Saturday, August 30, 2025

De genen van tante Corrie

Heb ik jullie wel eens verteld van mijn tante Corrie uit Delft? Had haar nooit ontmoet maar kende haar van de verhalen van mijn moeder. Het was de nicht van mijn vader maar omdat mijn vader nooit met zijn familie om wilde gaan vond mijn moeder dat dat wel zo hoorde dus togen ze een aantal keren naar Delft om tante Corrie te bezoeken die samen woonde met een vriendin. Ma was wel nieuwsgierig hoe dat zat maar ze hadden het er niet over. Bij ruzies bitste ze mijn vader toe: "Het komt door jouw nicht Corrie dat Marja zo is. Het zit in jullie genen."

Ik was een jaar of vijftig toen ik, ook nieuwsgierig, tante Corrie eens ging opzoeken. Ze verwelkomde me allerhartelijkst en we vertelden elkaar over ons leven. Inmiddels was haar vriendin overleden en daar had ze veel verdriet van. Tante Corrie bleek ooit getrouwd maar op haar achttiende was haar man overleden. Ik vroeg haar of ze daarna ooit nog een andere geliefde had gehad. "Nooit! Dat was mijn man!" zei ze streng en begon te huilen wat ik wel sneu vond. Ze was nu in de tachtig en hield haar weduwe-schap dus flink lang vol.

Tja, toen ter sprake kwam hoe 'het' met mij zat veranderde ze van toon: "Dat vind God niet goed, dat is duivels!" Oeps, daar vloog het genenverhaal van mijn moeder door het raam.

Na de dood van mijn moeder hield ik ergens een lezing en mijn vader ging mee. Ik maakte een punt over slachtofferschap in stand houden en gebruikte tante Corrie als voorbeeld. "Hé pa, weet u nog tante Corrie uit Delft!" "wablief?" schrok mijn vader wakker vanaf de eerste rij. De hele zaal riep: "TANTE CORRIE UIT DELFT!!!"

Inmiddels is gebleken dat het niet de genen van mijn vader zijn maar die van mijn moeder maar dat is een ander verhaal. Als ze dat zou hebben geweten...


Friday, August 29, 2025

De ritueel verknipte BH

In de vrouwenbeweging was het mode om geen BH te dragen. Waarom zo'n benauwd ding aan om mannen te behagen? Nee, dat deden wij niet. Ik had nogal zware borsten maar dat maakte me niet uit dus ik liep frank en vrij zonder BH. Maar na een aantal jaren werden ze wel erg zwaar dus ik begon toch een BH te dragen om ze wat te helpen maar tegelijkertijd ontwikkelde ik een flink minderwaardigheidscomplex over van alles maar ook over mijn borsten. Ik durfde niet eens een lingeriewinkel in om een bh te kopen.
Op een dag kon ik het echt niet meer uitstellen en toog met een vriendin om me te ondersteunen naar Hunkermuller. We liepen binnen en de vrouw achter de kassa riep meteen: "Mevrouw voor u hebben we niets hoor!" Totaal overstuur verliet ik de winkel met mijn troostende vriendin. Vanaf die tijd durfde ik helemaal niet meer en ik deed 't met twee BH's die eigenlijk te krap zaten. Na een jaar of twee vatte ik al mijn moed samen en ging een klein winkeltje in de stad binnen. Had al een paar keer door het raam gekeken, zag een grijze dame aan het werk en dacht die is vast heel aardig.
Binnen gekomen zei ze inderdaad heel vriendelijk: "Gaat u maar vast naar het hokje dan zoek ik wat voor u uit." Terwijl ik half naakt in het hokje stond kwam ze weer binnen slaat verschrikt haar hand voor haar mond en roept: "Ooooooh mevrouw wat heeft u uw borsten verwaarloosd, hier heb ik echt niets voor." Ik griste mijn bh en mijn shirt bij elkaar, deed mijn jas er over heen en kwam huilend thuis.
Vanaf het moment dat ik met spiritualiteit bezig ging was ik in één keer ik van al mijn complexen af en had geen enkele moeite om een BH te kopen en intussen waren er waarschijnlijk meer vrouwen met borsten als de mijne want men reageerde normaal hoewel het nog steeds geen hobby van me was.
Ik kreeg last van mijn schouders en toen een vriendin die minder zware borsten had dan ik vertelde dat ze een borstverkleining zou ondergaan dacht ik: "Ja, dan doe ik het ook. Dit is het moment" In het OLVG was een Surinaamse verpleegster en voor de operatie vroeg ze: "Zullen we de BH ritueel doorknippen?" Ik vond het een geweldig idee... nadat ik het gigantische exemplaar een aantal keer flink had rondgezwaaid knipten we 'm door. Het voltallige personeel van de afdeling zwaaide me uit terwijl ze me naar de OK rolde, wat een schatten.
Na de operatie ging ik van 80G naar 80B, geen zware schouders meer, kon jasjes aan die ik nooit eerder had kunnen dragen en voelde me stukken lichter.
Nu moest ik het nog aan mijn moeder vertellen. Die was altijd totaal overstuur als ik iets nieuws ging doen of nou ja... wat dan ook. Ik had haar niet verteld over de operatie en vanuit het ziekenhuis gebeld alsof er niets aan de hand was. Maar ja... ze zouden komen eten en ik trok iets wijds aan om heel rustig de boodschap te brengen. Ze zag het meteen: "Wat ben jij ineens slank?" Ze keek nog eens en riep uit: "Je hebt het laten doen!!!!" Oh, dacht ik: 'nu komt het'. "Ooooh wat goed, als ik jong was geweest had ik het ook laten doen!"
Even hadden we een heerlijk wezenlijk contact, wat toen niet vaak meer gebeurde. Wat een verrassing, dat was nog het grootste cadeau.




Biologie en de gele jas

Vond de foto van de gele jas. Het was een enorme jas en ik was er heel blij mee. Er zaten ook grote zakken in. Daar hou ik van en ik stop er van alles in... geld, zakdoekjes, papier en nou ja noem maar op. In de tijd van de gele jas, van mijn zestiende tot mijn achttiende, werkte ik bij het Sociaal Fonds Bouwnijverheid en op een dag deed ik mijn jas aan midden op het kantoor en dacht wat zit er nu in? Het was een pornoboekje en ik schrok natuurlijk en geneerde me omdat iedereen zag wat ik uit mijn zak had gehaald.
Thuis gekomen gaf ik het aan mijn moeder die een horrorgil slaakte en ze gooide het boekje tegen het plafond van schrik.
Een paar dagen vond ik elke middag zo'n boekje in mijn zak en de boosdoener bleek een chef van een andere afdeling. Die werd tijdelijk geschorst en moest zijn excuses aanbieden. Zag hem jaren later nog wel eens lopen op de Albert Cuijp... een krullenman met een guitige blik.
Ach mijn moeder was fel tegen dat soort boekjes. We logeerden bij mijn grootouders en opeens hoorde ik net zo'n gil als toen. Ma vond bij het schoonmaken van een kast pornoboekjes. Ze ging vreselijk tekeer tegen mijn grootouders hoe ze dat soort troep in huis konden hebben. Oma antwoordde: "Dat is biologie, Greet!" maar mijn moeder zag er de biologie niet van in.
Toen ma zo'n moeite had met mijn 'lesbischiteit' belde mijn oma me op. "Ik begrijp je wel, hoor Marja... ik lees namelijk biologieboeken."
Op de foto de gele jas... schrijf het er maar even bij omdat het een zwart wit foto is:). Ma had haar namaak oselot aan, dat jullie niet denken dat ie echt was.







Eerste stappen in een wereld vol kleur

De allereerste keer dat ik aanbelde bij de dancing van het COC in de Korte Leidsedwarsstraat naast de Oesterbar was ik zo vreselijk bang. Waar zou ik terecht komen? Hadden alle vrouwen snorren? Ik had geen idee wat me te wachten stond. Trillend ging mijn wijsvinger naar de bel.
Binnengekomen stevende ik op de bar af en begon aan de martini's. Na drie glazen durfde ik de barman te vragen of er ook vrouwen kwamen. Ik zag alleen maar mannen wel bekende mannen zoals Harrie Mulisch. Ik vroeg me af wat die daar nu te zoeken had. Hij zat altijd naar de vrouwen te kijken. Later bleek dat hij een boek had geschreven: 'Twee vrouwen' daarna zag ik 'm niet meer. Hij deed waarschijnlijk inspiratie op.
Ik vroeg aan de barman: "komen hier geen vrouwen?" hij wees achter me en zie: er was nog een bar en daar zaten vrouwen. Hele leuke aardige gezellige vrouwen en de meeste zonder snor. Enigszins wiebelig van de martini's ging ik er op af.

Daarna begon een nieuw leven. Ik danste elke nacht tot vier uur op heerlijke Motown en 70er jaren muziek. Kwam vriendelijke mensen tegen die me hartelijk omhelsden. Dat kende ik niet en ik genoot er met volle teugen van. Om vier uur werd ik er uit gezet terwijl Rudy Carell zong over een laatste biertje voor je me de kroeg uitsmijt. De volgende ochtend weer vroeg naar mijn werk waar ik mijn roes uitsliep. In het begin woonde ik nog bij mijn ouders die natuurlijk elke nacht weer ongerust waren. Dan was het muisstil in huis en donker. Ik schuifelde naar binnen, hopend dat ze sliepen. Plots ging het licht aan: "Waar kom jij vandaan?" Ai, ik probeerde me nog recht te houden maar viel natuurlijk meteen door de mand. Die arme ouders van me die hebben wat met me te stellen gehad.

Binnen de kortste tijd deed ik vrijwilligers werk bij het COC. Ze vroegen of ik naar de radio wilde om een interview te geven. Dat deed ik wel en ze gaven me een telefoon en wie had ik aan de lijn? Robert Long! Inmiddels een icoon in die tijd waar we heel blij mee waren. Zijn liedjes hebben heel wat goeds gedaan voor de homo-emancipatie. Ik schijn iets stoms gezegd te hebben op de radio wat ik hier niet ga herhalen maar iedereen was boos op me toen ik terug kwam. 

Op de dansvloer danste een groepje mannen en vrouwen en als zij dansten hing er licht om hen heen. Vol bewondering keek ik naar ze tot één van hen me ten dans vroeg. Daarna hoorde ik ook bij het groepje en dat voelde zo goed. We deelden snoepjes uit in de tram en rolschaatsten door het Vondelpark. Een soort verlate hippies. Heb met een aantal van hen nog steeds contact. Nu allemaal 'nette' oudere dames en heren. 

In de soos boven de dancing kwamen af en toe jongens binnen die amok maakten. Eén keer kwam een groep binnen die tegen de lampen begonnen te slaan. Ik nodigde ze uit koffie met me te drinken in een aparte ruimte. Enigszins verbaasd volgden ze me en ik trakteerde ze op koekjes bij de koffie en vertelde mijn verhaal. Ze luisterden heel zoet en we namen hartelijk afscheid. Werkt niet altijd maar toen wel. 

 


Thursday, August 28, 2025

De verdwenen salade

Mijn vriendin zei: “we hebben zaterdag afgesproken met onze vriendinnen ergens aan de Vecht te eten.” “O, leuk”, zei ik want ik vind de Vecht prachtig.
“Het is in een heel speciaal restaurant” zei ze voorzichtig, want ze kent me.
“Hoe speciaal?” vroeg ik achterdochtig…
“Nou met een chefkok en haute cuisine..”
“Toch geen liflafrestaurant?”
Ik hou van lekker volle borden met mogelijkheid tot Vlaamsche friet en een lekker visje. Of iets vegetarisch en liefst nog macrobiotisch… als mijn bord maar vol ligt. Heb ooit eens ergens gegeten voor heel veel geld en daar kreeg ik een vierkant blokje dat aardappel bleek te zijn en een stukje gras mooi gedrapeerd over een lik honing. Kosten vijftig gulden toen nog, waarna we naar de snackbar zijn gegaan om echt te eten.

Mijn vriendin vond het wel spannend om het restaurant te bezoeken en na wat mokken gaf ik me over en we gingen. De ambiance was prachtig en onze vriendinnen zaten al aan de wijn. Ik had ze lang niet gezien en er was veel bij te praten. Dat was wat ingewikkeld want om de haverklap kwam de serveerster ons vertellen wat er allemaal in de gerechten zat. Dat duurde wel een kwartier per gerecht. Het aantal ingrediënten hadden ze weten samen te persen tot vingerhoedformaat. Bij de eerste gang kwamen er inderdaad precies drie vingerhoedjes naast elkaar op een bordje.

De serveerster zei: "links van u is de salade". Ik keek links maar zag niets. Onze vriendin aan de linkerkant zat te knikken maar ik zag bij haar ook geen salade. Links van haar stond een prachtige kast dus ik dacht misschien zit daar de salade in… niets. Ik zei tegen de serveerster: “ik zie geen salade” waarop ze wees naar het linkervingerhoedje. Dat is de salade.

Daarnaast een vingerhoedje van kastanjes gedrapeerd door twee flinterdunne uischilfertjes. En daarnaast een roze vingerhoedje dat zo moezig was dat het niet meer definieerbaar was.

Toen moest er wijn worden gekozen.
Vriendin A was degene die de wijn proefde voor het geschonken werd. Ze is expert op het gebied want ze heeft cursussen gevolgd in Frankrijk. Professioneel zette ze het glas aan haar lippen en nam een slok. Ongeveer drie minuten liet ze de wijn door haar mond gaan. Het hele restaurant viel stil en ik voelde de adem van de serveerster en alle andere aanwezigen stokken. Ook het mijne zat ergens in mijn keel… eindelijk slikte A de wijn door en knikte geruststellend. Het was goed. Als één ademde het restaurant uit. “Dat was spannend”, verzuchtte mijn vriendin. En dat was het ook. Een regelrechte thriller want ik was als de dood dat de wijn terug moest. Dat heb ik van mijn moeder. Die durfde geen mayonaise bij het eten te vragen in een restaurant en we moesten allemaal ons bord leeg eten anders zou de ober boos worden.

Daarna kwam een krab-iets met allerlei ingewikkeldheden erin. Een veeg mayo als kunstuiting er naast gesmeerd op een leien bord. Dat leien bord was een kunststuk op zich. Het krab-iets smaakte precies als huzarensalade uit een pakje en daar had ik het bij moeten laten. Want die krab bleef ergens boven mijn maag steken.

Ik moet zeggen de dorade van vijf centimeter was verrukkelijk en het ronde aardappelachtige ringetje dat er op lag met het gat in het midden was zalig.

Tamme eend was het vierde gerecht. Hoe ze die eend tam hadden gekregen, ik weet het niet. Ze hadden hem waarschijnlijk pootjes leren geven en in huis gehouden. Tot het moment dat de topkok dacht… nu is het moment en hem de nek omgedraaid. Nu lag hij in vijf ministukjes op mijn bord met een piepklein aspergetje, dat mijn vriendin stiekem van mijn bord griste. Ik denk dat ze trek had.

Eigenlijk voelde ik me toen al niet zo goed maar ik vond het zonde om op te geven. Tenslotte had ik mij nog niet vol gegeten en ik vermoedde al dat de rekening niet gering zou zijn.

Uiteindelijk kwam het toetje dat zo dampte van het stikstof dat ik het niet durfde aan te raken. Het bleek koud dus dat viel mee. Boven het enorme rookverspreidende glas lag een piepklein glaasje met chocolade. Daar ging het helemaal mis. Niet alleen omdat ik mijn vriendinnen niet meer kon waarnemen maar ook omdat ik naar buiten moest rennen omdat mijn maag nu wel erg opspeelde.

Jammer, de koffie kon ik niet meer aan en de schaal met prachtige bonbons moest ik laten. Gelukkig had ik mijn humor nog toen de rekening kwam van tweehonderdendertig euro. Het was een aanbieding, normaal was het vierhonderdenzestig, het dubbele. Terug in de auto, racende om snel op mijn eigen wc te kunnen losgaan, zeiden mijn vriendin en ik tegen elkaar: "we hebben wel gelachen voor dat geld."








Wednesday, August 27, 2025

De Kracht van Gedachten

Dit artikel werd op 3 oktober 2009  geplaatst in het Financieel Dagblad.

“De herfst komt eraan dus ook de melancholie en daarna de depressie!” Deze week hoorde ik deze opmerking in verschillende variaties. Een gevaarlijke planning want gedachten hebben kracht en hoe vaker je het denkt hoe meer je het voedt.
Voor mijn drieendertigste had ik gedachten met een enorme negatieve uitwerking. Ik dacht me zelf lelijk, dacht dat ik er niet zoveel toe deed, dacht dat mensen een straatje omliepen als ze me zagen en dacht dat ik niet interessant en aantrekkelijk genoeg was om een relatie mee te hebben. Iemand had inderdaad tegen me gezegd dat ze een straatje omliep als ze me zag en dat werd een gedachte die ik op iedereen projecteerde. Deze gedachten maakten dat ik zo rond mijn dertigste niet meer wilde leven. Als ik foto’s zie uit die periode dan zie ik een vrouw met een harde kop en een kwade blik. Ik dacht mezelf slachtoffer van de wereld. Geen aantrekkelijk iemand om een relatie mee te hebben of in dienst te nemen. Ik had dan ook geen werk, had veel ruzie en gaf iedereen en mezelf de schuld.
Nu coach ik met mensen die de zelfde soort gedachten hebben:  Mijn collega’s deugen niet, mijn werkgever heeft de pest aan me, mijn werknemers zijn lui, ik kan eigenlijk geen leiding geven, als ze er maar niet achter komen en er iets aan doen heeft toch geen zin. Zulke gedachten vibreren miljoenen malen per dag door heel wat hoofden heen. Gevolgen: slechte relatie met collega’s, medewerkers en thuis. Angst voor ontdekking van wat dan ook… hartkloppingen, somberheid en slechte gezondheid door weinig slaap van het piekeren, te veel of te weinig eten, roken, drinken en een vermoeide, zware uitstraling. Het gaat vaak om flarden oude gedachten die niet eens van onszelf zijn. Zoals de man die zijn vader nog in zijn hoofd had zitten: “Er moet gewerkt worden en verder geen onzin”. Hij ging nooit op vakantie want dan voelde hij zich schuldig.
Gedachten hebben kracht en dat blijkt ook uit hoe onze maatschappij functioneert. Bankdirecteuren denken dat ze gigantisch meer geld nodig hebben om te leven dan pak weg iemand die demente ouderen verzorgt of de telefoon beantwoord voor de belastingdienst. Dat soort gedachten leidde tot de kredietcrisis. Er zijn mensen die denken dat andere mensen minder rechten hebben dan zijzelf en dat leidt tot discriminatie en oorlogen.
Gelukkig kan het anders en is het mogelijk de boel om te draaien. Toen ik daarachter kwam was ik verbijsterd over zoveel simpelheid. Natuurlijk, ik kan mijn gedachten kiezen. Hier en nu. Het was wel oefenen want ik was een expert geworden in negatief denken in al die jaren praktijk. Toch ging het sneller dan ik dacht want ik was zeer gemotiveerd. Elke dag zat ik een aantal keer op een stoel bewust te kijken wat ik nu dacht. Dan zag ik ze langs komen en dan dacht ik: Hoe vaak heb ik dit gedacht? Duizenden malen. Wat heb ik er aan gehad? Niets. Waar heb ik wel wat aan? Bij de laatste vraag brak ik door de negativiteit heen en werd mijn gedachte constructief. Dat voelde meteen beter. Na twee weken doorzetten zag ik ineens weer de prachtige gevels van Amsterdam in plaats van alleen de poep op de stoep. 

Ik ontmoette nieuwe enthousiaste mensen en verlegde mijn focus op wat mogelijk was in plaats van onmogelijk. Ik dacht: ik kan in ieder geval een cursus doen en deed het. De nieuwe gedachten zorgden ervoor dat mijn leven in een stroomversnelling kwam. Eerst een cursus shiatsu, meditatie, een opleiding, een shiatsupraktijk en nu geef ik zevenentwintig jaar lezingen en trainingen, coach mensen hun leven en werk te bezielen, schreef het boek 'Placebo's en fluitende fietsen' en als je me toen gezegd had dat ik dat ooit zou doen, zou ik cynisch gelachen hebben: “Ik? Nee, dat kan ik niet, je bent gek”
De ommekeer kan snel gaan. Als mensen met hun kop tegen de muur lopen en aan het eind van hun Latijn zijn is de motivatie des te groter. Jaren van negatief denken worden getransformeerd omdat men nu bewust voor gedachten kiest. Er is een diep besluit voor nodig en een vastbesloten gedachte: Vanaf dit moment ga ik het anders doen! Wat voor leven wil ik?. Ga zitten en observeer je gedachten: wat denk ik nu? Hoe vaak heb ik dit al gedacht in mijn leven? Heb ik er wat aan gehad? Zo niet, waar heb ik wel wat aan? Die gedachte brengt je meteen in een constructieve staat en dat heeft effect op je lichaam, je uitstraling, je houding en op anderen. 
Je zoekt in welke periode je wel groeide en bloeide en hoe dat kwam. Wat dacht je toen? Wat deed je? Wat maakte dat je geïnspireerd raakte? Hoe voelde je je toen? Zo haal je jezelf terug naar je basis en vandaar uit begin je opnieuw. Maak er een project van zoals je een project maakt voor een bedrijf of een school. Dit keer ben je zelf de doelgroep. Als je krachtig negatief kunt denken is het ook mogelijk diezelfde kracht te gebruiken voor een constructieve manier van denken. Beiden hebben gevolgen. Wat je zaait zul je oogsten.
Ik zie mensen trillend van ellende voor me zitten met het idee dat het nooit meer goed komt. Na een maand of drie zijn zij de genen die mentor zijn van collega’s die het niet meer zien zitten. Ze hebben zich zelf bij elkaar gepakt… verwerkt wat er te verwerken valt, uitgepraat wat er moest worden uitgepraat, gedachten gewikt en gewogen, uitgeademd en zien de humor in van de situatie.
Mijn cliënten ondersteunen zichzelf door andere denkkeuzes te maken, boeken over het onderwerp te lezen, lezingen, gaan anders met tijd om, stoppen met zeurgesprekken: “Heb jij het ook zo moeilijk, nou ik nog moeilijker.” Ze praten open met collega’s en geliefden over zichzelf en ademen spanning uit. Geen ingewikkelde yoga oefeningen voor nodig. Zoek regelmatig de natuur en de stilte op.
Helpt positief denken? Ja, maar kijk uit voor vals positief denken. Een bedrijf dat wil dat iedereen positief denkt klinkt geweldig. Als dat betekent, dat alles positief moet worden gezien en kritiek wordt genegeerd, dan is dat geen positiviteit maar terreur met een positief sausje. Dat zie ik in veel organisaties gebeuren. Dan mogen een aantal hardwerkende en enthousiaste werknemers het nieuwe idee implementeren en na een half jaar zie ik ze uitgeblust en afgebrand terug omdat het op de werkvloer niet blijkt te werken. De enthousiaste glimlach is nu vals en de twinkelende ogen dof. Als ze voorzichtig opperen dat het in de praktijk anders is en niet uitvoerbaar, krijgen ze te horen: “Wat stel jij je negatief op.” en houden verder hun mond uit angst voor hun baan. Of iemand die constant zegt hoe geweldig het gaat terwijl je voelt dat het niet klopt.
Als je positief denkt en dat daarom je nooit iets zal overkomen kom je bedrogen uit als je toch ziek word of een geliefde overlijdt. Dan kan het positieve omslaan in bitterheid. Ja, maar ik heb nog zo positief gedacht en moet je nou zien. Verdriet hoort ook bij het leven en als we het diep voelen en niet wegduwen maakt het ons volwassen en wijs. Zoals een vriendin die kanker had en zei: “Ik had het nooit willen missen.” Ze gebruikte de zware periode om haar leven te verdiepen. Een aantal vriendinnen verloor kinderen en maakte echtscheidingen door. Zij zijn mijn voorbeelden. De manier waarop zij hiermee omgaan is ongelooflijk. Ze zijn jaren geleden door de hel gegaan en ze hebben het overleefd. Nu zijn ze wijs, spiritueel, lekker gek, af en toe voelen ze hun verdriet zeer heftig. Ze gaan het verdriet niet uit de weg maar blijven ook niet hangen in slachtofferschap. Het zijn zeer zelfbewuste vrouwen. Hoe kan je de kracht van gedachten gebruiken om prettiger in het leven te staan en moeilijke of afschuwelijke situaties op een andere manier doorstaan? Hoe kan je er mee omgaan dat je jeugd niet was zoals je het had gewild of dat je ontslagen bent. Dat je al je geld kwijt bent op de beurs.
Ook in mijn leven gebeuren natuurlijk pijnlijke zaken. Zoals de dag dat een vriendelijke, oprecht klinkende man belde en vroeg of ik iets aan mijn pensioen had gedaan. Hij was van een gerenommeerde bank. Ik dacht: ja, dat moet ik een keer regelen. De man verzekerde me, op mijn aandringen, dat het onmogelijk was in de min te komen. Het was sparen en beleggen in betrouwbare fondsen. “Ja, doe maar” zei ik naïef. Het Dexia debacle. Toen ik na jaren maandelijks geld storten er achter kwam dat ik niet aan het sparen was maar een lening terugbetaalde en dat ik nog jaren door moest betalen voor iets wat ik nooit had gehad en nooit zou krijgen was ik totaal verbijsterd. Woede, tranen en verscheurende spijt. Heb ik daar al die jaren voor gewerkt? Hoe kan ik zo stom zijn? Toen ik flink was uitgehuild en een advocaat had ingeschakeld, besloot ik: ik eet nog, ik loop nog en ik kan nog werken. Ik ga hier niet mijn leven door verpesten en er ziek van worden. Ik ga kijken wat ik kan doen. Daarna was ik vrij. Weer wat geleerd.
De gedachte: ‘ik ga wat me is overkomen goed verwerken’ is een zeer krachtige gedachte. Je kunt gillen schreeuwen, praten, lachen… de spanning verlaat het lichaam en dan kun je weer beter keuzes maken. Als je door de pijn heen gaat blijft het minder lang hangen. Gedachten als: Ik adem rustig uit en ik doe wat nodig is. Ik ga een training mindfulness volgen of in retraite, zijn gouden gedachten en als je het ook nog doet ben je al een stuk verder. Je kunt je voeden met levensgeschiedenissen van Mandela en anderen die door de hel gingen en toch iets wezenlijks bijdroegen aan de wereld. Deze mensen inspireren miljoenen. Als zij het kunnen na zevenentwintig jaar gevangenschap, waarom jij niet op je werk en in je dagelijks leven? Denk je nu: ja maar wat heb ik nu voor invloed op de wereld? Jouw uitstraling doet iets met anderen en je hebt geen idee hoe groot je impact is. Het is  jouw keuze welke kant dat opgaat.
In mijn boek schrijf ik over de keer dat ik op de fiets zat en de eerste merel dat jaar hoorde. Ik genoot ervan en ongeveer een kwartier later kwam ik er achter dat die vogel een piepende fiets was die voor me reed. Ik had een kwartier lang genoten van een piepende fiets. Ik lag dubbel van het lachen over mijn stuur. Het deed me denken aan het placebo effect. Een psychiater vertelde op tv dat hij mensen naar alternatieve therapieën stuurt. “Als men denkt dat het helpt dan werkt het”, zei de man. Een andere wetenschapper vond dat je dat niet kan doen, dan neem je de patiënt in de maling en je mag ze niet bedriegen. Je kunt beter antidepressiva geven. Dat mensen denken dat iets werkt wil zeggen dat gedachten kracht hebben. Wat zou het geweldig zijn als dat op scholen al wordt onderwezen en we van jongs af aan leren daar gebruik van te maken.
Bob is leidinggevende van zes mensen en als de dood voor zijn baas. Als hij tegenover hem zit, voelt hij zich kleintjes. Een blik van de man doet hem in elkaar krimpen. Tegenover zijn personeel probeert hij zich groot te houden maar hij heeft voortdurend het idee dat ze hem doorhebben. Ik kan het niet, denkt hij elk uur van de dag. Bob is tegen een burnout aan. We onderzoeken zijn gedachten en welke uitwerking ze hebben op zijn lichaam en uitstraling. De volgende keer zit hij tegenover zijn baas en terwijl hij rustig uitademt, blijft hij de man aankijken. Hij gaat er goed stevig bij zitten. Van binnen nijgt hij tot krimpen maar hij zet door terwijl hij denkt: We zijn gelijkwaardig! Ondertussen ademt hij rustig door. Op dat moment, terwijl hij zijn knieën voelt trillen, ziet hij iets veranderen in de ogen van zijn baas. Het dominante gaat er wat af en er schijnt respect door. Dat geeft Bob weer extra kracht, hij ontspant en het gesprek loopt totaal anders dan vroeger. Deze ervaring maakt dat hij hier meer mee gaat experimenteren. Ook naar zijn personeel. De gedachte: we zijn gelijkwaardig… heeft een enorm effect. Tegenwoordig is Bob leidinggevende van vijfentwintig mensen en het gaat hem gemakkelijk af. Hij respecteert zijn personeel en zichzelf.
Als je je nu ongerust maakt over je aankomende herfstmelancholie en je winterdepressie aan het plannen bent: het kan natuurlijk een stofje in je hersens zijn. Het zou ook kunnen dat je jezelf de depressie indenkt. Wat is er eerder het stofje of de gedachte? Gedachten hebben kracht!






Saturday, August 23, 2025

"Marja, bewust leven hoor!"

Mijn moeder zei vaak: "Marja, bewust leven hoor!" "Ja hoor" antwoordde ik verveeld en dacht er verder niet over na. Mijn moeder zei wel es meer wat. Ze zei bijvoorbeeld ook: "Ik weet dat we allemaal één zijn... allemaal, niemand uitgezonderd." Ze zei dit als ze haar wijze zelf was en ze oefende er ook mee. In de tram bijvoorbeeld dan glimlachte ze iedereen toe en had met iedereen praatjes. Als ik wel eens vrienden en vriendinnen thuis had uitgenodigd, zaten ze in een grote kring om haar heen naar haar te luisteren. Ze vonden haar geweldig. Ik zat te kniezen van jaloezie. Woedend was ik: 'Laat ze van mijn vrienden afblijven die komen voor mij!' Terwijl ze zat te vertellen over éénheid en de kracht van gedachten was ik de enige die niet luisterde.

Nu ben ik degene die het heeft over bewust leven en over de kracht van gedachten. Ik heb geen dochter die in een hoekje zit te kniezen of haar ogen laat rollen van: "Daar heb je haar weer..."
Wie had ooit kunnen denken dat ik het over zou nemen?






Streng toch bang en de Hari Krishna's

Fietste net langs mijn oude school. Die was alleen voor meisjes met flinke stevige docentes die van wanten wisten en waar ik behoorlijk bang voor was. De directrice was ook een stevige dame met een hele lage stem die prachtig Engels sprak. We hadden groot ontzag voor haar. 

Eén klasseavond zal ik nooit vergeten. Ze hadden de Hari Krisna's uitgenodigd die vertelden over Krisna en reïncarnatie en ik vond het allemaal heel interessant. Las toen al boeken over spiritualiteit dus het ging er in als koek. Natuurlijk zongen ze ook hun mantra en we zongen allemaal van harte mee en tot mijn grote verbijstering onze directrice ook. Ze stond er vol overtuiging bij te dansen. We kregen allemaal een uitnodiging om naar een feest te komen met lekker eten. Ze hadden hapjes bij zich die ik verrukkelijk vond. Had nog nooit zoiets lekkers gegeten. Thuis gekomen vertelde ik enthousiast over mijn avontuur en over het feest. Ik zong de mantra en kon niet meer ophouden. Mijn moeder heeft me nog nooit geslagen maar toen wel. Ze wilde me wakker krijgen... ik mocht niet naar het feest. Dat werd grote ruzie en ja mijn moeder was natuurlijk als de dood dat ik bij de sekte zou gaan. Zelf las ze ook boeken over spiritualiteit maar dit ging haar te ver. Ben inderdaad niet gegaan wat ik heel jammer vond.

Ach, ik bakte er niets van op school en werd vervelend. Van een heel lief verlegen meisje begon ik de juffen uit te dagen. Niet onze directrice want dat vond ik te eng. Op een dag zat ik in de klas en ze zei met haar diepe stem: "Ik noem geen namen Marja Ruijterman maar als je nog één keer de gore moed hebt!" Ik bleef zitten en mijn moeder zei: "dan ga je maar werken!" Zo geschiedde het dat ik op mijn vijftiende ging werken bij het Sociaal Fonds Bouwnijverheid als administratieve kracht. De directrice stierf vrij snel nadat ik van school ging en we gingen naar haar crematie. Weet nog dat het gordijn flink op bolde en we schrokken ons 'dood'. Zou ze??? 

Vele vele jaren later toen ik shiatsu-masseur was kwam de vriendin van onze directrice voor een behandeling. Ik herkende haar direct. Ze was de inspectrice van school... een streng uitziende dame die altijd mannenpakken droeg. 

Tja, nu lag de inspectrice op mijn behandeltafel en ze was nog zo verdrietig na al die jaren dat haar vriendin er niet meer was. Ze vertelde dat onze directrice, die flinke vrouw waar we allemaal bang voor waren, bang was voor muizen en dat ze zich op het balkon opsloot als er een muis was gesignaleerd. Dat gaf even een ander beeld. Zo zie je maar we hebben allemaal meerdere kanten en onvermoede angsten. 





Bijzondere ontmoeting

Eens bezocht ik een vergadering van vrouwen voor vrede. Was er nooit geweest, kende er niemand en zat alleen koffie te drinken. Tot een prachtige grijze oude dame me kwam omhelzen. “Ooooh wat leuk dat ik je weer zie. Wat heerlijk!”
Ze wist mijn naam niet, toch wist ze zeker dat ze me kende en dat ik zelfs bij haar thuis was geweest. Ik had geen idee. We zochten en zochten en ondertussen kregen we een prachtig gesprek over het leven. Waar we elkaar nu van kenden, daar kwamen we niet achter.

Een week later kreeg ik een kaart van haar. Ze had haar boekenkast opgeruimd en vond mijn naam in een map. Ze was twintig jaar daarvoor de examinator geweest op de sociale academie de Cicsa. We hadden elkaar maar een uurtje gezien. In die tijd was ik erg radicaal en vond dat iedereen alleen moest wonen. Zelfstandig en onafhankelijk zijn en met je zelf leren leven. Daar ging mijn scriptie over.
Mijn docente was echter net samen gaan wonen en was kwaad over mijn idee. Ze wilde me een dikke onvoldoende geven en vroeg heel gemene steken onder water vragen.
 
Nu vertelde de vrouw dat ze toen net gescheiden was en zij voelde zich gesterkt door mijn verhaal.
Ik weet nog goed dat ze met z’n tweeën aan het bakkeleien waren. De examinator zei dat mijn docente haar gram aan het halen was in plaats van objectief naar de scriptie te kijken. Zij stond erop me een voldoende te geven. Ze won en gelukkig werd het een zeven. Scheelde me een jaar over doen. Ze had toen nog een prachtige lange zwarte vlecht kan ik me herinneren.
We zijn een aantal jaren vriendinnen gebleven.


Uit: Niets meer te bewijzen



Tuesday, August 19, 2025

Dag mefroi!

Mijn oma was op haar dertiende dienstmeisje bij 'voorname' mensen op het Roelof Hartplein. Zelf groeide ze op met een grote familie bij de Nieuwmarkt. Het was een schat en ik zag haar altijd als lief maar een beetje dom. Als we bij haar logeerden haalde ze me midden in de nacht stiekem uit bed en liet haar zelfgebakken appeltaart proeven met een heleboel slagroom. "Niet tegen je moeder zeggen hoor". Ze sprak Amsterdams met heel veel fouten. (Ik ook maar dat had ik nog niet door...). Ze loodste haar twee half joodse kinderen door de oorlog heen en hield ze in leven ondanks de honger. Na de oorlog opende ze een winkeltje op de ten Katemarkt in Amsterdam, kocht oude meubels, lapte ze op en verkocht ze weer. In die tijd heb ik haar niet meegemaakt.

Zoals ik al schreef ze was lief en vond haar wat dommig. Als er een vreemde binnen kwam trok ze een keurig mondje en zei: "Dag Mefroi..." dat vond ze chique. Toen we een keer in een restaurant zaten vroeg ze aan de ober of ze mocht helpen afwassen. Ze meende het echt... dat vond ze fijn. Ze was liever de afwaster dan de restaurantbezoekster.
Ze vertelde af en toe dat ze Jezus had gezien en ik nam het niet serieus... "Ja hoor, oma" reageerde ik dan. Eén keer nam ik haar in de maling. Ik was een jaar of veertien en sprak haar na. Ze draaide zich om, keek me recht aan en zei: "Ik heb je wel door... je denkt dat ik dom ben... nou wacht maar... neem me maar in de maling! Ik ben slimmer dan je denkt!" Het bloed trok uit mijn gezicht weg en schaamde me diep. Weet niet meer of ik mijn excuses heb aangeboden. Daarna was ze weer haar lieve zelf.
Oma Christien was altijd wel voor een dansje te porren net als mijn moeder. We hoefden maar een quickstep te horen of hup daar gingen we de kamer door. Oma zou in deze tijd op het podium hebben gestaan waarschijnlijk ergens in een café in Amsterdam. Ze had na de oorlog een winkeltje met oude opgeknapte meubels en tapijten op de Ten Katemarkt. Als de vrouw die een kraam had voor haar winkel niet genoeg hoedjes verkocht ging oma op de kraam staan en een liedje zingen.
Wat vind u nu wel van mijn mooie hoedje mevrouw,
Staat ie me nou?
Zeg het me gauw,
Zet ik 'm zo dan heb ik sjans
Zet ik 'm zo dan ben ik Frans.
Nou dan vlogen de hoedjes weg.
Ze werden ooit uitgenodigd voor een soort feest bij Ons Huis in de Rozenstraat en er werd iemand op het podium gevraagd om een bh te showen. Mijn moeder siste: 'Je doet het niet hoor' opa siste 'Nee, Christien!' maar Christien trok zich nergens wat van aan en voor ze het wisten stond ze op het podium. Mijn moeder en haar stiefvader konden het niet aanzien en stonden in de gang te wachten.
Dan zaten we in de kamer en opeens kwamen mijn moeder, tante en oma in hun nachtjaponnen binnen al zingend en dansend ook hier schoot iedereen in een kramp want de nachtjaponnen waren flink doorschijnend en daar hadden ze geen erg in. Als mijn moeder het had geweten had ze het nooit gedaan want ze was erg preuts.
Oma had een kist met allerlei verkleedspullen en mijn nichtje en ik zochten hoedjes en shawls uit en oma deed mee. Ach, je kon haar geen groter plezier doen. Tranen in haar ogen van het lachen of van ontroering als mijn nichtje en ik een liedje zongen. Ik net effe later dan mijn nichtje want die was groter en die zong zo goed. 'Sur le pont d'Avignon' geen idee wat ik zong maar er hoorde een dansje bij in het rond. Midden in de nacht haalde ze me uit bed om me een enorm stuk zelfgebakken appeltaart met slagroom te geven: "Niet tegen je moeder zeggen hoor!" Ik keek wel uit.
Een keer kreeg mijn oma mij kwaad. Boven haar woonden twee prachtige Hindoestaanse jongens en op één van hen was ik op mijn twaalfde verliefd. Ik keek de hele dag uit het raam of ik hem zag. Net toen ik mijn haar stond te wassen werd er gebeld en de jongen kwam binnen. Wilde paniek, want hij mocht me zo niet zien en ik hoorde mijn oma zeggen. "Marja wast haar haar en ze is zo verliefd op je." Mijn schaamte en mijn woede waren groot.
Wat was ik dol op haar. Op haar sterfbed kwam de priester om absolutie te geven. Ze zei: "Dat hoeft niet, ik ben al in contact met God!" Die oma van mij was zo dom niet. Integendeel!





Sunday, August 17, 2025

Comfortabele stilte

Mijn vader was een zwijger. Hij kreeg de kans niet want mijn moeder was een prater en wat voor één. Nu zat ik met hem in de auto en ik had de neiging de ruimte vol te praten. Goede oefening voor me om dat niet te doen. In het begin moest ik op mijn ademhaling letten, rustig ademen en Mar, hou je in. 

Het ging steeds makkelijker en de stilte was comfortabel. Dan na een minuut of vijf hoorde ik wat gebrom naast me... het gebrom ging over in gekuch en daar kwam de eerste zin en na die eerste zin volgden er meer. En ja hoor, verhalen over zijn leven kwamen los. Stilte loont.




Saturday, August 16, 2025

Perikelen in Parijs

Gisteren belde mijn ex om me te feliciteren. We hadden zo'n drie jaar een relatie op mijn achttiende. Zij was vier jaar ouder. Ik was erg verliefd en ach... zij niet. Toch vertrokken we samen naar Parijs met ieder vijfentwintig gulden op zak.

Aan het begin van de A2 in Amsterdam stonden we te liften en er stopte al snel een auto. We kwamen die dag in Brussel aan en daar ontmoetten we een vriendelijke jongeman die ons mee nam naar zijn huis. Daar waren een heel stel jonge mensen die ons het adres van ene Lulu in Parijs gaven, zodat we daar ook een plek hadden.
Rustig slapen lukte niet want één van de jonge mannen probeerde bij me te kruipen en ik moest 'm van me af zien te houden. Het kwam niet bij me op mijn vriendin te waarschuwen. Die bleef rustig op de bank slapen en merkte er niets van. De volgende dag liften we verder naar Parijs. Het adres van Lulu bleek een bordeel te zijn en dat durfden we niet aan.

We zwierven wat rond en daar was weer een vriendelijke jongeman die ons trakteerde op een pizza en ons de Sacre Coeur liet zien. Even later kwamen er meer jonge mannen bij en het was gezellig tot er een nieuwe groep jonge mannen aankwam. Die hadden messen, onze jongens trokken ook messen en voor we het wisten waren we betrokken bij een steekpartij. Mijn ex wilde er tussen springen maar ik trok haar weg. "Rennen!" riep ik en we renden voor ons leven met één van de mannen achter ons aan met een bebloed mes in zijn hand. We renden de trappen van de metro af en hij volgde ons een metrotrein in. Daar stonden we te trillen als een rietje. Hij hield ons in de gaten en een prachtige man uit Kameroen kwam naar ons toe en zei zacht: "kom maar met mij mee." Dat deden we en bleven een week heel hoog op een piepklein kamertje. We mochten in zijn bed slapen, hij in het midden. Hij bleef een keurige heer en raakte ons verder niet aan, bracht ons whisky en croissants 's ochtends en liet ons Parijs zien.

Na een week vonden we dat we niet langer van zijn gastvrijheid gebruik konden maken en sliepen een nacht onder een brug. Toen we al liftend weer terug waren in Nederland hadden we nog net genoeg geld om een pakje kauwgom te kopen.

Mijn ex kon haar zolderkamer niet in. Op één of andere manier werkte haar sleutel niet en ze bleef op mijn zolderkamer in hartje Amsterdam slapen. De volgende dag kwam een vriend langs om te vertellen dat er een vreemde man op haar kamer was. Wij lagen in bed en onze vriend stond over ons heen gebogen om zijn nieuws te vertellen toen plots mijn hospik binnen kwam.
Die belde mijn ouders om te vertellen dat ik orgies hield. Mijn moeder zei: "Ze kan zich beter nu uitleven nu ze zo jong is dan als ze getrouwd is zoals u!" Wat heel lief van haar was want ik kreeg later de wind van voren dat ik een losbandig leven leefde.

De man op de kamer van mijn vriendin bleek de man die me in Brussel 's nachts had wakker gehouden. Ze had hem haar adres gegeven. Hij vertrok gelukkig snel en liet een berg pornoboekjes en troep achter.

Ondertussen was zij ook verliefd op mij, ik trok bij haar in en bleven zo'n drie jaar bij elkaar. Twee jaar geleden zagen we elkaar weer na vele vele jaren en haalden onze herinneringen op waaronder deze reis naar Parijs.



Friday, August 15, 2025

Ik denk dat jij denkt...

Mijn allereerste lezing gaf ik aan precies honderdachtenzestig vrouwen van de ING bank. Het ging over stresspreventie. “Ach dat doe ik wel” zei ik stoer tegen de vrouw die me uitnodigde. Het was drie maanden voor de dag dat de lezing zou plaatsvinden. In die drie maanden werd ik steeds angstiger en de dagen ervoor sloeg mijn hart hard in mijn borst. Ik weet nog dat ik ernaartoe reed op de fiets en dat ik mezelf toe siste: “Hoe haal je het in je hoofd?” En: “ik kan nu nog omkeren en me ziek melden.” Ik reed plichtsgetrouw door. Eerst was er nog een diner. Ik kreeg geen hap door mijn keel en toen ik de trap op moest om op het podium te komen wist ik zeker dat iedereen mijn zwabberende knieën kon zien. Over stress gesproken. Daar stond ik met de microfoon in mijn handen. Honderdachtenzestig vrouwen keken me afwachtend aan. “Uitademen Marja!” dacht ik bij mezelf en ik ademde diep in en uit wat een enorm geluid gaf door de hele zaal “wroeehhhmmmmm.” Iedereen moest lachen. Ik ook en het ijs was gebroken. 

Het ging lekker en ik was aardig op dreef toen ik de vrouw die me had uitgenodigd boos zag kijken op de eerste rij. “Ai, niet kijken Mar”, dacht ik, “kijk maar naar die vrouw die zo leuk zit te lachen.” Dat hielp. Na de lezing ging ik naar huis. Moe en onzeker. Waarom zat die vrouw zo boos te kijken? Ze vond het vast vreselijk. Wat had ik gezegd? Ze vond vast dat mijn verhaal niet klopte, dat ik onzeker overkwam. Ze was zeker teleurgesteld dat ze mij had uitgenodigd. Ik heb haar niet meer gebeld en pas jaren later kwam ik haar tegen op een feest. Inmiddels ouder en wijzer en al heel wat lezingen verder vroeg ik haar: “Wat vond je toen eigenlijk van die lezing? Ik zag je zo boos kijken?” “Ik boos? Nee hoor ik vond het heel goed… ” ze dacht even na en zei: “O, ja… dat is waar, ik had net daarvoor ruzie met een collega.” 

Er wordt heel wat gedacht over wat anderen denken en hoeveel daarvan zou waar zijn? Zinloos en energieverspilling. Dus lekker laten denken wat men denkt en gewoon doorgaan met wat we doen! En natuurlijk meteen even checken of het klopt en niet, zoals ik deed, jaren wachten. Nu denk ik dat jij denkt: “Ha, dat herken ik: ik denk ook dat zij over mij denken!” Maar dat is natuurlijk mijn interpretatie.



Thursday, August 14, 2025

Het mysterie van de verdwenen salade

Mijn vriendin zei: “we hebben zaterdag afgesproken met onze vriendinnen ergens aan de Vecht te eten.” “O, leuk”, zei ik want ik vind de Vecht prachtig. “Het is in een heel speciaal restaurant” zei ze voorzichtig, want ze kent me. “Hoe speciaal?” vroeg ik achter-dochtig… “Nou met een chef-kok en haute cuisine..” “Toch geen liflafrestaurant?”

Ik hou van lekker volle borden met mogelijkheid tot Vlaamse friet en een lekker visje. Of iets vegetarisch en liefst nog macrobiotisch… als mijn bord maar vol ligt. Heb ooit eens ergens gegeten voor heel veel geld en daar kreeg ik een vierkant blokje dat aardappel bleek te zijn en een stukje gras mooi gedrapeerd over een lik honing. Kosten: vijftig gulden toen nog, waarna we naar de snackbar zijn gegaan om echt te eten.

Mijn vriendin vond het wel spannend om het restaurant te bezoeken en na wat mokken gaf ik me over en we gingen. De ambiance was prachtig en onze vriendinnen zaten al aan de wijn. Ik had ze lang niet gezien en er was veel bij te praten. Dat was wat ingewikkeld want om de haverklap kwam de serveerster ons vertellen wat er allemaal in de gerechten zat. Dat duurde wel een kwartier per gerecht. Het aantal ingrediënten hadden ze weten samen te persen tot vingerhoed-formaat. Bij de eerste gang kwamen er inderdaad precies drie vingerhoedjes naast elkaar op een bordje.

De serveerster zei: "links van u is de salade". Ik keek links maar zag niets. Onze vriendin aan de linkerkant zat te knikken maar ik zag bij haar ook geen salade. Links van haar stond een prachtige kast dus ik dacht misschien zit daar de salade in… niets. Ik zei tegen de serveerster: “ik zie geen salade” waarop ze met haar pink wees naar het linker vingerhoedje. Dat is de salade. Daarnaast een vingerhoedje van kastanjes gedrapeerd door twee flinterdunne ui schilfertjes. En daarnaast een roze vingerhoedje dat zo moezig was dat het niet meer definieerbaar was.

Toen moest er wijn worden gekozen. Vriendin Anna was degene die de wijn proefde voor het ingeschonken werd. Ze is expert op het gebied want ze heeft cursussen gevolgd in Frankrijk. Professioneel zette ze het glas aan haar lippen en nam een slok. Ongeveer drie minuten liet ze de wijn door haar mond gaan. Het hele restaurant viel stil en ik voelde de adem van de serveerster en alle andere aanwezigen stokken. Ook de mijne zat ergens in mijn keel… eindelijk slikte Anna de wijn door en knikte geruststellend. Het was goed. Als één ademde het restaurant uit. “Dat was spannend”, verzuchtte mijn vriendin. En dat was het ook. Een regelrechte thriller want ik was als de dood dat de wijn terug moest. Dat heb ik van mijn moeder. Die durfde alles maar ze vond het eng mayonaise bij het eten te vragen in een restaurant en we moesten allemaal ons bord leeg eten anders zou de ober boos worden.

Daarna kwam een krab-iets met allerlei ingewikkeldheden erin. Een veeg mayo als kunstuiting er naast gesmeerd op een leien bord. Dat leien bord was een kunststuk op zich. Het krab-iets smaakte precies als huzarensalade uit een pakje en daar had ik het bij moeten laten. Want die krab bleef ergens boven mijn maag steken.

Ik moet toegeven; de dorade van vijf centimeter was verrukkelijk en het ronde aardappelachtige ringetje dat er op lag met het gat in het midden was zalig.

Tamme eend was het vierde gerecht. Hoe ze die eend tam hadden gekregen, ik weet het niet. Ze hadden hem waarschijnlijk pootjes leren geven en in huis gehouden. Tot het moment dat de topkok dacht… "nu is het moment" en hem de nek omdraaide. Nu lag hij in vijf ministukjes op mijn bord met een piepklein aspergetje dat mijn vriendin stiekem van mijn bord griste. Ik denk dat ze trek had.
Eigenlijk voelde ik me toen al sinds het krab-iets niet zo goed maar ik vond het zonde om op te geven. Tenslotte had ik mij nog niet vol gegeten en ik vermoedde al dat de rekening niet gering zou zijn.

Uiteindelijk kwam het toetje dat zo dampte van het stikstof dat ik het niet durfde aan te raken. Het bleek koud dus dat viel mee. Boven het enorme rook verspreidende glas lag een piepklein glaasje met chocolade. Daar ging het helemaal mis. Niet alleen omdat ik mijn vriendinnen niet meer kon waarnemen maar ook omdat ik naar buiten moest rennen omdat mijn maag nu wel erg opspeelde.

Jammer, de koffie kon ik niet meer aan en de schaal met prachtige bonbons moest ik laten. Gelukkig had ik mijn humor nog toen de rekening kwam van tweehonderdendertig euro. Het was een aanbieding, normaal was het vierhonderdenzestig, het dubbele. Terug in de auto, ons haastend om snel op mijn eigen wc los te kunnen gaan, zeiden mijn vriendin en ik tegen elkaar: "we hebben wel gelachen voor dat geld."


Uit: Niets meer te bewijzen



Friday, August 8, 2025

De kus

Sinds mijn moeders dood bracht pa de was altijd bij de wasserette op Tussenmeer. Er werkte een lieve vrouw. Zij was altijd even vriendelijk voor mijn vader en bood hem een stoel aan. Tja, hij kon haar moeilijk verstaan want haar Nederlands was wat hakkelig. Hij sprak altijd vriendelijk minzaam met haar. Voor hij naar binnen ging snoot hij buiten altijd eerst even zijn neus voor de zekerheid omdat zij hem altijd hartelijk verwelkomde met een kus op zijn wang. Ik vermoed dat hij vaker naar de wasserette ging dan nodig, want hij bracht maar een heel klein wasje.
Af en toe ging ik met hem mee. Op een dag sprak ze me aan in vloeiend Frans. Wat bleek: ze kwam uit Parijs. Nu was ik degene die hakkelde en naar woorden zocht terwijl er uit haar mond prachtig Frans vloeide. Mijn vader keek verbijsterd toe. De vrouw straalde nu zekerheid uit en was ik het die naar woorden zocht. Dat was hij niet gewend. Toen we weer buiten liepen zei hij: ”Verhip, ze kan toch goed praten!”







Sunday, August 3, 2025

Over verwerken en vergeven

Mijn moeder was mijn eerste en grootste leermeester op het gebied van verwerken en vergeven. Ik dacht altijd dat ze niet goed verwerkte en over de gevolgen die dat voor haar en mij had. Het zat er al een tijd aan te komen en het moest een keer geschreven worden. Terwijl ik schrijf gebeurt het al... zoveel herinneringen komen boven. Ik realiseer me dat mijn moeder wel degelijk pogingen deed om te verwerken.

De herinnering komt opeens fel op dat mijn moeder en ik, hand in hand naar Shoah keken, de documentaire die ooit werd uitgezonden met de gruwelijke details van de concentratiekampen. Mijn moeder vroeg me het samen te zien, zodat ze er door heen kon gaan om het goed te verwerken.
Een groots moment omdat ons dat dicht bij elkaar bracht. Ik zie net op google dat het in 1985 is gemaakt, dus ik moet zo'n dertig jaar zijn geweest. Ze wilde de confrontatie aan gaan en met eigen ogen zien wat er precies was gebeurd. Wat een moed. Het hielp niet, haar pijn werd er des te erger door. Nu kwamen de beelden in volle heftigheid bij haar binnen. In mijn jeugd knipte mijn vader alle informatie over de oorlog uit de krant zodat mijn moeder het niet zou zien. Als Hitler op tv kwam rende hij naar het toestel om het uit te zetten.

Mijn moeder verloor zo'n dertig familieleden in de gaskamers van Sobibor. Haar vader en op één na al zijn zusters en broers, haar oma en opa, nichtjes, neefjes. Mijn moeder stond ingeschreven bij de Joodse gemeente als vol Joods. Ze had al een oproep gekregen en voor hij zelf werd weggehaald, zette haar vader dat nog "recht". Mijn oma was christen en half joodse kinderen mochten nog wat langer blijven leven.

Greet Dresden, hield zich na de oorlog staande met de boeken van o.a. Vincent Peale. Ze was een positief denker. Dat heeft haar een tijd veel goed gedaan.  Ze liep met ferme pas en haar hoofd met grote zwarte dot, trots in de lucht. Ze las, ondanks dat ze alleen lagere school had, boeken van Sartre en Spinoza en voelde zich een vrijdenker. Ze las iedereen de les en menigeen was bang voor haar priemende blikken en snelle tong. Ook ik was vaak bang van haar, ze zag door me heen en kon me op mijn zwakste plekken raken.

We konden ook uren praten over het leven en de dood. Ze vertelde over hoe ze de wereld zag en dat over honderden jaren iedereen van gemengd bloed zou zijn... alle rassen door elkaar omdat we allemaal één zijn. "Net als ik, zei ze dan trots: joods en christen, door elkaar."  Ze wilde bewust leven en riep me dat vaak toe: "Bewust leven, Mar! Geniet van elke dag en elk moment!" Ze had grootse momenten en ik was dan zo trots op haar. In één van die momenten vergaf ze de Duitsers.

Ze zat vaak op bankjes in het Sarphatipark in Amsterdam en sprak met allerlei mensen. Als iemand naast haar zat die depressief was, dat gebeurde nogal eens, riep ze: "U depressief? heeft u dertig familieleden verloren aan de gaskamers? Nou ik wel en als ik positief kan zijn, dan kunt u het ook! Ga naar de markt en haal een bos tulpen en zet ze op tafel... koop een taart en geef die aan iemand die eenzaam is! Dat haalt u er wel uit." Ze liet mensen verbijsterd achter. Ze is nog wel eens iemand tegen gekomen die zei: "U haalde me door uw woorden uit de depressie!"

Er kwamen ook andere momenten. Zoals de keer dat ik thuis kwam en alles donker was. Mijn moeder lag op de bank in de kamer in het donker en ik mocht niet naar binnen. Ik was een jaar of twaalf. Het duurde weken. Ma had een "inzinking" zoals ze het noemde. De dokter hoorde voor het eerst wat er in de oorlog gebeurd was en vroeg: "mevrouw Ruijterman, wilt u misschien in therapie?" "O, nee." antwoordde mijn moeder trots: "Geen sprake van, dat doe ik zelf wel! Ik ben oersterk en ik kan het alleen, mijn gedachten zijn krachtig en ik krijg alles voor elkaar! Ook dit!" Toen een tijdje later het licht weer aanging liep ze weer even trots als daarvoor de wereld in en toch was er iets veranderd.

Ze kreeg buien waarin ze radeloos en woedend schreeuwde en tierde en haar haar uittrok, zichzelf sloeg en me de huid vol schold. Het kon ook zo weer over zijn als de voetstappen van mijn vader op de trap klonken. Ze trok een glimlach en riep: "Mar, lachen... niets aan de hand!" "Dag Niek! hoe was het op je werk?" en voorbij was de paniek. Dat leerde me toen al dat je paniek kunt uitzetten als je dat nodig acht. Er is ergens in ons een toeschouwer die de boel in de gaten houdt en een nieuwe keuze kan maken.

Het was in het begin voor mij niet te geloven. Mijn moeder? Dat kan niet waar zijn... dit gebeurt niet echt. Ik was vreselijk bang en de jaren daarna gebeurde het steeds vaker dat ze zo'n bui had. Het contrast was gigantisch. Als ze zo was dan vergat ik totaal de mooie sterke moeder die ze ook was. Als ze weer normaal was vergat ik totaal haar paniekaanvallen en hadden we weer de mooiste gesprekken.

Ik kreeg een hekel aan positief denken omdat ze zich zo groot hield en en de positiviteit gebruikte als overlevingsstrategie waardoor ze zich enorm opblies. Mijn overlevingsstrategie was cynisme en ik kon haar daardoor van repliek dienen en voelde me sterker.

Toen ik later zelf de kunst van de kracht van gedachten leerde gebruiken was verwerken altijd gedachte nummer één:  "Ik ga dit goed verwerken" is een zeer constructieve gedachte en dan is het zaak om het ook te doen. Dat is een grote les die ik van haar heb geleerd.

Ben ook een ster geweest in het niet willen voelen en mezelf als slachtoffer van de wereld zien. Heb jaren in therapie gezeten om alles te verwerken. Het lukte niet omdat ik in de therapie altijd maar weer het verhaal vertelde van hoe zielig ik was geweest. Pas toen ik er jaren later achter kwam dat door het gevoel bewust te voelen de pijn oplost, werd het zachter in mij.
Ik was zo bang de pijn toe te laten dat ik allerlei manieren vond om niet te hoeven voelen. Tv kijken, snoepen, uitgaan, lezen. Op mijn drieëndertigste begon ik te mediteren en toen kon ik er niet meer van weg. En wat bleek... als de pijn heel dichtbij de kern komt... dat gedeelte wat ik zo graag wilde beschermen omdat het zo kwetsbaar leek: als de pijn de kern/de ziel raakt... lost het op. Het lost niet alleen op: er komt Liefde vrij en geluk. Wie had dat gedacht? Dat wat we willen beschermen blijkt onze diepste kracht te zijn. We zijn zielen met zoveel Liefde en Kracht in ons en dat zijn we vergeten. Tot we het ons weer herinneren en dan lost alles op. Alle verdriet, haat, jaloezie, wrok verdwijnt als sneeuw voor de zon.

Mijn moeder werd ouder en ze ging zich steeds meer herhalen en stopte niet meer met praten. Tegen de arts van het ziekenhuis, zes weken voor haar dood, zei ze: "Ja, als u dertig familieleden had verloren aan de gaskamers dan had u ook een tia gehad..." ze ging voor het effect. Heel af en toe hadden we momenten echt contact tot ze stierf. Ze kreeg een hartaanval en de laatste zes weken lag ze aan de beademing en kon niet meer praten. Ze was woedend dat haar dit moest overkomen en had gigantische hoge bloeddruk. Toen ze wist dat ze ging sterven werd ze rustig en we keken elkaar lang in de ogen. Met een groots gebaar van haar nog goede hand gaf ze aan dat de beademing mocht worden stopgezet. We hebben intensief afscheid genomen en ik heb genoten van het rouwen. Heb me er helemaal ingegooid en het was louterend en verlichtend.
Ze liet me later weten, via een medium, dat ze nu vrij is en dat ze haar leven overziet. Dat ze een karikatuur van zichzelf was geworden. Ze is nu vrij. Er is altijd bevrijding al wachten sommigen er op tot na de dood.

In de diepte van wie we werkelijk zijn: op zielsniveau komen we elkaar tegen en blijken we één te zijn en lost alles op.