Saturday, April 11, 2026

Meditatie en Godsdeeltjes

Een paar jaar geleden begeleidde ik een meditatie in De Roos in Amsterdam. Het bleek een vergissing want het zou pas 's avonds zijn en vriendin en ik waren er om vier uur 's middags al. Niet getreurd vriendin en ik zaten lekker en mediteerden samen in de mooie stiltekamer. Terwijl ik zat voelde ik mijn lichaam kloppen en vibreren en dacht: dit is leven... ik leef in dit lichaam en de vibratie maakt dat het lichaam tot leven komt. Ik zei wat ik dacht en vroeg mijn gidsen het over te nemen. Dat deden ze en hoe: ik hield een verhaal over het pulseren van het lichaam, het hart, de aarde, het universum dat pulseert en klopt en vibreert en dat we allemaal mee vibreren.

Vriendin deed een duit in het zakje en vroeg: wat is ruimte? De gidsengroep vertelde over hoe een atoom, zo nietig dat het niet te zien is de volledige ruimte in zich huist en hoe het kleinste deeltje zich bij elke pulsering en hartslag uitbreidt tot universa en universa en universa tot in het oneindige en dan zich weer terugtrekt in het kleinste deeltje en dat dat God is en dat als we mee-ademen en mee pulseren we kunnen voelen dat we Dat zijn. Dat alles ruimte is ook dat wat we als vaste materie zien en we zijn pulserende Godsdeeltjes die mee uitdijen en weer inkrimpen tot kleinste deeltje en dat is God. Ik hoop dat ik het nog goed weergeef want zelf heb ik er geen verstand van.

We voelden ons ruimer en ruimer worden, alles in me bewoog en ademde en toen de meditatie voorbij was dansten we van geluk.
De gidsengroep noemt zich Helder! Ik vergeet het vaak en zal toch eens meer aan de spirituele bel trekken.



Monday, April 6, 2026

Greet op de praatbank (video)


Vandaag 6 april was mijn moeder jarig. Dus tijd om een filmpje van haar te plaatsen. Ze vertelt over een woning die ze zou krijgen maar niet kreeg en later over 'het leven'. Uiteindelijk kregen ze een leuke lichte seniorenwoning in Meer en Vaart in Amsterdam. Greet is 80 geworden en zeventien jaar geleden weggevlogen. Nico werd 95 en is nu 13 jaar 'aan de andere kant'. Ze hebben nog vaak van zich laten horen: Hoe mijn ouders na hun dood van zich lieten horen.

Thursday, April 2, 2026

De speech

Ze waren vijftig jaar getrouwd en vroeger kwam de burgemeester maar nu kwam het hoofd van de Stadsdeelraad Bos en Lommer. Mijn moeder zat er al jaren op te wachten dat de burgemeester persoonlijk bij haar langs zou komen. Nou ja, het was niet de burgervader zelf maar deze man straalde ook een vriendelijk vaderlijk gezag uit en de bedoeling was dat hij een speech zou houden in de woonkamer. Het liep anders. 

De man ging zitten, ma ging staan, postte zichzelf tegen zijn stoel aan en hield een speech van ongeveer een uur over zichzelf en wat voor geweldige dingen ze in haar leven had gedaan. De man bleef een uur lang vriendelijk knikken en zei toen dat hij nog een vergadering op kantoor had. Van zijn speech kwam niets meer, maar ma was dik tevreden dat ze de 'burgemeester' eens goed had verteld wie ze was. Hij bleek de man van een vrouw waarmee ik af en toe werkte bij de bieb op plein 40-45. Kwam ze een paar maanden later tegen in de bioscoop. Nu vertelde hij dat hij zeer had genoten van mijn moeders speech. 





Een stille man met een heelal in zich

Mijn vader was een stille, verlegen man. Hij werkte vanaf zijn dertiende als meubelstoffeerder, met alleen de lagere school achter zich. Elke week gingen we naar de bibliotheek om boeken te lenen. Mijn vader koos boeken over fotografie en sterrenkunde, mijn moeder spirituele boeken, en ik las een beetje van alles, inclusief de kinderboeken.

Als ik bij mijn ouders op bezoek was, vergat ik hem vaak. Mijn moeder eiste alle aandacht op. Na een uur dacht ik ineens: Oh jee, pa is er ook nog, en dan vroeg ik hoe het met hem ging. Mijn moeder antwoordde steevast voor hem:

“Het gaat goed met hem, ik hou hem jong.”

“Ik vroeg het aan pa.”

“Niek, zeg dan hoe goed het met je gaat en hoe jong ik je hou!”

Na wat geborrel vanuit zijn buik herhaalde hij stotterend wat zij had gezegd.

Zo ging het jarenlang. Hij leefde in haar schaduw, sprak weinig, bewoog zachtjes door het huis, bijna onzichtbaar.

De dag dat ik hem ‘ontvoerde’

Ik was in de veertig toen ik hem voor het eerst alleen meenam. Ik had een werkafspraak bij de Vara-studio’s in Hilversum, de stad waar hij was opgegroeid. Plotseling kreeg ik het idee hem mee te vragen om de weg te wijzen. Als ik hem vroeg in de ochtend zou bellen, wist ik dat mijn moeder nog lang niet klaar zou zijn om zich aan te kleden — en ja hoor, het lukte.

We spraken af in de sprinter. Hij stond al in de deuropening te wachten. Hij leek jonger, vrolijker, bijna licht. Hij sprong als het ware om me heen van energie en hij sprak — uit zichzelf, vrij, alsof er iets in hem open was gegaan.

Na mijn gesprek liepen we naar een terras. En daar vertelde hij me het geheim van zijn leven.

Hij was doodsbang om het te zeggen, alsof hij een biecht aflegde. Rond zijn negentiende had hij in een bank die hij moest stofferen beeldjes gevonden. Hij verkocht ze om schoenen te kopen voor zijn toenmalige vriendin. Hij kreeg er zestig gulden voor — een groot bedrag in die tijd. De volgende dag kwam de politie. De eigenaars hadden zich gerealiseerd dat de beeldjes in de bank verstopt hadden gezeten. Mijn vader kreeg een jaar gevangenisstraf. Hij droeg de schaamte zijn hele leven met zich mee.

Hij was zo bang dat ik hem zou afwijzen.

Ik zei dat ik van hem hield, dat je tegenwoordig voor zoiets hoogstens een paar weken taakstraf zou krijgen. Dat de echte straf het jarenlange schuldgevoel was dat hij zichzelf had opgelegd. Hij vertelde het mijn moeder pas na hun trouwen, en zij heeft hem dat nooit vergeven. In ruzies kwam het altijd weer boven.

In de trein terug had hij heldere ogen zoals ik ze nooit eerder had gezien. Ik zei dat ik dit vaker wilde doen, samen op pad. Op dat moment gingen de luikjes dicht. Er kwam weer een waas voor zijn ogen.

“Daar krijg ik geen toestemming voor van je moeder,” zei hij zacht.

Hij vroeg me mee naar binnen te gaan als buffer, omdat hij wist dat mijn moeder hem zou ondervragen over alles wat er was gezegd. Toen we aankwamen had ze een glaasje te veel op en ze voelde precies wat er was gebeurd.

“Nou weet je het, je vader is een crimineel. Ik ben met een crimineel getrouwd.”

Die dag sprak ik mijn vader voor het eerst echt.

De lezing die alles veranderde

Jaren later, toen mijn moeder al overleden was, ging mijn vader — inmiddels vierennegentig — drie keer per week naar een ouderenopvang. Op een dag belde iemand van de organisatie:

“Uw vader gaf vandaag een lezing over sterrenkunde. Zo interessant!”

Ik was stomverbaasd. Mijn vader, een lezing. Toen pas besefte ik hoeveel kennis hij in stilte had verzameld uit al die bibliotheekboeken.

Na zijn dood vertelde een medium dat mijn vader “aan de andere kant” astronomie studeerde. Dat hij daar eindelijk vrij was, zonder het minderwaardigheidscomplex dat hem op aarde zo klein had gehouden.

Dat maakte me diep gelukkig.