Voor ik een opleiding zou gaan geven voor de politie mocht ik een paar keer meekijken met een collega. Zat daar voor het eerst met een stel politiemensen. In de pauze wilde ik iets uit mijn auto halen maar oh jé... de sleutel zat nog in de auto en die was hermetisch afgesloten.
De boeken: 'Placebo's en fluitende fietsen' en 'Niets meer te bewijzen' zijn gratis als ebook te verkrijgen. Ben je geïnteresseerd stuur me dan een email via marjaruijterman@gmail.com. Alle 405 verhalen, ook die ik na de boeken schreef, zijn in deze blog te lezen. Hoop dat je er van geniet. Wil je een verhalenmiddag of een lezing organiseren, heel graag en stuur me dan ook een mail.
Thursday, May 28, 2026
Over vooroordelen enzo
Saturday, May 23, 2026
Te chique voor ons soort mensen
een stukje Vondelpark. Deze buurt heb ik pas op mijn twintigste ontdekt. Mijn toenmalige vriendin en ik kregen prachtige en betaalbare kamers in de Valeriusstraat en ik was verbijsterd over de rust en de schoonheid van de straat en het pand. Dat kende ik niet. Wij woonden in een piepkleine halve woning in de Pijp, toen een achterstandswijk.
Mijn ouders waren verstokte wandelaars en liepen de hele stad door, ook vaak door het Vondelpark maar deze buurt pakten ze niet mee. Later heb ik begrepen waarom toen ik mijn moeder vroeg of ze mee ging naar de Beethovenstraat. "Nee, dat doe ik niet!" zei ze terwijl ze me afweerde. We waren er vlak om de hoek omdat ik daar werkte en ik ze mijn werkruimte liet zien. "Waarom niet ma? dat is een gezellige winkelstraat." Ze weigerde en mompelde iets van: Dat is niet voor ons soort mensen. Ik was verbaasd omdat ze vroeger altijd zei dat 'het volk' uit de Pijp massamensen waren waar wij hoog boven uitstaken en nu durfde ze de Beethovenstraat niet in omdat ze te min zou zijn? Koningin in de Pijp maar te min voor de Beethovenstraat?
Terwijl ik zo aan het mijmeren was over mijn jeugd en de vreemde capriolen van mijn moeder liep ik verder en genoot van alle pracht. Het klasseverschil voorbij...
Tuesday, May 19, 2026
Gek doen
Al jaren kom ik bij de bakker om de hoek en op zaterdag werken de twee dochters achter de toonbank. Vanaf een jaar of twaalf helpen ze de zaterdagen al mee. Ze hadden precies geleerd wat je moet zeggen tegen de klanten. Beiden met het zelfde toontje als hun moeder. “Dag mevrouw, waarmee kan ik u van dienst zijn?” Elke keer het vaste riedeltje. Als ik ze iets anders vroeg of zei, kreeg ik een vaag glimlachje en ze bleven in hun rol. “Anders nog iets, mevrouw?” Nu zijn ze beiden in de twintig en nog steeds dezelfde zinnetjes. Met Sinterklaas waren ze verkleed als Piet. Een revolutie! Ik begroette ze enthousiast en complimenteerde ze met hun prachtige pakken. Een vaag lachje terug en: “Waarmee kan ik u van dienst zijn?”
Voor de derde keer zat ik te snikken bij de film: “Pay it Forward.” Het gaat over een jongetje dat voor school een werkstuk moet maken. Hij heeft het volgende bedacht: hij doet iets goeds voor drie mensen, met als voorwaarde dat die drie ook weer drie mensen gaan helpen, en dat dit zich dan zo verder uitbreidt. Het jongetje denkt dat zijn werkstuk mislukt is, maar wij als kijker kunnen zien wat er met die mensen is gebeurd die ook mensen zijn gaan helpen en hoe zich dat snel verspreid heeft. Eigenlijk doen we het nu al allemaal.
Tien politiemannen
Het was de eerste keer dat ik een training gaf aan de politie. Zes maal drie dagen met tien politiemannen in een hotel. Ik had het idee dat ik aardig van al mijn vooroordelen af was, maar ze moesten in de training veel van zichzelf laten zien en ik vroeg me af of dat zou lukken met tien van die macho’s.
Ach ja, ik kom uit de vrouwenbeweging en was behoorlijk fanatiek, dus het zat nog in mijn bloed.
Na de kennismaking en nadat ik mijn verhaal had verteld om de boel op gang te krijgen, begon de eerste: Hij had zichzelf uit een zware depressie geholpen door meditatie. Nu was hij van de antidepressiva af.
De tweede deed aan aura-reading. De derde had tranen in zijn ogen toen hij over een afschuwelijke gebeurtenis in zijn loopbaan vertelde en zo ging het maar door.
Ik zat verbijsterd te luisteren en al mijn overgebleven vooroordelen vlogen het raam uit.
We hadden een prachtige tijd en iedereen was open en eerlijk en we bloeiden en groeiden.
Tot de vierde driedaagse. Ik moest iets uitleggen wat ik zelf niet begreep. Ik belde mijn collega’s om te vragen hoe zij het aanpakten. Elke keer dacht ik dat ik het nu wel wist, maar als ik het zelf aan het uitleggen was, kwam ik er weer niet uit.
Die dagen liep ik op mijn tenen. Ik wilde de groep niet teleurstellen en mezelf ook niet en ik ging maar door. Ik zag de ogen van de mannen wegtrekken. Weg alle verbondenheid en openheid. Ik voelde me verschrikkelijk.
De laatste dag tijdens de evaluatie dacht ik: nog even volhouden en dan kan ik me laten gaan. De tranen branden achter mijn ogen.
Tot één van de mannen zei: “Marja, je bent emotioneel hè?” Ik hield het niet meer.
Niet een paar tranen, nee zeeën. Blèren. Daar zat ik als oud-feministe voor tien politiemannen te huilen. Wegrennen had geen zin. Ik hield mezelf voor dat ik wilde stoppen met het vak.
Toen de ergste tranen gedroogd waren, begon ik te praten. Ik vertelde hoe ik me had gevoeld. Dat ik het zelf niet wist en dat ik het niet wilde toegeven. Dat ik het vreselijk vond dat ik hun ogen zag wegtrekken en dat het goede gevoel weg was. Op dat moment kwamen ze allemaal om me heen staan en begonnen ze me te omhelzen.
Wie had dat kunnen denken? We hebben nog lang nagepraat en ik nam me heilig voor om het in het vervolg meteen te zeggen als ik ergens niet uitkwam. Daar heb ik me tot nu toe aangehouden. Meteen zeggen wat ik voel ook als ik merk dat er bij de groep iets speelt. Dat geeft openheid en ontspanning.
Jaren later had ik een etentje met de man die me aan het huilen had gekregen. Hij is een goede vriend geworden. Inmiddels is hij zelf trainer en coach.
Hij vertelde dat hij heel tevreden was over een trainingsdag met zijn groep. Tijdens de evaluatie zei een vrouwelijke deelneemster dat ze het wel wat langdradig had gevonden.
Zijn reactie: “Dan heb je het verkeerde beroep gekozen!” Terwijl hij het zei, besefte hij wat hij deed. Ook bij hem brandden de tranen achter zijn ogen.
Hij bood meteen zijn excuses aan en gaf toe dat hij totaal verkeerd reageerde. Haar feedback was als een dolksteek binnengekomen.
Toen vertelde hij de groep het verhaal over een trainster die ooit in huilen uitbarstte.
Tip:
Tel vandaag hoe vaak je oordeelt over iemand of over jezelf. Stop een euro per oordeel in een potje en als aan het eind van de dag het potje leeg is: leg dit boek dan weg, want je hebt het niet meer nodig. Is het potje vol: lees dan door.
Heb je een vooroordeel over iemand en realiseer je je dat? Ga in gesprek en leer de ander kennen.
Geef je een training of doe je je werk en voel je dat je op je tenen loopt? Dat je je groot houdt om niet af te gaan? Haal diep adem, adem uit en zeg eerlijk wat je voelt… mensen kijken je wat vreemd aan. Even later voelen anderen zich ook vrij om zich bloot te geven.
Kijkt iemand je boos aan en word je onzeker? Vraag meteen wat er aan de hand is. Het kan een interpretatie zijn. Het beste is nog even vragen in de pauze. Het levert mij altijd mooie gesprekken op.
Uit: Placebo's en fluitende fietsen
Monday, May 11, 2026
Twee koffers
Twee maanden ervoor had mijn moeder twee koffers gepakt. Eén voor voor mijn vader en één voor haarzelf. Ma regelde alles altijd ver van te voren. Om zes uur opstaan en op en top aangekleed zijn en het huis keurig aan kant. "Je weet maar nooit of er iemand langs komt", wat zelden meer gebeurde. Mijn verjaardag en Sinterklaascadeautjes kreeg ik altijd twee maanden van te voren omdat ze niet kon wachten. Om vier uur 's middags hadden mijn ouders al gegeten, want dan was de avond lekker lang.
Dus daar stonden de twee koffers en elke keer als ik kwam zei ma trots: "Kijk, de koffers staan al klaar, alles is al ingepakt, goed hè?"
Het was drie dagen voor ons vertrek. Ik moest die dag naar Brabant. Omdat ik een raar voorgevoel had, belde ik haar heel vroeg die ochtend.
Ma's stem klonk vreemd dus ik bedacht me geen moment en reed direct naar haar toe. Daar stond ze, midden in de kamer, volkomen ontredderd met een vragende blik.
In het ziekenhuis bleek dat ze een tia had gehad. Het ging al snel stukken beter. Ma babbelde weer honderuit en huppelde parmantig door de gangen van het ziekenhuis. Ook nu stond ze om zes uur opgetut en aangekleed met handtas naast haar bed op de verpleging te wachten.
Ze was drie dagen thuis toen ze weer een tia kreeg. Na een MRI in het ziekenhuis kreeg ze een hartaanval en na zes weken beademen besloten we de stekker er uit te trekken.
We namen prachtig afscheid en ik verwerkte mijn verdriet. Ik dook er helemaal in en genoot er van.
Na een paar weken opende ik de koffers. In de éne koffer lag een verfrommelde trui en in de andere een paar sokken.
Inmiddels is mijn moeder al een aantal jaren gestorven. Ze heeft al vaak op diverse manieren van zich laten horen. Toen midden in de nacht een hoop klopgeluiden naast mijn bed roffelden en het licht plotseling aan ging was het tijd voor een telefonische sessie met Myrthe, het medium, om half elf. Zegt ze: "Je moeder was hier vanmorgen al om zeven uur. Heb haar gezegd dat ik toch eerst moest douchen maar ze kon niet wachten." Zo zie je maar: zo beneden, zo boven:)
Wednesday, May 6, 2026
Ineens ben ik zeventig
Zeventig was mijn oma en mijn tante Marie. Dat waren zeventigers niet ik. Van binnen is leeftijd van weinig belang. Van buiten is het te zien en ja ook te voelen aan de spieren die niet meer zo soepel zijn als vroeger. Gek genoeg als ik een nummer draai uit de zeventigerjarentijd lijken die spieren zich meteen te herstellen. Mijn vader zei op zijn vijfennegentigste: van buiten ben ik oud maar van binnen is er niets veranderd. Dat klopt.
Als ze mij vroeger hadden gezegd dat ik op mijn zeventigste allerlei leuke klussen zou doen als onderneemster, dat ik auto zou rijden, dat ik een prachtig huisje met tuin zou hebben in de Rivierenbuurt om de hoek van mijn oude school, nog steeds in de Pijp op trendy terrassen zou koffie drinken, dat mijn ouders zouden zijn overleden maar toch nog af en toe om de hoek komen kijken... dan was ik verbijsterd geweest.
Tuesday, May 5, 2026
Ode aan tante Annie
\Er is een groot verhaal over tante Annie te vertellen en dat ga ik nu doen. Het was altijd feest als tante Annie kwam en een nog groter feest als mijn nicht Anja mee kwam. Vier jaar ouder dan ik, mooi, lief en gezellig. Taartjes, koffie en de zusters vertelden verhalen van vroeger en soms kregen ze met z'n tweeën de slappe lach over iets uit het verleden. Dat was heerlijk om te zien.
Op het moment dat ik mijn moeder vertelde dat ik op vrouwen viel kreeg ze een gigantische woede aanval en sloeg de deur achter haar dicht. Ze vertrok naar tante Annie. Annie en Anja vingen haar op en spraken met haar. Vertelden haar dat ze me moest accepteren zoals ik was en lazen haar de les. Ma bleef bij ze slapen en kwam pas de volgende ochtend terug. Echt geholpen had het niet want ze was nog steeds woedend en bleef dat acht jaar lang. In die acht jaar spraken tante Annie en Anja vaker met haar om haar anders naar me te laten kijken. Af en toe belde ik tante Annie, nog vanuit een telefooncel, en sprak ze me moed in.
Het bleef altijd een feest om naar tante Annie te gaan, zo'n hartelijk warm welkom. Mijn moeder lag in het ziekenhuis aan de beademing en die zondag kwam tante Annie, die inmiddels in Tilburg woonde, naar haar toe en nam ma's hand en zei: "Greet, ik geef je kracht hoor!" de volgende dag kreeg ze pijn in haar buik. Twee weken later werd ze op woensdag opgenomen en ging ik naar Tilburg om haar te bezoeken in het ziekenhuis. Ze zat rechtop in bed, haar piekfijn omhoog gestoken zoals altijd, make up in orde en een mooi pyamaatje aan. Annie en Anja hadden het over chemo en een pruik want haar haar was haar heilig. Ze lachte nog en was lief als altijd. Even later vertelde ze iets wat ze me nog nooit had verteld. Mijn moeder had altijd hele verhalen over de oorlog maar Annie leek daar niet zo mee bezig. Ze was twee jaar jonger dan mijn moeder en inmiddels achtenzeventig. Annie vertelde dat ze als kind naar haar vader ging en de ramen stukgeslagen vond. De buren zeiden dat haar vader en zijn nieuwe vrouw en kindje net waren opgepakt bij een razzia en op weg naar de Hollandsche Schouwburg. Ze rende er naar toe om haar vader te zoeken. Aangekomen zag ze een vrachtwagen waar mensen uitgeladen werden. Ze keek wanhopig of ze haar vader zag toen er een grote Duitser naar haar toe kwam en wegschopte. Ze rende naar huis en heeft hem nooit meer gezien.
Ik was in shock... dit had ze nooit verteld en mijn moeder ook niet. Hoe is het mogelijk dat ze daar al die jaren zo mee heeft kunnen leven? Zo stabiel, wat er ook in haar leven gebeurde, ze bleef rustig en vriendelijk en leek ook van het leven te genieten.
Die vrijdag in 2008 stierf mijn moeder en ik probeerde Anja te bereiken, dat lukte niet. In de namiddag belde ze dat Annie ook ging. Annie stierf de dag erop. Anja en ik raken er niet over uit gepraat over hoe dat nou mogelijk was. Tante Annie verdient een ode voor haar leven, mijn moeder leek altijd de sterkste van de twee met haar grote mond maar tante Annie was de stille kracht!
Foto: Annie twee maanden voor ze wegvloog:
Monday, May 4, 2026
De eerste chocoladereep na de oorlog
Ik stelde de kinderen voor het eerst volgende snoepje te eten met de gedachte dat het 't eerste snoepje van je leven is. Dat konden ze zich wel voorstellen. Als ik het van te voren had bedacht had ik een hoop chocolaatjes mee genomen.











