik kijk naar zijn borrel, denk aan de verjaardag die hij uitbundig vierde… en ik kijk naar Patricia, die haar zoveelste sigaret opsteekt, allemaal verboden zaken. Hij ziet me kijken. "Ik ben niet fanatiek". Ik merk dat ik het moet verwerken. Gek dat ik er zo van schrik. Mijn hart klopt snel.

Denk aan de angsten van Jehova's. Alle anderen zijn verdoemd. Met hard werken en langs de deuren gaan, overleven alleen zij straks de vernietiging van de wereld.
Mijn moeders gedachten gaan ook razendsnel. Ze heeft aardig wat Jehova's getuigen gekend. Ze vertelt, dat ze een vriendin, die Jehova's getuige was en stierf aan kanker, heeft geholpen. Pierre knikt dankbaar. Later hoor ik dat Patricia geen Jehova’s Getuige meer is. Ik schrik weer. Wat moeilijk moet dat zijn. Ze houden zoveel van elkaar. Dat zie je... door liefdevolle blikken, ze lopen altijd hand in hand. Noemen elkaar engel en chou chou en ma petite bebete. Hij gelooft dat ze 'verdoemd' is net als zijn kinderen die de sekte hebben verlaten. Hij zal alleen verder moeten in de nieuwe wereld! Wat een drama.
We spreken af in augustus verder te praten. Zij gaan de volgende dag naar Parijs, voor een medisch onderzoek. Patricia is erg ziek.

Iedereen vertrekt naar huis en we nemen innig afscheid. Zelfs pa krijgt van Pierre vier hartelijke zoenen. Pa's gezicht verwringt tot een grimas van afkeer. Ik vertel Pierre dat hij de eerste man is, die mijn vader kust. We lachen, pa ook.

Pa en ik gaan naar het dorp boodschappen doen. In de auto zit hij rechtop. We drinken koffie op het terras. Ik kijk hem aan. Hij is ineens twintig jaar jonger. Zijn ogen twinkelen en hij praat. We praten over zijn leven. Hoe erg hij het vindt, als ze zijn hand omhoog steekt over hun verliefdheid na vijftig jaar. Er is geen liefde meer. Alleen af en toe medelijden. Ik vraag of hij ook medelijden met zichzelf heeft. "Nee", zegt hij. "Ik leef in mijn eigen wereld. Ik ben hard voor mezelf." In een volgend leven doet hij het anders. Muziek houdt hem op de been, daar geniet hij van. Hij heeft een walkman, dan kan hij zich afsluiten.
 "Het enige goede uit dit huwelijk, ben jij." Toen ze elkaar pas kenden, was ze een leuke meid, met veel interesses. Zo geleidelijk aan is ze geworden tot wie ze nu is.
Ik zit met tranen in mijn ogen, over zoveel verdriet en machteloosheid. Zijn onmacht om eruit te stappen. Als hij nu jong was, was hij weggegaan. Nu zit hij het uit. Hij is dolgelukkig dat we nu in Frankrijk samen zijn. Hij geniet met volle teugen van het huis en van de tuin en de ritjes. Ook de buren vindt hij sympathiek. Hoe is het mogelijk? Dezelfde man als de man die krom en geslagen voor zich uit zat te staren, lijkbleek met oude trekken, zit daar lachend, stralend jong te zijn. Ik zag het al twee keer eerder en het raakt me weer even diep. Ik zeg dat ik van hem hou en dat ik heel erg blij ben met deze gesprekken. Hij is ook blij en we lopen gearmd naar de auto.

Het is de laatste dag en we maken het huis schoon. Ma lapt de tafel: "kijk eens, ik heb de tafel schoongemaakt, goed hè, schoon hè" "Nou, fijn ma, heel schoon" Dan de raampost. Ik moet weer komen kijken en er het nodige van zeggen. Zo gaat ze door tot ik zeg dat ik toch echt mijn hersens er bij moet houden, omdat ik niets wil vergeten. Dat respecteert ze, er moet niets vergeten worden.

De volgende morgen vroeg in de auto... pilletje voor het rijden, voor de hyper, voor de hooikoorts. "Niek, Mar, een pepermuntje!" In de auto is het  stil... af en toe zegt ma... "Wat hebben we genoten... wat een week... dit vergeten we nooit meer". "Ja" zeg ik met heel mijn hart: "volgend jaar weer!"


Thuis in Amsterdam stort ik me doodop op de bank. Ik heb een jaar om bij te komen.













Saturday, January 17, 2026

'Rouwen werkt verslavend'

Dit verhaal schreef ik achttien jaar geleden toen mijn moeder en mijn tante een dag na elkaar vertrokken.

Deze kop van een wetenschappelijk artikel stond vandaag in een aantal kranten: 'Rouwen werkt verslavend'. Ik kan dat heel goed begrijpen, want….. ik ben in de rouw. Twee weken geleden stierf mijn moeder en… de dag erop haar zuster. Twee vrouwen die heel belangrijk voor me zijn en waar ik veel van hou. Ik was verbijsterd en wist niet waar te beginnen met voelen. `s Morgens werd ik wakker en het eerste waaraan ik dacht was: mijn moeder dood en tante Annie dood… ik ga maar weer slapen, dit is teveel om te bevatten.

Dan stond ik onder de douche en als vanzelf huilde ik vanuit mijn tenen. Dan weer zat ik op de fiets en hup… daar kwam het weer met golven. En praten, iedereen die ik tegenkwam kreeg de volle laag en... van iedereen kreeg ik alle aandacht. Het praten ging maar door, ook tegen mijn moeder op de fiets. Dat maakt tegenwoordig toch niets meer uit. Je ziet iedereen zijn eentje praten op de fiets. Omdat ik rouwde meende ik ook het recht te hebben om iets steviger dan normaal door te mogen rijden in de auto. Ik stond namelijk boven de wet. Eerst dacht ik: ik heb haast want mijn moeder ligt op de intensive care en later dacht ik: ik heb haast want mijn moeder is gestorven en nu ik moet naar mijn vader toe. Dat kostte me € 150, maar wat kan mij dat schelen: mijn moeder is dood! Tot de wijze agent zei: “mevrouw u kunt beter € 150,- betalen dan iemand dood rijden”. Toen was ik genezen van mijn arrogantie. De man had gelijk!

Ik ben een gelukkig mens want nu mag ik overal huilen waar ik maar wil en op halve kracht werken. Van de week, na de begrafenissen gaf ik mijn eerste training aan douane mensen. Toevallig was het thema: “omgaan met emoties”. Stoere mannen en vrouwen met een gouden hart. Aan het begin van de training vertelde ik natuurlijk dat mijn moeder net was overleden en dat ze niet gek moesten opkijken als ik plotseling een wegtrekker had. Alles mocht en dat ontspande. Het gaf niet als ik een naam even niet wist of dat ik niet had opgelet tijdens een oefening. Ik was tenslotte in de rouw!  En dan al die aandacht. Al mijn vrienden en vriendinnen belden me en kwamen langs om me te troosthuggen. Ze kwamen zelfs naar de begrafenis en dat terwijl ze mijn moeder helemaal niet kenden.

Mijn vader, mijn nichten en een andere tante zijn nog nooit zo dichtbij geweest. We hebben met elkaar heel wat te verwerken en nog nooit hebben we elkaar zo veel gebeld en gezien. Tijdens de begrafenissen hielden we prachtige speeches. Wat genoot ik van de speech voor mijn moeder. Met volle energie kon ik kwijt wat ik kwijt wilde over die bijzondere moeder van me. Iedereen luisterde. Alles wat er nog haakte in onze relatie is verpulverd. Het voelt als schoon verdriet en ik mag huilen en over haar vertellen zoveel als ik wil. Het is zalig. Rouwen werkt inderdaad verslavend. Ik ga nog een paar jaar door.

Maar alle gekheid op een stokje. Als je rouwt doe het dan helemaal. Ga er voor… neem de tijd en als je toch moet werken, zorg dat je elke dag een uur totaal in je verdriet duikt. Oordeel er niet over. Voel wat je voelt. Doe het in bed of in de bossen of waar je maar wil en voel de liefde die je voor die persoon voelt in al je vezels. Je geliefde is dan wel weggevlogen - en wie weet waar naar toe? Maar de liefde zit in je en die is van jou.



Tante Annie en mijn moeder toen ze nog jong waren en twee maanden voor ze stierven: 




Goeroe's, religies, kerken en verlichting

en de wijsheid van mijn oma:

In het begin was het een openbaring. Leerde baas te worden over mijn gedachten. Mijn gedachten tot rust te brengen. In stilte te zijn. Mijzelf als ziel te zien en persoonlijk contact met God te hebben. Het was geweldig en het is geweldig gebleven. Waarom? Omdat ik het er bij heb gelaten. Dat wat voor mij werkte heb ik voor me laten werken. Dat wat niet voor me werkte heb ik gelaten.

Op dit moment speelt er van alles in goeroe en religieland. Veel mensen komen gedesillusioneerd thuis van de verlichting. Het was zo mooi en het licht was aanraakbaar en dichtbij... en dan de ontgoocheling. Zelf heb ik jaren geleden gemediteerd bij een spirituele beweging.
Is een goeroe of een religie een gevaar of een les? Ik denk dat het ongeveer hetzelfde is als een geliefde die later tegen blijkt te vallen. Je bent verliefd ... dat is ‘r, je trouwt en na een aantal jaren blijkt de schat niet de schat die je dacht dat ie was. Je merkt dat je jezelf niet meer was. Dat je je teveel conformeerde aan zijn/haar leven. Je bent woedend en voelt je bedrogen. Dan komt het punt dat je inziet dat je aan je eigenwaarde moet werken en uiteindelijk kom je er sterker uit. Zo is het ook met een spirituele beweging.

Eerst leer je dat je meester bent over je gedachten ... dan leren ze je dat je je gedachten over moet laten aan God. Helemaal mee eens. Uw wil geschiedde ... Helaas is het zo dat de organisatie, de kerk of de goeroe bepaalt wat de wil van God is.

Zodra je je conformeert aan regels die organisaties of goeroes je opleggen ben je je verlichtingsgevoel kwijt. Dan gaat angst een rol spelen.In een organisatie waar liefde wordt gepredikt, klopt dat natuurlijk niet. Dus dat is een teken. Net als het angstig zijn voor je man of vrouw. Dan is er iets fundamenteel mis met je eigenwaarde.

Vaak verwijten mensen dan de organisatie of de ander dat ze hun leven hebben verpest. Toch heb je dat zelf gedaan. Jij hebt het laten gebeuren. Geeft niets.. vallen en opstaan. En gooi het kind niet met het badwater weg. Je hebt iets moois ervaren. Je hebt jezelf ervaren op een zeer bijzondere manier. Dat is nooit weg. En als je nog weet hoe je dat deed, kun je dat weer doen. Dan weet je wat werkt en wat niet voor je werkt. Punt.
Zodra je gaat verwijten en spijt gaat hebben dan zit je jezelf in de weg. Je geeft negativiteit een kans. Voor je het weet zit je in een neerwaartse spiraal. Verwerk je pijn en ga verder op je pad.

Mijn oma was stervende en iemand stuurde een priester om de absolutie te geven: "Nee, dank u, niet nodig... ik heb zelf al contact met God."




Uit: 'Niets meer te bewijzen'

Friday, January 16, 2026

"Ik ben van Goud"

"Ik ben van Goud" zei mijn moeder regelmatig. Ze begon ooit als Zilver. Dat komt door een chique dame die bij ons op bezoek kwam. We woonden in een piepklein huisje, twee hoog achter in de Pijp in Amsterdam en de vrouw vroeg: "Waar slapen jullie? Hebben jullie nog een verdieping hierboven?" "U zit op de slaapkamer" zei mijn moeder trots en ze wees op de uitklapbank. Even later vroeg de dame over een lepeltje bij de koffie: "Is dat zilver?" "Nee", zei mijn moeder, "zilveren lepeltjes heb ik niet nodig. Die van de Hema doen precies het zelfde als zilveren. Ik ben zelf van zilver!" De dame was van slag en stapte snel op. Mijn moeder lachte triomfantelijk. Ik was nog heel klein en bewonderde mijn moeder enorm.

Later bevorderde ze zichzelf:
Toen ik volwassen was stelde ik haar voor aan een collega. Ze ging recht voor haar zitten en keek haar diep in de ogen. "Ik ben van goud!" zei mijn moeder. "Ik ben een koningin!" Mijn collega trok wit weg en mijn moeder vertelde haar met verve over alle goede dingen die ze in haar leven had gedaan. Over het redden van mensen die zelfmoord wilden plegen, die ze steevast op bankjes in het park tegen kwam. Ma zei dan: "Als u zelfmoord pleegt, kijk ik u nooit meer aan." en: "Ik heb de oorlog meegemaakt en mijn vader is vergast en dertig andere familieleden ook en toch geniet ik van het leven. Als ik het kan dan kunt u het ook!"

Ze wist het wel en had daar geen goeroe voor nodig. Ze was van Goud. Ze sloeg wel eens door en dan stond ze op een stoel en riep: "Ik ben één met Jezus, ik ben zuiver." Daar had ze gelijk in. Wat iets minder was dat ze mij dan toeriep van boven: "en jij bent vuilnis."

Gelukkig heb ik na jaren me vuilnis voelen, ontdekt dat ik ook Goud ben. En niet alleen ik maar wij allemaal. Dus mijn moeder had voor een deel gelijk. Gisteren gaf ik een training over omgaan met agressie. Een vrouw keek me woedend aan en siste me toe: "zo'n training heb ik niet nodig." De vijandigheid straalde me tegemoet. En ja... daar trek ik me niets van aan want ik weet dat die vrouw ook Goud is. Op dat moment is ze het even vergeten. Ik niet en hielp haar herinneren, door met haar om te gaan als Goud. Het duurde niet lang of ze trok bij en ja hoor, daar kwam haar Goud te voorschijn. Wat was ze prachtig. Het Goud straalde overal doorheen.

Zo is het voor ons allemaal. Van boef tot bankdirecteur tot huisvrouw... onder alle lagen van arrogantie, minderwaardigheidscomplexen, stoerdoenerij ligt het Goud te wachten tot we het weer herontdekken.

Zag gisteren een interview met Supernanny. De vraag: "Vindt u de kinderen in de gezinnen waar u komt ook monsters af en toe?" Antwoord: "Nee, ik zie ze al in het begin zoals u ze aan het eind van het programma ziet."








Gepubliceerd in het tijdschrift voor Coaching
en in Niets meer te bewijzen

Noem me maar Mien

Kennen jullie dat, een aanval van nostalgie? Dat je in oude foto's duikt en allerlei gevoelens en geuren en herinneringen terugkomen die lang vergeten waren? Foto's die ik nooit eerder heb gezien of die me niet opvielen, die nu oplichten en hup een flits van het verleden roert mijn hart.

Daar popt mevrouw Barewijk op. Dat was onze buurvrouw in de Talmastraat in Amsterdam. Mevrouw Barewijk was een schat. Sprak lekker plat Amsterdams en werd een goede vriendin van mijn moeder. Samen zaten ze gezellig aan de sherry en lagen constant in een deuk van het lachen.
Ze moeten in de veertig zijn geweest samen maar noemden elkaar keurig mevrouw Ruijterman en mevrouw Barewijk en u. Ze waren al jaren bevriend en deelden lief en leed toen mevrouw Barewijk zei: "Noem me maar Mien." "Noem mij dan Greet." antwoordde ma. Vanaf die tijd had moeder het over "MIEN, van hiernaast." MIEN werd met hoofdletters uitgesproken zo belangrijk was die verandering voor haar. Dat kun je je nu niet meer voorstellen dat je een leeftijdsgenote bij de achternaam blijft noemen.
Als ik nu die foto zie denk ik: wat een lieverd was dat. Mijn moeder nam de langgerekte "Ohohooooohoooooooh....." van haar over bij horen van een vette roddel. Die neiging heb ik ook nog. Hoewel ik natuurlijk niet naar roddels luister:))).
Op een dag werd ik door vier jongens van de overkant aangevallen en ik voelde me een Ninja. Op één of andere manier kwam er iets over me wat heerlijk was. Het leek alsof ik in een slowmotionfilm zat. De één kreeg een schop, de ander pakte ik in zijn nekvel en de derde een stoot van mijn vuist en zo was ik heerlijk in mijn uppie met die jongens in gevecht. Dit gebeurde tot nu toe maar éénmalig in mijn leven. Ma tikte verbeten tegen het raam, mevrouw Barewijk stond naast haar en zei: "Ach, laat maar... kijk ze redt het wel." En zo was het ook.



Thursday, January 15, 2026

Ingefluisterde Intuïtie

Er zijn verschillende momenten in mijn leven die bepalend zijn geweest voor de manier waarop ik in het leven sta en mijn werk doe. Het volgende is mij werkelijk overkomen. Ik werkte inmiddels al enkele jaren als trainer/coach voor diverse bedrijven en was vreselijk trots op mijn werk. Ik kreeg mooie opdrachten en tijdens de feedback en evaluaties hoorde ik enthousiaste reacties. Niet alleen op de werkvloer, maar ook in privé situaties bleken de trainingen zeer praktisch en bruikbaar te zijn.
Op een dag liep ik over straat in Amsterdam, ergens in de Pijp en las op een groot bord: 'Ontmoet uw gidsen'. Nieuwsgierig liep ik naar binnen. Een prachtige jongeman uit Indonesië vertelde dat hij als medium voor mij contact kon maken met mijn spirituele gidsen. Trots als ik was wilde ik wel eens een applaus krijgen van 'de andere zijde'.

Mijn eerste vraag was: 'Wat vinden jullie van mijn werk?' in de volle overtuiging dat ze me zouden overladen met complimenten. Helaas, het antwoord was dat ze niet zo tevreden waren. Ik schrok: 'Waarom niet? Wat is er dan?' vroeg ik. 'Je luistert niet naar ons', kreeg ik door. 'We proberen je steeds te inspireren, maar je staat er niet voor open, je werkt met je hoofd en werkt een lijstje af.' 'Nou vertel dan maar, wat willen jullie dat ik anders doe?' Dat was niet mogelijk. Het kon alleen maar op het moment zelf. Dan moest ik me open stellen voor de inspiratie. 'Maar hoe moet dat dan?' vroeg ik weer. Dat werd niet helemaal duidelijk en daar moest ik het mee doen.

Teleurgesteld en ietwat beledigd liep ik naar huis. Hoe moet ik me nu openstellen? En waarom waren mijn trainingen en coaching 'voor de andere zijde' niet goed genoeg? De volgende dag gaf ik een training bij het Energiebedrijf in Amsterdam, tegenwoordig NUON. Voordat de mensen binnenkwamen en de training begon, en nadat ik alles had uitgestald en het programma op de flip-over had geschreven ging ik op een tafel zitten. 'Zo jongens', zei ik half naar boven kijkend, 'als jullie iets willen zeggen, doe het dan nu meteen even. Ik sta open voor jullie ideeën.' Het bleef stil en er was niets te zien of te horen.

De mensen stroomden binnen en de training begon. Ik had alles op een rijtje. Van de kennismaking tot en met de evaluatie. Na ongeveer een uur zette ik het programma stop. 'Laten we allemaal tien minuten helemaal stil zijn', zei ik tot mijn eigen verrassing. Normaal deed ik dat nooit. Veel te eng. Wie weet wat de mensen zouden denken. Zweverig gedoe. Tot mijn verbazing deed iedereen mee en ze vonden het geweldig. Allemaal. Ze kwamen tot rust en hadden ruimte in hun hoofd gekregen, zeiden ze. Ik voelde me geweldig. De volgende dag gaf ik weer een training, hield mijn praatje met de gidsen en ook daar zette ik het programma stop om weer iets anders te doen. Ik hoorde niets, zag niets… deed alleen wat er in me opkwam. Een plotselinge opwelling. Niet over nagedacht… zo maar spontaan en het was altijd het hoogtepunt van de training.

De volgende week had ik schilderles in Zwanenburg. Ik kwam binnen en de schilderjuf zei meteen: 'Marja, er staan twee figuren achter je te dansen en te springen.' 'Hoe bedoel je?' Ik keek achter me en zag niets. 'Het zijn je gidsen, ze zijn dolblij en ze zeggen dat je eindelijk naar ze luistert. Heb jij iets in je trainingen veranderd?' De vrouw wist helemaal niets van wat er die week ervoor was gebeurd en van de ontmoeting met de Indonesische jongen. De rillingen liepen over mijn hele lichaam. Ik realiseerde me, het is dus waar! Het is echt!

Vanaf die tijd houd ik altijd voor ik naar mijn werk ga een praatje met de gidsen. Onderweg in de auto bijvoorbeeld. Ik luister meestal naar het nieuws of naar radio 5. Lekker oude liedjes meezingen. Dan zet ik de radio uit en zeg: 'Ik ga niet voor niets naar Groningen vandaag. Er is iets te doen daar en jullie doen het werk. Dus laat het me maar weten. Ik sta er open voor.' Ik stel me open en laat me inspireren en laat de ingefluisterde intuïtie het werk doen. Heel af en toe vergeet ik het. Maar gaandeweg kom ik er vanzelf achter en doe ik het tijdens de training. Het werkt altijd. Ik ben ontspannen in wat voor situatie ook en er zijn altijd mensen diep geraakt. Ik voel mijn energie stromen en het gaat allemaal vanzelf.

Tip: Het enige wat je hoeft te doen is: stel je open voor je gidsen, het universum, God of dat wat voor jou relevant is. Het gaat om de intentie dat je jezelf als doorgeefluik ziet. Je hoeft het zelf niet te doen... Laat het gebeuren en vertrouw er op.








Friday, January 9, 2026

Delete nooit een ei-hoofd

Een twitteraar met een ei-hoofd kondigde aan dat hij me ging volgen. Verder was er niets bekend. Zo'n ei-hoofd wil zeggen dat er geen foto bij zit en dan zie je een leeg ei. 'Nou' dacht ik 'die mot ik niet, dat is vast een rare eend in de bijt'. Net voor ik 'm wilde deleten dacht ik: 'Nou Mar, zo ken ik je niet... iedereen mag erbij, we zijn toch allemaal met elkaar verbonden? Ook mannen met een ei-hoofd.' Dus ik volgde het ei terug. Een paar weken later nodigde het 'ei' me uit om op het overheidskantoor in Rotterdam in een torenhoog gebouw op een toplocatie te komen. Wauw, dat had ik niet verwacht en ik ging keurig en wel op pad.
Een stoere kerel met korte mouwen en enorme spieren die flinke tattoos lieten zien haalde me op. Hij stelde zich voor met een lekker Rotterdams accent.. Het was een heel eind met de lift ergens op een van de hoogste verdiepingen en toen nog een eind lopen en ondertussen genoot ik van de inrichting en van het uitzicht dat ik door alle ramen bewonderde.
Opeens rook ik een heel bekende geur... wierook! Ik vroeg de man: "ruik ik nou wierook?" "Ja hoor, dat is mijn kantoor, kom maar binnen". Het was mijn favoriete wierookgeur dus dat was een goeie binnenkomer. Aan de andere kant van de kamer zat een man met heldere doorkijkogen en met opgeheven armen en hij zei: "Marja, Marja, wat fijn dat ik je zie!" Ik knipperde met mijn ogen en ik moet met open mond hebben gestaan van verbijstering. Daar zat iemand die Licht scheen bovenin een overheidsgebouw. Het bleek dat de man die me had gehaald en hij (het ei-hoofd) aan het hoofd stonden van een grote afdeling en ze hadden samen een spirituele band. De tattooman doet elke dag meditaties in het restaurant en we spraken zo'n drie uur over Liefde, meditatie en innerlijke verbinding en tussendoor dacht ik: 'Moet je mij nou toch zien zitten'.
De bedoeling was dat ik de afdeling zou trainen om meer verbinding met elkaar te voelen en ze hadden een moeilijke tijd in hun strijd om rechtvaardigheid en hadden een oppepper nodig. Wilde ik alsjeblieft twee dagen met twintig man (jawel, allemaal mannen) de bossen in om een training te geven. Nou dat wilde ik wel en zo geschiedde. De mannen hadden net een Ipad gekregen, ik zal niet flauw doen en zeggen dat het van onze belastingcenten werd betaald, dus ze waren aan het spelen met dat ding, hadden totaal geen oog voor mij en ik dreigde met een grapje ze allemaal in te nemen als een schooljuf en toen was het ijs gebroken.
Het werden twee prachtige dagen en iedereen genoot en we gingen flink de diepte in. De tattoo-man deed oefeningen met de mannen, we wandelden in stilte en er werd gehuild en gelachen. Eén van de mannen vertelde aan het eind dat hij in het vervolg liever voor zijn vrouw zou zijn. Alleen daarom al was de training geslaagd.
Echt, je vindt verlichte mensen op de gekste plekken en delete nooit een ei-hoofd.







Monday, January 5, 2026

Kolenkit

Na een balkonloze woning in de Talmastraat in de Pijp kregen mijn ouders een woning op het Jan van Schaffelaarplantsoen in de Bos en Lommer en tot grote blijdschap van mijn moeder met twee balkons voor en achter. Als een koningin hield ze de snelweg, de brandweer en de Kolenkit in de gaten. Dat deed ze met passie want toen de Kolenkit gesloopt dreigde te worden liep ze op hoge poten met mijn vader in haar kielzog naar de vergadering. Ze riep: "Zelfs de Russen komen hier speciaal om de Kolenkit te fotograferen ik heb ze zelf gezien!" Nou waren er in die tijd niet veel Russen te bekennen en ik denk dat mijn moeder nog veel meer heeft gezegd want die hield niet snel haar mond. Het bleek te helpen en ze kreeg een bedankbrief van de kerkraad hoewel ze zelf niet van de kerk was. De snelweg A10 vond ze zo gezellig met al die passerende auto's. "Enig, je ziet de hele dag wat bewegen!"

Ze waren vijftig jaar getrouwd en vroeger kwam dan de burgemeester maar nu kwam het hoofd van de Stadsdeelraad Bos en Lommer. Mijn moeder zat er al jaren op te wachten dat de burgemeester persoonlijk bij haar langs zou komen. Nou ja het was niet de burgervader zelf maar deze man straalde ook een vriendelijk vaderlijk gezag uit en de bedoeling was dat hij een speech zou houden in de woonkamer. Het liep anders. De man ging zitten, mijn moeder ging staan, postte zichzelf tegen zijn stoel aan en hield een speech van ongeveer een uur over zichzelf en wat voor geweldige dingen ze in haar leven had gedaan. De man bleef een uur lang vriendelijk knikken en zei toen dat hij nog een vergadering op kantoor had. Van zijn speech kwam niets meer maar mijn moeder was dik tevreden dat ze de 'burgemeester' eens goed had verteld wie ze was. Hij bleek de man van een vrouw waarmee ik af en toe werkte bij de bieb op plein 40-45. Kwam ze een paar maanden later tegen in de bioscoop. Nu vertelde hij dat hij zeer had genoten van mijn moeders speech. 

Ze woonden drie hoog en dat waren een hoop trappen die ze graag nog namen. Ik moest altijd flink uithijgen maar zij niet. "Oh, dat houdt ons jong!" Maar ja, pa liep tegen de negentig en ma tegen de tachtig en de woning zou gerenoveerd dus ze moesten verhuizen. Gelukkig kregen ze een ouderenflat in Osdorp en dat is een volgend verhaal. 




Sunday, January 4, 2026

Onszelf gevangen zetten en weer bevrijden

Soms voeren we in gedachten onze eigen oorlog. Daar kunnen we ons behoorlijk in vastbijten. Over zaken die we onszelf of anderen niet vergeven. Zoals mijn vader; hij was een lieve verlegen jongen en werkte op zijn dertiende al als meubelstoffeerder. Op een dag toen hij negentien was vond hij in een bank die hij onder handen had beeldjes. Hij nam ze mee en verkocht de beeldjes en van de opbrengst kocht hij schoenen voor zijn toenmalige vriendin. De volgende dag werd hij opgepakt en veroordeeld tot één jaar gevangenisstraf. Het bleken kostbare beeldjes. De wroeging en de spijt was vreselijk. Hoe had hij dat kunnen doen? Hij schaamde zich diep, vooral voor zijn ouders.
Toen hij vrij kwam, werd hij liefdevol opgevangen door zijn ouders en door zijn baas de heer Lopez Dias uit Hilversum. (De man is vermoord in het concentratiekamp). Mijn vader kreeg zijn oude werkplek terug. Hij heeft in zijn leven nooit meer enig risico genomen. 't Was een heel stille man en hij leefde zo in zijn eigen wereld. Pas rond mijn veertigste heeft hij het me opgebiecht. Hij was zo bang dat ik hem zou verstoten. Hij heeft zichzelf er nog jaren gevangenis bij gegeven.

Hij vertelde het me op een terras in Hilversum. Samen hebben we gehuild om zijn spijt en zijn zelfkastijding en om alle angst dat het uit zou komen. Eén jaar gevangenisstraf verlengde hij zelf met achtenvijftig jaar.
Door het aan mij te vertellen viel er een enorme last van hem af. Ik kon hem natuurlijk gerust stellen dat ik hem niets te verwijten had, dat ik van hem hield en dat hij zich zelf kon vergeven. Hij kon later nog wel eens mompelen: "Stom, hoe heb ik zo stom kunnen zijn". Dan hadden we het er weer even over en dan was hij weer opgelucht.
Laten we onszelf en anderen heel bewust vergeven en bevrijden voor alle kleine en grote vergissingen. Zonde van ons leven. We hoeven niet te wachten tot we dood zijn om ons zelf te bevrijden.


Boektip:  'Het wonder van vergeving' van Willem Glaudemans.






Saturday, January 3, 2026

Praters en luisteraars

Ben je een prater en stop je niet meer? Soms urenlang? Neem je alle ruimte om te vertellen wat er allemaal in je leven speelt en vergeet je op te letten en af en toe te vragen of de ander het nog wel trekt?
Ben je een oeverloze luisteraar en durf je niet te zeggen: "Ho stop!" omdat dat zo egocentrisch lijkt? Luister je soms uren lang? Tijd om even naar binnen duiken en pas op de plaats maken. Als je dat wilt tenminste. Het kan je vriendschappen en je gezondheid redden, ergernis schelen en een betere relatie met jezelf schenken.
Mocht je mij op één van deze twee betrappen en ik heb het zelf niet door, wil je me dan even wakker maken?
Vanmorgen lag ik te denken hoe mijn prater/luistergeschiedenis is. Mijn moeder was een gigantische doorprater en ze sprak zoveel dat ik op de wc ging zitten lezen met tot gevolg dat ik nog tot mijn veertigste elke wc van elke boekwinkel in Amsterdam heb bezocht. Boek=WC moet mijn systeem hebben gedacht. Mijn vader had zo z'n trucjes en zei op gepaste tijden: "tssss, o ja?, goh..." al had ie het verhaal al duizend maal gehoord. Vroeg hem ooit of hij er niet gek van werd en hij zei: "Ach, ik ben immuun geworden..."
Op mijn zestiende bezocht ik elke week een maatschappelijk werkster om over mijn problemen te praten. Ze gaapte veelvuldig wat me zeer onzeker maakte. Kan me herinneren dat ik ooit de moed had te vragen of ik haar verveelde. Ze was gewoon moe en had de hele dag al naar verhalen geluisterd. Tja... Ik verkeerde meestal in het gezelschap van praters en op een dag zei één van hen dat ik een goede luisteraar ben. Was totaal verrast want zo zag ik mezelf helemaal niet. Als coach moet je natuurlijk goed kunnen luisteren maar ook de boel stop kunnen zetten indien ik dat nodig acht. Daar heb ik geen probleem mee.
Als vriendin is dat een totaal ander iets. Je kunt nu eenmaal je vrienden niet ongevraagd coachen. Ik hou ervan te vertellen en ik kan me herinneren dat een vriendin me toesnauwde: "Jij vertelt alleen maar anekdotes". Ik schrok verschrikkelijk en heb haar niet verder gevraagd wat ze bedoelde. Het verhalen vertellen zat me toen al in het bloed al schreef ik ze nog niet op. Dat kwam veel later. Ik was altijd al verbaasd over de bijzonderheden in mijn leven en die vertelde ik graag. Het kwam niet zo bij me op om over gevoelens te praten. Wel over anderen en anderen vertelden mij ook over anderen. Het is opvallend hoeveel we over anderen praten. Wil natuurlijk niet generaliseren en ik bedoel natuurlijk niet jou, maar toch... Heel veel gesprekken gaan over gevoelens, veel over anderen en heel veel zijn herhalingen van herhalingen.
Ik herken dat ik soms naar iemand luister die van doorpraten weet en dat ik op een gegeven moment in een soort roes zit en eigenlijk weg wil rennen maar vast geplakt zit op mijn stoel. Dan moet ik mezelf los rukken om een eind te maken aan het gesprek. Heb nu geleerd om mensen die veelpraters zijn te zeggen: "Ik heb een half uur voor je en dan krijg je alle aandacht... " Dat werkt prima. Dan weten we beiden wat we te verwachten hebben en gek genoeg kan een verhaal van drie uur ook in een half uur verteld worden omdat je de essentie eerder raakt en de zijpaden uit de weg gaat.
We hebben het allemaal zelf in de hand. Als ik wil stoppen met een gesprek en ik zeg er niets van... dan creëer ik de situatie zelf. Als ik zie dat iemand wegdraait met de ogen terwijl ik zit te praten, dan vraag ik... of ik nog door zal gaan of dat ik zal stoppen. Het is niet fijn om te praten tegen iemand die er eigenlijk genoeg van heeft. Dus openheid en duidelijkheid is heel prettig voor beiden.
Dan is er nog de conversatie in onszelf. Soms kunnen we in onszelf praten over dingen die we duizenden malen herhalen. Als het fijn is dan gaan we daar lekker mee door. Zodra het ergernis en irritatie oplevert, heb ik geleerd te stoppen en een ander onderwerp te kiezen. Dat is heerlijk waardoor ik dol ben op gesprekken met mezelf. Dat is één van de mooiste dingen die ik ooit geleerd heb. Het is een tijd weggeweest en kon mijn eigen gedachten niet meer stoppen terwijl ik het toch jaren wel kon. Een flinke klap en weg was dat vermogen en werd flink down. Wel goed om dat ook te ervaren en niet zo makkelijk tegen anderen te zeggen: "Nou, dan ga je toch aan iets anders denken!" Flink doorvoelen helpt dan wel maar voor je zover bent. Gelukkig is de rust weer gekeerd maar moet nog steeds mijn best doen.
Hoop dat ik jullie niet heb verveeld met deze bedenksels maar je hoeft dit stukje natuurlijk helemaal niet te lezen. Daar ben je totaal vrij in.
Kortom, als je merkt dat je gasten wel erg lang op de wc blijven is het tijd om toch eens na te vragen waarom.







Friday, January 2, 2026

Mijn opa vertelt op wonderbaarlijke wijze over zijn leven

Een paar jaar geleden zat ik aan tafel met drie zeer nuchtere vriendinnen toen ik opeens begon te praten in de ik-vorm als mijn grootvader. Ik heb hem nooit gekend. Hij kwam om in de gaskamers van Sobibor. Hij vertelde over zijn leven en zijn dood. Terwijl ik mijn opa door mijzelf hoorde praten dacht ik: "Nee, niet hier, niet bij hen... dat nuchtere stel!" ik kon het niet stoppen.

Mijn vriendinnen keken natuurlijk vreemd naar me maar herstelden zich snel en begonnen vragen te stellen waardoor hij nog meer vertelde over zijn leven. Dat wat hij gelaten had en dat wat hij geleerd had. Ook dat hij heel snel 'over' was en werd opgewacht door geliefden waardoor alles heel soepel ging.
Eerst dacht ik dat ik misschien de reïncarnatie van mijn opa ben maar twee mediums vertelden me dat mijn opa me gebruikte als medium om dat te zeggen wat hij te zeggen had. Terwijl hij sprak en vertelde zag ik alles voor me. Heel helder. Het Amsterdam van vroeger, mijn oma van vroeger... voelde zijn liefde voor zijn tweede vrouw en al zijn kinderen. Hij vertelde hoe hij zijn eerste gezin had verwaarloosd omdat hij zijn verdienste als lompenverkoper op het Waterlooplein in Amsterdam op dronk of weggaf waardoor zijn vrouw, mijn oma, geen geld kreeg om haar kinderen te voeden. Hoe hij in paniek voor een razzia zijn baby'tje aan de buren gaf in de hoop dat zij het zouden verzorgen tot ze terugkwamen. Ze is de enige die het overleefd heeft. Hij en zijn vrouw en haar eerste kindje kwamen om.
Ik vermoed dat hij mijn veel oudere vriendinnen wilde geruststellen over de dood. Twee van hen verloren ook familie in de oorlog op dezelfde manier. De derde is dochter van een vader die voor de Duitsers moest vechten wat totaal niet bij hem paste en hij kwam terug als een gebroken man. Het is een wonder dat die twee hechte vriendinnen zijn geworden. Dat is een ander wonderlijk verhaal.

Nog even over mijn opa: Hij scheidde in 1941 van mijn oma (niet joods), had al twee dochters, mijn moeder en mijn tante Annie. Hij trouwde met een joodse vrouw en samen kregen ze Sara. Zijn vrouw Racheltje had al een dochtertje Judicje van zo'n drie jaar. Samen met hen werden ze afgevoerd naar Sobibor en kwam niet meer terug. Sara is gered uit de joodse creche in Amsterdam en is drie jaar geleden weggevlogen. Ze hebben haar in hun angst aan de buren gegeven die haar aan de Duitsers gaven. Ze hoopten terug te komen en dat de buren dan op haar zou passen.

Ben er van overtuigd dat hij door me heen sprak om mijn vriendinnen te laten weten dat de dood niet bestaat. Het is daarna nooit meer voorgekomen.


Lees ook:


De zoektocht van Sara Dresden, het verhaal van Marja




















Thursday, January 1, 2026

De ideale ouders

Wat leek me dat heerlijk. Een moeder die me altijd begreep en me accepteerde zoals ik was. Die speels was en wijs en lief en toch op een eerlijke wijze haar grenzen stelde. Die er altijd voor me was en op tijd weer los liet. En oh, wat wilde ik graag een vader waar ik goed mee kon praten, die spelletjes met me deed en humor had. Die wijs was en me de weg wees maar ook weer niet zo dat ik er benauwd van werd. Precies goed. En dat ze het enig vonden dat ik op vrouwen viel en al mijn vriendinnen geweldig vonden.

Dat ik door deze ouders nooit schuldgevoelens zou hebben of me klein zou voelen. Dat ik met zelfrespect uit de baarmoeder zou komen en met zelfvertrouwen groot zou worden.
Dat dat niet zo was en naar ik hoor met de meeste mensen niet zo is maakt dat psychiaters en psychologen werk hebben, dat half Nederland de andere helft coacht en dat de pillenindustrie floreert.

Mijn ouders zijn niet de ouders zoals ik me had gewenst en nu ben ik gefrustreerd, geloof ik niet in mezelf, ben ik nog boos en leef ik niet het leven dat ik had kunnen leven als ze waren geweest zoals ik me had gewenst.

Ooit sprak ik een vrouw die bovenstaande ouders had. Ze waren volmaakt. Het enige probleem was dat ze zich nooit had hoeven afzetten tegen haar ouders en dat ze het gevoel had daarom nooit volwassen te zijn geworden zoals haar vrienden.

Op mijn drie en dertigste kwam ik er achter dat ik nu net juist die ouders had die ik nodig had in mijn leven. Ze waren perfect voor de job. Er werd zelfs gefluisterd dat ik ze ooit voor dit leven had uitgekozen. Wat??? Had ik deze ouders uitgekozen? Ik kan het me nu oprecht voorstellen. Ik had geen andere ouders kunnen hebben dan deze en ik ben ze eeuwig dankbaar met al hun gekkigheden, rariteiten, dominantie enz. Ze hoorden volledig bij mijn leven met alles er op en eraan. Het had niet anders gekund. Wat een stel was het... ze geven me nu boordevol verhalen over mijn jeugd en ik kan met liefde terugdenken aan de ruzies en razernijen en achterdocht en afwijzingen en mijn provocaties.

Ik heb er jaren onder geleden omdat ik het idee had dat ze anders moesten zijn dan ze waren. Een illusie. Net zoals zij zo graag wilden dat ik anders was dan ik ben. Op het moment dat ik ze accepteerde zoals ze waren, was het over. De strijd, het slachtofferschap.
Alle ruzies herhaalde ik jaren lang in mijn hoofd: En toen zei ze dit en toen zei ze dat en keek ze zo en mijn vader deed niets en toen was ik gekwetst en daardoor kan ik niet het leven leven dat ik wil en krijg ik nooit de juiste partner. Ik was degene die het herhaalde en herhaalde en ik deed het mezelf aan. Tot het klaar was. Ik was vrij.

Zag ineens dat dit het was en dat het goed was en dat ik zelf volledige verantwoordelijkheid over mijn leven kon nemen. Toen kwam de Liefde terug.

Je kunt in dit verhaal ook 'ouders' vervangen door 'kinderen' en dan nog eens lezen...


Fotograaf: Kees Scherer


Uit: 'Niets meer te bewijzen'