Thursday, June 4, 2026

Onszelf tot rust ploffen

Jaren lang kon ik alleen hoog ademen. Nadat ik leerde hoe ik mijn ademhaling naar mijn buik kon laten zakken, werd ik een stuk rustiger. Als we hoog ademen, zitten we meestal ook in onze overlevingsstrategie of zijn we angstig. Probeer maar eens een horrorfilm te kijken met een rustige buikademhaling.  Het is moeilijk arrogant, cynisch of geïrriteerd te blijven als we rustig en vanuit de buik ademen.

Vrouwen leren om de buik in te houden omdat dat mooier staat en dat betekent dat het moeilijk is laag te ademen en een strakke buik te houden. Kijk naar de mannequins op de catwalk. Een bodybuilder zei ooit, toen ik nog mijn shiatsu-praktijk runde, dat hij zo'n pijn in zijn schouders had. Hij was nogal klein en blies zich enorm op om zo breed en groot mogelijk te lijken. Ik zei: "adem eens uit..." Zijn schouders zakten een eind naar beneden. Hij stond er heerlijk ontspannen bij. "Doe dat eens vaker" zei ik. "Nee, dat doe ik niet want dan lijk ik kleiner." Tja, dan liever pijn in de schouders. Eigen keuze.

Iemand vertelde ooit dat moeders in Japan, als de kinderen te druk waren, riepen: "Hara". Hara betekent buik. Kinderen leerden in die tijd zich te concentreren op hun hara. Zodra de moeder riep: "Hara!" Waren de kinderen stil en rustig. Ik geef dat vaak door op bedrijven waar iedereen loopt te rennen en te haasten. Dan lachen ze me vriendelijk uit maar het werkt wel. Roepen ze elkaar toe als ze elkaar zien rennen en vliegen: "Hara!" Grote hilariteit maar ze zijn het zichzelf weer wel bewust.

Het kan in één keer... bijvoorbeeld als ik voor een groep sta en wat opgewonden raak en ik merk het terwijl ik bezig ben, dan doe ik een subtiele maar flinke uitademing. Meteen voel ik me rustiger en heb ik meer overzicht. Een hoge ademhaling maakt dat we minder zuurstof naar onze hersenen brengen en dat kan leiden tot paniek of een onzeker gevoel.

Tijdens communicatietrainingen hebben veel deelnemers een te hoge ademhaling. Ook mensen die een burn-out hebben of van streek zijn ademen te hoog. Als ik vraag de adem naar de buik te brengen is dat voor sommigen heel moeilijk. Ik leerde het zelf ooit in een paar weken bij een fysiotherapeute.

Nu heb ik daar wat op gevonden. De plof-adem. Je haalt drie keer diep adem en ploft de adem er in één keer uit. Je laat alles hangen wat er maar kan hangen. Schouders, buik, armen, knieën en vooral ook de kaak en de kin, daar zit veel spanning en dat merk je pas als je ze laat hangen. Je wordt er niet mooier op maar dat mag de pret niet drukken. Zodra je drie keer uitploft zit je adem in je buik. Dat maakt ons meteen een stuk wijzer:

Stel je hebt een probleem, een examen, een sollicitatiegesprek of je moet een besluit nemen. Je bent gespannen, paniekerig en je adem zit hoog. Plof een aantal keer uit en begin dan met wat je te doen hebt of neem je beslissing. Laat je gedachten voor je werken en zeg tegen ze: "Denk er aan de adem drie keer te laten ploffen!"
Zeg ook tegen je gedachten: "Jullie houden even jullie mond verder, ik neem de beslissing. Wie is ik in dit geval? Dat is wie we werkelijk zijn, zonder de gebruikelijke belemmeringen, onzekerheden en het ego-gedoe. Zonder de kaken op elkaar of in de "ik moet me bewijzen"-stand.

Al het ego uitgeblazen? Vraag jezelf, na het ploffen: "Wat voor advies geef ik mijn dagelijkse zelf?" Schrijf dan zonder na te denken op wat oppopt in je brein.

Doe het maar eens. Plof ze!








Monday, June 1, 2026

Jubileumverhaal drieëndertig jaar coachen en trainen

Zou eigenlijk een feest moeten geven maar dat is me nu teveel gedoe. Ben net een jaar gepensioneerd maar werk nog af en toe met heel veel plezier. Precies 33 jaar geleden, januari 1993, durfde ik de stoute schoenen aan te doen en begon te acquireren. Eerst aarzelend want 'zaken doen' was bijna vies in mijn jeugd. "Ze gaan over lijken" zei mijn moeder en nu begon ik zelf. Ma riep: "Dat kan je niet!" want die hield van zekerheid en zag me liever getrouwd met een keurige baan. De postbank belde of ik langs wilde komen. Had een foldertje gestuurd en dat vond ie zo schattig onbeholpen dat ie me wel eens wilde zien. Het viel op tussen de professionele folders. Ik mocht drie mensen coachen en als dat goed ging kreeg ik meer opdrachten. Ze waren enthousiast hoewel ze wel aanmerkingen hadden over mijn schoenen en mijn fiets maar die waren zo vervangen dus ik kon door.

Al snel vroeg men of ik ook een communicatietraining kon geven. "Jawel hoor!" zei ik stoer en rende naar de bieb om er boeken over te halen en onderzocht mijn eigen valkuilen en kwaliteiten over communicatie. Had snel een training in elkaar getimmerd. Ik wist niets van zenden en ontvangen en dergelijke termen maar dat gaf niet want mijn aanpak werkte prima. "Geef je ook Timemanagementtrainingen?" "Ja hoor... en hup rende ik weer naar de geweldige bibliotheek en zette een training in elkaar waar ik zelf ook wat aan had.
De bibliotheek was mijn hele leven al een prachtig oord van inspiratie en later trainde ik alle bibliotheken van Amsterdam en omstreken en verder in het land. Zelfs op dezelfde afdeling waar ik als kind al boeken uitzocht met mijn vader.
Van de Postbank naar de ING, via de ING naar de KPN via de tante van één van de opdrachtgeefsters... via collega's naar de Politie waar ik dienders opleidde in het coachen van jonge collega's en de Belastingdienst waar ik opleidingen gaf aan mensen die ZZP-ers zoals ik moesten gaan bezoeken en controleren . Via de KPN naar de VU waar ik studenten trainde in omgaan met studiestress en studiekeuze en presenteren. Van het één kwam het ander en deed zeeën van ervaring op. Via een artikel dat ik mocht schrijven voor het Financieel Dagblad al 13 jaar bij Prowareness in Delft.
Bellen naar bedrijven uit het telefoonboek en vragen: "Heerst er stress in uw organisatie?" wat meestal interessante gesprekken opleverde en een enkele keer een gesprek of een opdracht. Een keer had ik een dame aan de telefoon en op mijn vraag riep ze: "Komen NU!!!!" en ik sprong op mijn fiets naar een school voor makelaars en daar heb ik jaren gecoacht en getraind. Losse workshops, lezingen over de Kracht van Gedachten, de Goeroe of de coach in jezelf. Maakte en speelde een voorstelling over mijn moeder en mijn zoektocht naar het Licht.
Het schrijven begon toen ik kwaad was op een arts die een man antidepressiva en slaaptabletten voorschreef nog voor hij een coachtraject of iets dergelijks had gedaan. Gelukkig wees de man de medicijnen af en binnen drie maanden was hij van zijn overspannenheid af. Hij had alleen een verkeerde manier van denken en ademen aangeleerd en nu coachte hij collega's die in het zelfde schuitje zaten. Ik schreef er een stukje over in mijn boosheid en stuurde het per email naar al mijn contacten. Email was net in gebruik en kreeg zoveel mooie reacties dat ik dacht: 'zo heb ik er nog wel een paar' en schreef door. Dat resulteerde in twee boeken met verhalen en na de boeken nog veel meer verhalen over van alles wat ik maar kon bedenken, tegenkwam, waar ik de mist in ging, wat ik leerde, wie me inspireerde. Dat bleek van alles te kunnen zijn en het werd mijn grote hobby.
Ging het hele land door en kwam de meest interessante en leuke mensen tegen, soms ook boze: "Wat moet ik met die stomme training?" maar dat duurde nooit zo lang.
Nu ben ik gepensioneerd en coach af en toe nog even lekker door. Geef lezingen en workshops over 'hoe word ik een levensgenieter?'.
Geen gouden horloge die heb ik niet nodig. Wel dit verhaal om het te vieren. Wie had ooit gedacht dat ik het zo lang zo doen, zelfs nog op mijn zeventigste al is het maar af en toe?

















Thursday, May 28, 2026

Over vooroordelen enzo

Voor ik een opleiding zou gaan geven voor de politie mocht ik een paar keer meekijken met een collega. Zat daar voor het eerst met een stel politiemensen. In de pauze wilde ik iets uit mijn auto halen maar oh jé... de sleutel zat nog in de auto en die was hermetisch afgesloten.

Binnen vertelde ik het aan een paar vrouwelijke dienders en drie van hen stonden op: "Oh, dat doen wij wel even!" Het waren grote vrouwen, kort haar en een flink mannelijke loop met grote stappen richting mijn auto. Ik huppelde er achteraan en dacht: "Loop ik toch achter de hardcore van het COC aan te huppelen." Nou ben ik zelf van de vrouwen dus ik dacht een leuke link.
Eén van de vrouwen zei: "Mijn kerel heeft een garagebedrijf dus voor mij is het een fluitje van een cent." "Ja mijn man..." zei de tweede en de derde bleek ook een man te hebben en samen hadden ze een heel stel kinderen.
'Vooroordeel Marja!' riep ik in mezelf. Binnen een poep en een scheet hadden ze de auto open en ik weer iets geleerd.





Tuesday, May 19, 2026

Gek doen

Al jaren kom ik bij de bakker om de hoek en op zaterdag werken de twee dochters achter de toonbank. Vanaf een jaar of twaalf helpen ze de zaterdagen al mee. Ze hadden precies geleerd wat je moet zeggen tegen de klanten. Beiden met het zelfde toontje als hun moeder. “Dag mevrouw, waarmee kan ik u van dienst zijn?” Elke keer het vaste riedeltje. Als ik ze iets anders vroeg of zei, kreeg ik een vaag glimlachje en ze bleven in hun rol. “Anders nog iets, mevrouw?” Nu zijn ze beiden in de twintig en nog steeds dezelfde zinnetjes. Met Sinterklaas waren ze verkleed als Piet. Een revolutie! Ik begroette ze enthousiast en complimenteerde ze met hun prachtige pakken. Een vaag lachje terug en: “Waarmee kan ik u van dienst zijn?”

Aan de VU geef ik presentatietrainingen aan studenten. Dit zijn over het algemeen keurige jonge vrouwen en mannen. Ze doen altijd netjes wat ik zeg en hebben geen piercing of zichtbare tatoeages. Vorig jaar begon het bij me te kriebelen en gaf ik de groep opdracht om die week eens iets geks te doen. Iets wat ze nog nooit hadden gedaan. “Wat dan?” ze vonden het maar een rare opdracht. ”Waarom zouden we dat doen?” “Bedenk eens iets geks,” antwoordde ik, “stap eens uit jezelf en je dagelijkse doen. Breid je zelf eens uit! Wie weet wat er allemaal nog meer in je zit? Dat kom je te weten als je iets doet, wat je normaal niet zou doen.” Ik was erg benieuwd en ik moet eerlijk zeggen dat ik er weinig vertrouwen in had dat ze het ook werkelijk zouden doen.
De week daarop kwam ik het gebouw binnen en daar stond in de hal één van de studenten paaseieren uit te delen. “Bedoelt u dit?” vroeg hij wat onzeker toen hij me zag. Ik ben bang dat ik hem ter plekke begon te zoenen van enthousiasme en ik nam natuurlijk een ei. “Ja, dat bedoel ik!” Ze hadden allemaal iets gedaan. Eén was teruggegaan naar haar vorige stageplaats en daar feedback gegeven over misstanden die ze niet eerder had durven te geven. Weer een ander had bloemen uitgedeeld in de metro. Een jonge vrouw had haar tante geconfronteerd met iets dat ze nooit had durven zeggen en had een goed gesprek met haar. Het was geweldig en ze waren er zelf ook erg tevreden over.

Voor de derde keer zat ik te snikken bij de film: “Pay it Forward.” Het gaat over een jongetje dat voor school een werkstuk moet maken. Hij heeft het volgende bedacht: hij doet iets goeds voor drie mensen, met als voorwaarde dat die drie ook weer drie mensen gaan helpen, en dat dit zich dan zo verder uitbreidt. Het jongetje denkt dat zijn werkstuk mislukt is, maar wij als kijker kunnen zien wat er met die mensen is gebeurd die ook mensen zijn gaan helpen en hoe zich dat snel verspreid heeft. Eigenlijk doen we het nu al allemaal.

We realiseren het ons niet wat we allemaal uitzenden in deze wereld. Tot we het wel gaan beseffen en dan gaan we het bewuster doen. In de tijd dat ik het moeilijk had en me eenzaam voelde, zat ik bij mij om de hoek een kop koffie te drinken. Opeens bedacht ik me dat ik het vuur onder mijn rijst had laten branden. Ik zei tegen de ober dat ik snel zou terugkomen. Toen ik terugkwam had hij het schoteltje op mijn kopje gezet om de koffie warm te houden. Geloof het of niet, maar ik was ontroerd door dat kleine gebaar. Het kwam natuurlijk extra aan omdat ik me zo alleen voelde op de wereld. Nu jaren later schrijf ik er over. Dat zal die goede man zich niet hebben gerealiseerd toen hij deed wat hij deed. Nog af en toe denk ik aan het vriendelijke gebaar van de ober. Nu doe ik het ook altijd als iemand van tafel moet opstaan en de koffie dreigt koud te worden. Het is maar een heel klein gebaar, maar toch met zoveel impact.

Je loopt op straat, een grijze dag, iedereen loopt wat somber voor zich uit. Dan is er opeens iemand die naar je kijkt en lacht. Ook zo iets kleins en toch verwarmt het je en je loopt nog wat na te gloeien en even later kijk je plotseling lachend in de ogen van een ander. Pay it Forward. Andersom kan ook natuurlijk. Ik zal vast heel wat mensen vernietigend hebben aangekeken en toegesproken. Ook dat heb ik de wereld ingestuurd. Onbewust van wat ik aanrichtte. “Pay it Forward” in negatieve zin.
Rond oud en nieuw wenste de bakkersvrouw me een gelukkig Nieuwjaar. Ze zei dat ze hoopte op meer vrede maar dat het ijdele hoop was en dat de mensheid slecht was en de jeugd deugde ook niet. Ze voelde zich machteloos. “Maar wat kan ik er aan doen?” vroeg ze. In de bakkerswinkel staat een stoel en buiten staat een bankje voor mensen die niet lang kunnen staan. Naast het bankje staat een standaard met gratis kranten. Het geurt in de omgeving naar vers gebakken brood. De bakkersvrouw is altijd vriendelijk en houdt met iedereen een praatje. Dus zei ik: “U doet al wat. Uw winkel verspreidt de heerlijkste geuren, u hebt altijd een vriendelijk woord voor iedereen. Oudere mensen zitten hier gezellig op hun beurt te wachten en gaan weer met een glimlach naar buiten. Dan komen ze hun buren tegen en geven de glimlach door.” Lekker op dreef voegde ik er nog iets aan toe over de jeugd: “Ik geef presentatielessen aan geneeskunde studenten aan de VU. Tachtig procent zegt dit vak te hebben gekozen om iets voor de mensheid te doen. Een deel daarvan loopt stage in Afrika en werkt met kinderen die HIV hebben. Dus het valt nog wel mee met de jeugd.” De vrouw begon te glunderen. “Dat doet mijn dochter! Die studeert geneeskunde aan de VU, ze zit nu in Johannesburg en werkt met kinderen met HIV in de townships.
We gingen lachend uit elkaar. Toen ik naar huis liep met mijn volkorenbrood, bedacht ik me dat ik laatst een stukje heb geschreven over haar dochters. (lees ”Doe eens gek!” het vorige hoofdstuk) Het zat me helemaal niet lekker. Het ging over hoe ze al van jongs af aan dezelfde zinnetjes zeiden. Zelfs als ze als Piet achter de toonbank staan. Heb ik ze ooit wel eens gevraagd wat ze doen? Heb ik de tijd genomen om wat langer met ze te praten? Nee, ik heb geoordeeld en ze gebruikt voor mijn schrijven. Dus hier is weer een les voor me te leren: niet oordelen en vraag eens verder dan alleen de oppervlakkigheden. Wie was hier nou oppervlakkig? Dus ook dit gesprek levert weer iets op. Dank jullie dames van de bakker. Ik geef het weer door en wie weet lezen drie mensen het...















Tien politiemannen

Over je groot houden en de opluchting van eerlijk zijn.

Het was de eerste keer dat ik een training gaf aan de politie. Zes maal drie dagen met tien politiemannen in een hotel. Ik had het idee dat ik aardig van al mijn vooroordelen af was, maar ze moesten in de training veel van zichzelf laten zien en ik vroeg me af of dat zou lukken met tien van die macho’s.
Ach ja, ik kom uit de vrouwenbeweging en was behoorlijk fanatiek, dus het zat nog in mijn bloed.
Na de kennismaking en nadat ik mijn verhaal had verteld om de boel op gang te krijgen, begon de eerste: Hij had zichzelf uit een zware depressie geholpen door meditatie. Nu was hij van de antidepressiva af.
De tweede deed aan aura-reading. De derde had tranen in zijn ogen toen hij over een afschuwelijke gebeurtenis in zijn loopbaan vertelde en zo ging het maar door.
Ik zat verbijsterd te luisteren en al mijn overgebleven vooroordelen vlogen het raam uit.
We hadden een prachtige tijd en iedereen was open en eerlijk en we bloeiden en groeiden.

Tot de vierde driedaagse. Ik moest iets uitleggen wat ik zelf niet begreep. Ik belde mijn collega’s om te vragen hoe zij het aanpakten. Elke keer dacht ik dat ik het nu wel wist, maar als ik het zelf aan het uitleggen was, kwam ik er weer niet uit.
Die dagen liep ik op mijn tenen. Ik wilde de groep niet teleurstellen en mezelf ook niet en ik ging maar door. Ik zag de ogen van de mannen wegtrekken. Weg alle verbondenheid en openheid. Ik voelde me verschrikkelijk.
De laatste dag tijdens de evaluatie dacht ik: nog even volhouden en dan kan ik me laten gaan. De tranen branden achter mijn ogen.
Tot één van de mannen zei: “Marja, je bent emotioneel hè?” Ik hield het niet meer.
Niet een paar tranen, nee zeeën. Blèren. Daar zat ik als oud-feministe voor tien politiemannen te huilen. Wegrennen had geen zin. Ik hield mezelf voor dat ik wilde stoppen met het vak.
Toen de ergste tranen gedroogd waren, begon ik te praten. Ik vertelde hoe ik me had gevoeld. Dat ik het zelf niet wist en dat ik het niet wilde toegeven. Dat ik het vreselijk vond dat ik hun ogen zag wegtrekken en dat het goede gevoel weg was. Op dat moment kwamen ze allemaal om me heen staan en begonnen ze me te omhelzen.

Wie had dat kunnen denken? We hebben nog lang nagepraat en ik nam me heilig voor om het in het vervolg meteen te zeggen als ik ergens niet uitkwam. Daar heb ik me tot nu toe aangehouden. Meteen zeggen wat ik voel ook als ik merk dat er bij de groep iets speelt. Dat geeft openheid en ontspanning.

Jaren later had ik een etentje met de man die me aan het huilen had gekregen. Hij is een goede vriend geworden. Inmiddels is hij zelf trainer en coach.
Hij vertelde dat hij heel tevreden was over een trainingsdag met zijn groep. Tijdens de evaluatie zei een vrouwelijke deelneemster dat ze het wel wat langdradig had gevonden.
Zijn reactie: “Dan heb je het verkeerde beroep gekozen!” Terwijl hij het zei, besefte hij wat hij deed. Ook bij hem brandden de tranen achter zijn ogen.
Hij bood meteen zijn excuses aan en gaf toe dat hij totaal verkeerd reageerde. Haar feedback was als een dolksteek binnengekomen.
Toen vertelde hij de groep het verhaal over een trainster die ooit in huilen uitbarstte.

Tip:

Tel vandaag hoe vaak je oordeelt over iemand of over jezelf. Stop een euro per oordeel in een potje en als aan het eind van de dag het potje leeg is: leg dit boek dan weg, want je hebt het niet meer nodig. Is het potje vol: lees dan door.

Heb je een vooroordeel over iemand en realiseer je je dat? Ga in gesprek en leer de ander kennen.

Geef je een training of doe je je werk en voel je dat je op je tenen loopt? Dat je je groot houdt om niet af te gaan? Haal diep adem, adem uit en zeg eerlijk wat je voelt… mensen kijken je wat vreemd aan. Even later voelen anderen zich ook vrij om zich bloot te geven.

Kijkt iemand je boos aan en word je onzeker? Vraag meteen wat er aan de hand is. Het kan een interpretatie zijn. Het beste is nog even vragen in de pauze. Het levert mij altijd mooie gesprekken op.



Uit: Placebo's en fluitende fietsen



Wednesday, May 6, 2026

Ineens ben ik zeventig

Tja, dit jaar is het zover... ik ben zeventig jaar op deze aarde. Wie had kunnen denken dat ik nog eens zeventig zou worden. Niet dat ik zo gevaarlijk geleefd heb of ziek was. Het idee dat kleine Marja uit de Pijp zeventig is, is voor mij een wonder. Nu ben ik al snel lyrisch over van alles en hou me vaak in als ik met vriendinnen op straat loop en de neiging heb om alles te benoemen wat ik bijzonder vind. Dat had mijn moeder ook alleen die benoemde het wel en daar werd ik weer geïrriteerd door. Dus ik weet wat het is.

Zeventig was mijn oma en mijn tante Marie. Dat waren zeventigers niet ik. Van binnen is leeftijd van weinig belang. Van buiten is het te zien en ja ook te voelen aan de spieren die niet meer zo soepel zijn als vroeger. Gek genoeg als ik een nummer draai uit de zeventigerjarentijd lijken die spieren zich meteen te herstellen. Mijn vader zei op zijn vijfennegentigste: van buiten ben ik oud maar van binnen is er niets veranderd. Dat klopt.

Als ze mij vroeger hadden gezegd dat ik op mijn zeventigste allerlei leuke klussen zou doen als onderneemster, dat ik auto zou rijden, dat ik een prachtig huisje met tuin zou hebben in de Rivierenbuurt om de hoek van mijn oude school, nog steeds in de Pijp op trendy terrassen zou koffie drinken, dat mijn ouders zouden zijn overleden maar toch nog af en toe om de hoek komen kijken... dan was ik verbijsterd geweest.



Tuesday, April 28, 2026

De bijzondere vriendschap van Rachel en Olga

Het begon toen Rachel met haar man in 1979 naar Oostenrijk ging om te skiën. In een wegrestaurant lieten een paar Amerikanen een folder liggen met hotels en ze bladerden of er wat voor ze bij zat. Rachel zag een hotel met de naam 'Sonnen-Alp' en zei: “Daar wil ik naar toe…” Na een lange rit zochten ze het hotel en eindelijk vonden ze het. Haar man was moe en blij dat ze konden rusten en sjouwde de koffers de mooie kamer van het prachtige hotelletje in. “Wat ben ik blij dat we in hotel Sonnen-Alp zijn aangekomen” zei Rachel in het Duits tegen de hotelhoudster. “Sonnen-Alp? Dat is een stukje verder…” “Maar daar wil ik naar toe!” Man boos want die had alles al geïnstalleerd: “Hier is het toch ook prachtig, wat wil je nou dat ik weer alles inlaad?” "Ja", zei Rachel resoluut, "ik wil naar Sonnen-Alp.” Ze vond het wel wat gênant voor de hotelhoudster maar was vastbesloten. Waarom wist ze ook niet want dit hotel was ook beeldig. Ze reden verder en kwamen in het iets minder mooie hotel Sonnen-Alp aan. Na een tijdje wachten kwam Olga binnen die daar werkte als skileraar en barvrouw en Rachel dacht: 'Die ken ik… dat is mijn zuster.'

Olga bezocht vrienden in Nederland en ging langs bij Rachel, ze gingen samen op vakantie en leerden elkaar beter kennen. Olga was ook reisleidster en gidste bussen Amerikanen en Engelsen door Oostenrijk en Italië en vroeg op een dag of Rachel haar kon helpen. Rachel antwoordde dat ze dat nog nooit had gedaan en heg nog steg wist in die landen maar na enige overredingskracht van Helga ging ze overstag. In het begin zoekend en gaf soms op de verkeerde plekken de verkeerde informatie en vertelde over gletchers al wist ze niet wat dat waren. Al snel voelde ze zich heerlijk in het vak en is jarenlang reisleidster gebleven tot haar kleinkind Miriam dertig jaar geleden werd geboren.

Rachel en Olga logeerden elk jaar een week bij ons in Frankrijk en dat leverde tweehonderdvijfentachtig jaar aan verhalen op. Ik heb ze eerlijk geteld. Ieder komt een aantal keer aan de beurt, dat gaat vanzelf. Af en toe liggen we her en der verspreid in de tuin te lezen of te zonnen en dan weer bij het ontbijt en aan het diner urenlang verhalen uitwisselen. Het zijn er nogal wat want het begint al voor de oorlog. Rachel is met haar Joodse vader en Duitse moeder op haar vijfde net voor de oorlog uit Berlijn naar Amsterdam gevlucht nadat in de Kristalnacht zijn winkel werd vernield. Oostenrijkse Olga zag haar vader een jaar na de oorlog terug als een gebroken man. Te zacht om in het leger van Hitler te dienen maar hij moest wel en vocht in Rusland. Hoe die twee elkaar gevonden hebben is een waar wonder en nu zijn ze al vijfenveertig jaar hele goede vriendinnen. Ze reizen vaak de wereld over en al zijn ze flink op leeftijd ze laten zich nergens door tegenhouden. Al zijn ze 'dol op mannen' ze hebben elkaar als soulsisters gevonden. Wat een bijzondere match! 

Inmiddels woont Olga al weer jaren bij Rachel in de buurt in Amsterdam en beiden zijn dik in de tachtig. Ik luister naar al die soms ongelooflijke, spannende, verschrikkelijke, mooie en ontroerende verhalen over oorlog, dood, reizen en liefde en er gaat van alles door me heen, ik vertel de mijne en er word goed geluisterd. Af en toe tranen van ontroering, lachsalvo’s en dan weer stilte omdat we ons terugtrekken op de ligstoelen in de tuin. Elke ochtend leest Olga een wijze spreuk waar we over praten en nadenken van Eckhart Tolle of een Indiase wijze. Rachel en ik hebben af en toe gesprekken over meer zijn dan ons lichaam, leven wel of niet na de dood en wat de ziel nu eigenlijk is. Tenslotte worden we een dagje ouder en zijn er al velen ons voor gegaan.



Jouw God of mijn God?

Jaren geleden ontmoette ik de moeder van een vriendinnetje van de lagere school bij Blokker. Het klikte en we dronken af en toe koffie met elkaar. Ze was christen en we hadden prachtige gesprekken. We begrepen elkaar en gingen dieper en dieper. Tot ze me op een dag tijdens het eten van haar koekje streng aankeek en zei: “Marja, jij bent van de duivel!” Ik verslikte me in mijn koffie en keek haar ongelovig aan. Ik dacht dat ze een grapje maakte… maar nee… Weg was de goede sfeer en ze rukte me mijn koffie uit de handen. “Ja, want jij gelooft niet dat Jezus de enige weg is.”
Dit was het eind van onze gesprekken. De koek was op.

En dan de prachtige gesprekken die ik had met een vrouw die Krishna aanbad. We hadden zoveel gemeen en we zweefden samen op golven van spiritualiteit tot ze plotseling, met haar vinger dreigend naar me uitgestoken, zei: “Je moet Krishna als God zien, anders klopt er niets van je spiritualiteit!”

Ik maakte kennis met allerlei richtingen: bij de éne mocht je geen seks en geen uien, bij de andere geen vlees op vrijdag en bij weer een andere moest je het ijskastlicht met tape bedekken op zaterdag.
God zei tegen de één dat je naar het oosten moest buigen tijdens het bidden en tegen de ander dat je niet moest bidden maar mediteren. Voor sommigen moest dat vijf keer per dag en voor weer anderen drie keer. Sommigen mochten een vrouw geen hand geven en anderen moesten dat juist.
Twee boeddhistische vriendinnen keken me meewarig aan en zeiden dat ik nog niet zo ver was omdat ik God niet los had gelaten. Tja, wat moet je dan? Wat is nu de waarheid?
Je komt thuis na dit leven en je staat voor God. Hij kijkt je woedend aan en zegt: “Op 2 maart 1988 heb jij een ui gegeten!” Of: ”Jij hebt het licht van de koelkast aan laten staan op 3 februari 2004!”
“Je hebt gevreeën op zaterdag 10 december! Foei!” “Je boog te veel naar het zuiden op 2 maart 2005 en je geloofde nog in me tot het einde, terwijl je me allang los had moeten laten!”

Binnen en buiten al die stromingen kom ik mensen tegen die de regels niet zo nauw nemen en die hun hart wijd open hebben staan. Warmte straalt me tegemoet als ik hen zie. Ik zie atheïsten die diezelfde liefde uitstralen en in de meest vreselijke oorden mensen helpen. Ik ontmoet doodgewone mensen die zomaar op een bankje in het park, levenswijsheden die niet uit boekjes komen, aan anderen doorgeven. Mensen die, al dan niet gedoopt of besneden, liefde verspreiden.

Regels en rituelen zijn middelen om de connectie met God te ervaren. Als ze echter de hoofdmoot worden, dan werken ze eerder als een blokkade. Ik ken mensen die doodsbang zijn als ze een regel hebben overtreden. Er is dan altijd iemand die zich opwerpt als boze rechter, Gods afgevaardigde op aarde. Als we gekwetst zijn in naam van God is het eigenlijk ons ego dat gekwetst is. We gebruiken God als machtsmiddel voor onze eigen strijd. We maken van God een karikatuur van ons eigen gekwetste ego. God kan niet beledigd zijn als we een regel overtreden of als we hem bespotten.
Moslims zijn beledigd over spotprenten en anderen zijn weer beledigd omdat de moslims het niet pikken. Zo zijn we met ons allen beledigd en denken we het meeste recht te hebben op het slachtofferschap.

God of Allah, de bron, of hoe je hem/haar wilt noemen, is liefde. Angst blokkeert de ervaring van liefde. Die liefde en kracht zijn er altijd. Zomaar om door ons heen te laten stromen en te gebruiken en door te geven. Dat gaat eeuwig door. Soms vergeten we het en weten we niet meer waar de deur zit. Als we hem weer vinden hoeven we alleen maar te kloppen. Hoe we dat doen mogen we zelf weten.

Als ik naar zo ongelooflijk veel getuigenissen van Bijna Dood Ervaringen kijk en luister krijg ik een aardig beeld van een gigantisch Liefdevolle energie waar we allemaal deel van uit maken. Geen oordeel, geen straf alleen diep zelfinzicht en Thuis komen.
Had zelf ooit twee keer een Lichtervaring en dat gaf me de energie voor jaren van Liefde in mijn hart.

Ooit zag ik een plaatje waarop God als stralende zon naar alle kanten schijnt. Mensen trekken met lange touwen aan hem en roepen: “Hij is van ons!!” “Nee, hij is van ons!” God trekt zich nergens wat van aan en straalt rustig zijn stralen naar iedereen om hem heen.




Uit: Niets meer te bewijzen

Sunday, April 26, 2026

Eerste baantje en twee bijzondere ontmoetingen

Omdat ik er op school niets van bakte moest ik van school af. Ik zou blijven zitten en mijn moeder zei: "dan ga je maar werken!" Ik wilde op school blijven ondanks mijn blamage omdat ik straal verliefd was op de gymjuf. Ma begon over geld verdienen en dat klonk ook wel aantrekkelijk. Onze huisarts zei: "Dat kind moet verder leren, die is intelligent!" Daar luisterde mijn moeder wel naar maar er was geen school meer die me nog aannam. Waarom weet ik niet... het had iets te maken met te laat inschrijven. Ik deed nog een poging op de Rijkskunstacademie te komen. Maakte beeldjes en tekende in die tijd maar de vriendelijke heer zei: "Maak jij maar eerst de MAVO af."

Eind van het liedje: mijn moeder vond een advertentie voor een administratieve kracht bij het Sociaal Fonds Bouwnijverheid en daar toog ik net voor mijn zestiende op af. Het sollicitatiegesprek werd gehouden op hun kantoor in de Jodenbreestraat grenzend aan het Waterlooplein. De man vroeg: "drinken je ouders? Roken ze? Heb je een vriendje?" Naïef als ik was antwoordde ik netjes en vertelde dat mijn vriendje in de gevangenis zat in vreemdelingen detentie. De Cubaan Jesus waar ik al eerder over schreef. 

Werd toch aangenomen en kon aan het werk op het kantoor op het Rhijnspoorplein aan de Wiboutstraat in Amsterdam. Het was verschrikkelijk en ik haatte het werk. Mappen in kasten doen of er uit halen, ponskaartjes invullen en ik zat de tijd uit en zag de klok de hele acht uur vooruit kruipen. Het hielp dat ik altijd wel verliefd werd op degene die voor me zat, later hoorde dat ik ze aan zat te staren. Werd voortdurend verbeterd, kreeg de kans mijn typediploma te halen bij Schoevers en werd bevorderd tot typiste en moet bekennen dat ik ook daar niets van terecht bracht. Zoveel fouten en we hadden toen nog vlakjes waar we de fouten mee wegpoetsten en dat werd natuurlijk een zootje en iedereen zag hoe vaak ik vlakte. Oh, ik kan hier zoveel richtingen uit schrijven en nu een keuze zien te maken anders wordt het verhaal te lang. Ok keuze gemaakt: de groepsleider was een jonge man, iets ouder dan ik, die erg bevlogen was in zijn werk. Hij wist me altijd vriendelijk te corrigeren en er grapjes over te maken. 

Vele, vele jaren later had ik als trainer opdrachten bij de belastingdienst. In Utrecht was een vergadering van trainers. Denk dat ik zo'n vijftig was en een dikke wat slonzige man stond op en begon een lezing te houden. Wat grappig dacht ik... die man praat zo bevlogen en hij heeft dezelfde mond als die jongen van het Sociaal Fonds toen. Hij hield een geweldige lezing en we hingen aan zijn lippen. Die nacht schrok ik wakker: "Verhip 't is 'm!" Herinnerde me zijn naam ineens en het klopte met de naam van deze man. Belde de volgende ochtend en ja hoor hij wist het nog. Dat onzekere meisje dat wel heel lief was en altijd verliefd. 

Er gebeurde nog iets in diezelfde vergadering. Op mijn achttiende zat ik in het Vrouwenhuis op de Nieuwe Herengracht te praten met een oudere vrouw. Ze sprak met me als gelijke en dat was ik niet gewend. Eigenlijk deed ze niets bijzonders behalve dat ze over zich zelf sprak en me totaal serieus nam, Ik voelde me ter plekke groeien. Had in die tijd nogal een minderwaardigheidscomplex. Ben het nooit vergeten en had er een stukje over geschreven. In de vergadering zat een oudere vrouw naast me en we hadden samen geluncht. Na de lunch kijk ik haar aan en opeens weet ik het: "het is de vrouw uit het Vrouwenhuis!" Ja hoor ze was het. Twee bijzondere ontmoetingen in één vergadering. Nu kon ik haar vertellen wat ze toen voor effect op me had en haar het stukje sturen. 




Saturday, April 11, 2026

Meditatie en Godsdeeltjes

Een paar jaar geleden begeleidde ik een meditatie in De Roos in Amsterdam. Het bleek een vergissing want het zou pas 's avonds zijn en vriendin en ik waren er om vier uur 's middags al. Niet getreurd vriendin en ik zaten lekker en mediteerden samen in de mooie stiltekamer. Terwijl ik zat voelde ik mijn lichaam kloppen en vibreren en dacht: dit is leven... ik leef in dit lichaam en de vibratie maakt dat het lichaam tot leven komt. Ik zei wat ik dacht en vroeg mijn gidsen het over te nemen. Dat deden ze en hoe: ik hield een verhaal over het pulseren van het lichaam, het hart, de aarde, het universum dat pulseert en klopt en vibreert en dat we allemaal mee vibreren.

Vriendin deed een duit in het zakje en vroeg: wat is ruimte? De gidsengroep vertelde over hoe een atoom, zo nietig dat het niet te zien is de volledige ruimte in zich huist en hoe het kleinste deeltje zich bij elke pulsering en hartslag uitbreidt tot universa en universa en universa tot in het oneindige en dan zich weer terugtrekt in het kleinste deeltje en dat dat God is en dat als we mee-ademen en mee pulseren we kunnen voelen dat we Dat zijn. Dat alles ruimte is ook dat wat we als vaste materie zien en we zijn pulserende Godsdeeltjes die mee uitdijen en weer inkrimpen tot kleinste deeltje en dat is God. Ik hoop dat ik het nog goed weergeef want zelf heb ik er geen verstand van.

We voelden ons ruimer en ruimer worden, alles in me bewoog en ademde en toen de meditatie voorbij was dansten we van geluk.
De gidsengroep noemt zich Helder! Ik vergeet het vaak en zal toch eens meer aan de spirituele bel trekken.



Saturday, February 14, 2026

Mijn oma op de buhne

Oma Christien was altijd wel voor een dansje te porren net als mijn moeder. We hoefden maar een quickstep te horen of hup daar gingen we de kamer door. Oma zou in deze tijd op het podium hebben gestaan waarschijnlijk ergens in een café in Amsterdam. Ze had een winkeltje met oude opgeknapte meubels en tapijten op de Ten Katemarkt en als de vrouw die een kraam had voor haar winkel niet genoeg hoedjes verkocht ging oma op de kraam staan en een liedje zingen.

Wat vind u nu wel van mijn mooie hoedje mevrouw,
Staat ie me nou?
Zeg het me gauw,
Zet ik 'm zo dan heb ik sjans
Zet ik 'm zo dan ben ik Frans.

Nou dan vlogen de hoedjes weg.

Ze werden ooit uitgenodigd voor een soort feest bij Ons Huis in de Rozenstraat en er werd iemand op het podium gevraagd om een bh te showen. Mijn moeder siste: 'Je doet het niet hoor' opa siste 'Nee, Christien!' maar Christien trok zich nergens wat van aan en voor ze het wisten stond ze op het podium. Mijn moeder en haar stiefvader konden het niet aanzien en stonden in de gang te wachten.

Dan zaten we in de kamer en opeens kwamen mijn moeder, tante en oma in hun nachtjaponnen binnen al zingend en dansend ook hier schoot iedereen in een kramp want de nachtjaponnen waren flink doorschijnend en daar hadden ze geen erg in. Als mijn moeder het had geweten had ze het nooit gedaan want ze was erg preuts.

Oma had een kist met allerlei verkleedspullen en mijn nichtje en ik zochten hoedjes en shawls uit en oma deed mee. Ach, je kon haar geen groter plezier doen. Tranen in haar ogen van het lachen of van ontroering als mijn nichtje en ik een liedje zongen.  Ik net effe later dan mijn nichtje want die was groter en die zong zo goed. 'Sur le pont d'Avignon' geen idee wat ik zong maar er hoorde een dansje bij in het rond.

Midden in de nacht haalde ze me uit bed om me een enorm stuk zelfgebakken appeltaart met slagroom te geven: "Niet tegen je moeder zeggen hoor!" Ik keek wel uit.

Een keer kreeg mijn oma me kwaad. Boven haar woonden twee prachtige Hindoestaanse jongens en op één van hen was ik op mijn twaalfde verliefd. Ik keek de hele dag uit het raam of ik hem zag. Net toen ik mijn haar stond te wassen werd er gebeld en de jongen kwam binnen. Wilde paniek, want hij mocht me zo niet zien en ik hoorde mijn oma zeggen. "Marja wast haar haar en ze is zo verliefd op je." Mijn schaamte en mijn woede waren groot.

Wat was ik dol op haar.









Thursday, February 12, 2026

Hoe mijn ouders na hun dood van zich liet horen...

Mijn moeder en ik hadden het vaak over de dood. Mijn moeder las,  toen ik klein was, al boeken over leven na de dood en over spiritualiteit. Ik las gretig mee. Toen mijn oma was gestorven vroeg mijn moeder om een teken. Dat hadden ze met elkaar afgesproken.

Mijn oma en opa liepen ooit op de Albert Cuijpmarkt in Amsterdam toen een dame niet goed werd en de politie was er ter plekke bij. Oma en opa stonden er geschokt bij te kijken. Ze vertelden het ons in geuren en kleuren toen ze thuiskwamen. Het bleek een scene voor een advertentie om bij de politie te werken en ze stonden met z'n tweetjes pontificaal op die foto. Hij stond maandenlang flink groot in alle kranten.

Toen mijn oma en opa al een paar jaar waren gestorven zaten mijn moeder en ik op de bank de krant te lezen en ineens gooide ze de krant met een kreet van zich af. Daar stond weer die advertentie, net nadat ze in zichzelf aan mijn oma vroeg: "Wanneer krijg ik nou eens een teken?" Die foto stond al jaren niet meer in de krant en nu plotseling was ie daar weer.

Maar goed... mijn moeder was dood en ook wij hadden afgesproken. Vlak na haar overlijden werd ik overspoeld met golven van liefde. Het was zo heftig dat ik de auto aan de kant moest zetten om ze op te vangen. Het was alsof ik warm water golven door me heen voelde gaan met zoveel kracht dat mijn adem er van stokte. Het was zalig. Eén lamp ging uren aan en uit. Ook als ik hem uit zette dan begon ie nog licht aan en uit te geven. Mijn ex die nogal nuchter is was er ook van onder de indruk. Toen ik aan de telefoon zat met iemand waar mijn moeder ook dol op was ging ie het hele uur te keer tot ik had opgehangen.
 
Op een dag zo'n drie maanden na haar overlijden kwam ik op een bijeenkomst van spirituele mensen toen één van hen me vroeg of ze me een reading mocht geven. Altijd nieuwsgierig mocht dat natuurlijk en ja hoor... mijn moeder... het kon niet missen. Een vrouw met zwart hoog haar  stond van ongeduld te trappelen om met me in contact te komen dus deze gelegenheid liet ze zich niet ontgaan. Het medium vertelde zoveel over mijn moeder dat ik er wel drie bladzijden van vol typte later. Het klopte van A tot Z en wat ik niet wist kon mijn vader later bevestigen. Ze had zelfs gezien dat mijn vader en ik een heel grote vreemde salade hadden gegeten ergens. Dat klopte... ik ben wel wat gewend wat salades betreft maar mijn vader was verbijsterd over de vreemde macrobiotische salade van superformaat die we aten bij de Bolhoed op de Prinsengracht. Zo kan ik nog wel even doorgaan maar dat zal ik jullie besparen.

Een paar jaar later belde mijn vader me totaal overstuur op. "Marja, mijn hemd lag vanmorgen dichtgeknoopt over de stoel en dat doe ik nooit.. ik hang m altijd los over de leuning!!!" Hij was inmiddels al zo'n drie-en-negentig dus ik dacht dat zal ie wel vergeten zijn. Hij drukte me op het hart dat dat niet het geval was. Mijn vader deed al jaren alles op de zelfde manier zonder één uitzondering. Al keek ie naar het mooiste programma en genoot ie met volle teugen: om kwart voor elf ging de televisie uit en ging ie naar bed. Voor alles had ie een plek, op de zelfde manier, dezelfde tijd. Dat heb ik niet van hem geërfd moet ik zeggen.

Die nacht erop was ik alleen thuis. Mijn vriendin was op reis en om een uur of één lag ik na te denken over wat er was gebeurd. Natuurlijk had ie toch zijn hemd over zijn hoofd uit getrokken. Ik zag de spirit van mijn moeder niet met al die knoopjes bezig. Op dat moment hoorde ik vlak bij mijn hoofd op de muur kloppen. Ik keek op en dacht... het zal de buurman wel zijn. Even later weer... maar dit keer driftiger... ook mijn hart ging sneller kloppen maar weer stelde ik mezelf gerust: de buurman, oud huis... Een paar minuten later ging het licht in de kamer vol op. Nu stond ik meteen naast mijn bed en riep in de wilde weg: "Wegwezen allemaal!!! Laat me slapen!" Mijn hart ging wild te keer en het duurde lang voor ik in slaap viel. De volgende dag belde ik het medium die ik al eerder had ontmoet.

Ze vertelde me dat mijn moeder inderdaad contact zocht... ze had niet die knoopjes van mijn vader op haar geweten maar ze deed er wel alles aan om een boodschap door te geven. Ze wilde het niet via het medium doen maar rechtstreeks met mij. "Hoe dan?" vroeg ik het medium. Ze zei dat ik kon gaan mediteren en me open stellen of misschien automatisch schrijven. Dat had ik wel eens geleerd maar daar kwam nooit veel uit. Die dag deed ik alles om me open te stellen maar er gebeurde niets en ik werd ongeduldig. Belde het medium weer en vroeg haar of ze een telefonische sessie met me wilde doen. Ze woont bij Breda dus een flink eind van Amsterdam. We spraken de volgende dag om half elf in de ochtend af. Ik zat in mijn tuinhuis/kantoortje en had me nog niet aangekleed. Wie zag me?
Het medium vertelde dat mijn moeder al om zeven uur bij haar was en dat ze had gezegd: "Nog even geduld ik heb pas om half elf met Marja afgesproken!" Mijn moeder bleef in de buurt. Nu had mijn moeder nooit veel geduld. In juni kreeg ik al mijn verjaardagscadeau om dat ze niet tot augustus kon wachten. Om zes uur 's ochtends was ze aangekleed en om half acht zag het huis er piekfijn uit, mocht er iemand komen.

Het medium zei: "Je moeder zegt dat je je haar wel eens mag doen... en dat je nog moet douchen..." tja, dat vond mijn moeder maar niets als iemand lekker 's ochtends uitsliep of er nog niet tiptop uit zag. Toen vroeg ze of ik deze weken een directeur van een bedrijf had gecoacht terwijl ik mijn moeder had gebruikt om mijn punt te maken. De man was totaal van slag geweest. Ik dacht na... het was een tijdje geleden dat ik directeuren had gecoacht en ik kon me niet herinneren dat ze nu zo van slag waren en dat ik mijn moeder had gebruikt. Ze voegde er nog aan toe: "De man heeft een flink lange baard!" Ai! Die avond ervoor had ik in een café gezeten met een vriend die directeur is van een bedrijf. Samen met zijn vrouw... die twee kregen ruzie en ik had gezegd: "Als je zo doorgaat ben je net mijn moeder en stop je niet meer met praten... en je vrouw zegt straks niets meer... jullie groeien uit elkaar!" Hij was erg van slag en zei die avond niets meer en ja hoor... hij heeft een erg lange baard!

Oei! Ja ik gebruik mijn moeder wel vaker. Ze levert zoveel verhalen op en zoveel voorbeelden dat ik haar nog wel eens in lezingen gebruik. Zowel wat ze geweldig deed als wat niet zo leuk was. Ik vroeg aan het medium wat ze daar van vindt. "Ze vindt het geweldig! Als je haar maar gebruikt... ze wil je dolgraag helpen met je werk... ze zegt dat ze in haar leven een karikatuur van zich zelf is geworden en dat ze nu inzicht en overzicht heeft." Tijdens mijn leven had ik er niet aan moeten denken dat mijn moeder zich bemoeide met mijn werk. Ze  zei regelmatig wat schamper: "Wat jij doet heb ik mijn leven lang gratis gedaan!" Nu vind ik het geweldig dat ze zich met mijn werk bemoeit. Ze zat altijd op bankjes in het park en kwam regelmatig mensen tegen die depressief waren. Dan zei ze: "U depressief? Wat moet ik dan die dertig familieleden heeft verloren in de gaskamers? Ik ben positief en als ik het kan, kunt u  het ook! Stop er mee... ga een bos bloemen halen en geef die aan iemand die het nodig heeft en ga lekker op reis met je geld!" Haar directheid en haar strenge uitstraling hadden flink effect op mensen. 

Ze zei ooit eens toen ze met een vriendin mee was naar haar werk in een psychiatrische inrichting tegen één van de bewoners: "Lekker makkelijk hè... hoef je niet voor jezelf te zorgen. Geen verantwoording nemen. Doe iets en ga je leven leven! ik had je wel aangepakt" De vrouw antwoordde: "Als u hier had gewerkt was ik hier allang uit geweest." Tja, ze was niet op haar mondje gevallen die moeder van mij.
Dus dit kon ik goed plaatsen. Maar ja... waarom had ze nu contact gezocht? Het bleek dat ze mijn vader in de gaten hield. Die woonde nog alleen en hij redde zich prima zei hij altijd. Maar zij zag dat hij het bijna niet meer aankon en zich groot hield. Ze wilde dat er meer zorg voor hem kwam en dat hij een alarm zou krijgen voor als ie zou vallen. Dat er meteen hulp zou komen.

Natuurlijk heb ik daar voor gezorgd en hij kreeg meer hulp en alarm. Mijn vader gaf toe dat hij het moeilijker had dan hij aangaf. Een jaar later viel hij toen ik in Frankrijk was, drukte op het alarm en de ambulance nam hem mee naar het ziekenhuis. Mijn moeder still rules:)

Mijn vader is inmiddels ook overleden. Hij was niet bang te sterven en wist op het laatst dat de ziel het lichaam verlaat en dat mijn moeder op hem wacht. We hebben natuurlijk afgesproken. Vroeg m of hij wel van zich wilde laten horen maar niet zo dat ik schrik. Drie maanden na zijn dood zag ik mijn vader zomaar op straat zweefde hij vlak voor me. Heel jong en stralend.

Bijschrift toevoegen







ps. het medium is Myrthe Bruinzeel 

Huismus

Eergisteren dronk ik thee in café de Jaren met een prachtige Pakistaanse Keniaan die me vertelde dat hij een fietsreis gaat maken naar en door India. Zo maar op de bonnefooi. Hij ziet er uit als een India's goeroe die ik vroeger als tiener tekende. Ik schreef een opstel op school over een pelgrimstocht door India en fantaseerde hoe ik al lopend door straten en velden trok op zoek naar verlichting. Ik kreeg er een één voor omdat de juf dacht dat ik het had geplagieerd. 

In die tijd dacht ik dat ik een reizigster zou worden in mijn leven vol avonturen. Het liep anders, op vakanties na, zat het toch niet in me. Uiteindelijk bleek ik een huismus. Avonturen genoeg maar ze speelden zich meestal af in Amsterdam waar ik geboren en getogen ben. 

Die man triggerde iets in me. Waar was die tienerfantasiereizigster gebleven? De moed van die man om zomaar ergens neer te strijken met en piepklein tentje langs de kant van de weg ergens op de wereld. Hij durft een vrije val aan te gaan, het zwarte onbekende gat in te springen. Kreeg bijna ook zin om iets te gaan ondernemen wat totaal buiten mijn comfortzone ligt. 

Van de week droomde ik dat ik éénennegentig was. Ik schrok... waar zijn die twintig jaar gebleven? Iemand overtuigde me dat ik toch echt éénennegentig was. Wakker geworden realiseerde ik me dat ik nog éénentwintig jaar tegoed heb als ik het mag beleven. Wat een opluchting. 

Wat ga ik allemaal met die tijd doen? De hele wereld ligt aan mijn voeten. Ik ben vrij! Durf ik in het zwarte gat te springen? Wat heb ik te verliezen?

Ach, het maakt niet uit, avonturen hier of daar: ik maak toch wel wat van het leven, hoe dan ook en dan snoep ik even mee van de reizen van mijn vrienden.



Saturday, February 7, 2026

Effecten van oorlog, verdriet, verwerken.

Mijn moeder was mijn eerste en grootste leermeester op het gebied van verwerken en vergeven. Ik dacht altijd dat ze niet goed verwerkte en over de gevolgen die dat voor haar en mij had. Het zat er al een tijd aan te komen en het moest een keer geschreven worden. Terwijl ik schrijf gebeurt het al... zoveel herinneringen komen boven. Ik realiseer me dat mijn moeder wel degelijk pogingen deed om te verwerken.

De herinnering komt opeens fel op dat mijn moeder en ik, hand in hand naar Shoah keken, de documentaire die ooit werd uitgezonden met de gruwelijke details van de concentratiekampen. Mijn moeder vroeg me het samen te zien, zodat ze er door heen kon gaan om het goed te verwerken.
Een groots moment omdat ons dat dicht bij elkaar bracht. Ik zie net op google dat het in 1985 is gemaakt, dus ik moet zo'n dertig jaar zijn geweest. Ze wilde de confrontatie aan gaan en met eigen ogen zien wat er precies was gebeurd. Wat een moed. Het hielp niet, haar pijn werd er des te erger door. Nu kwamen de beelden in volle heftigheid bij haar binnen. In mijn jeugd knipte mijn vader alle informatie over de oorlog uit de krant zodat mijn moeder het niet zou zien. Als Hitler op tv kwam rende hij naar het toestel om het uit te zetten.

Mijn moeder verloor zo'n dertig familieleden in de gaskamers van Sobibor. Haar vader en op één na al zijn zusters en broers, haar oma en opa, nichtjes, neefjes. Mijn moeder stond ingeschreven bij de Joodse gemeente als vol Joods. Ze had al een oproep gekregen en voor hij zelf werd weggehaald, zette haar vader dat nog "recht". Mijn oma was christen en half joodse kinderen mochten nog wat langer blijven leven.

Greet Dresden, hield zich na de oorlog staande met de boeken van o.a. Vincent Peale. Ze was een positief denker. Dat heeft haar een tijd veel goed gedaan.  Ze liep met ferme pas en haar hoofd met grote zwarte dot, trots in de lucht. Ze las, ondanks dat ze alleen lagere school had, boeken van Sartre en Spinoza en voelde zich een vrijdenker. Ze las iedereen de les en menigeen was bang voor haar priemende blikken en snelle tong. Ook ik was vaak bang van haar, ze zag door me heen en kon me op mijn zwakste plekken raken.

We konden ook uren praten over het leven en de dood. Ze vertelde over hoe ze de wereld zag en dat over honderden jaren iedereen van gemengd bloed zou zijn... alle rassen door elkaar omdat we allemaal één zijn. "Net als ik, zei ze dan trots: joods en christen, door elkaar."  Ze wilde bewust leven en riep me dat vaak toe: "Bewust leven, Mar! Geniet van elke dag en elk moment!" Ze had grootse momenten en ik was dan zo trots op haar. In één van die momenten vergaf ze de Duitsers.

Ze zat vaak op bankjes in het Sarphatipark in Amsterdam en sprak met allerlei mensen. Als iemand naast haar zat die depressief was, dat gebeurde nogal eens, riep ze: "U depressief? heeft u dertig familieleden verloren aan de gaskamers? Nou ik wel en als ik positief kan zijn, dan kunt u het ook! Ga naar de markt en haal een bos tulpen en zet ze op tafel... koop een taart en geef die aan iemand die eenzaam is! Dat haalt u er wel uit." Ze liet mensen verbijsterd achter. Ze is nog wel eens iemand tegen gekomen die zei: "U haalde me door uw woorden uit de depressie!"

Er kwamen ook andere momenten. Zoals de keer dat ik thuis kwam en alles donker was. Mijn moeder lag op de bank in de kamer in het donker en ik mocht niet naar binnen. Ik was een jaar of twaalf. Het duurde weken. Ma had een "inzinking" zoals ze het noemde. De dokter hoorde voor het eerst wat er in de oorlog gebeurd was en vroeg: "mevrouw Ruijterman, wilt u misschien in therapie?" "O, nee." antwoordde mijn moeder trots: "Geen sprake van, dat doe ik zelf wel! Ik ben oersterk en ik kan het alleen, mijn gedachten zijn krachtig en ik krijg alles voor elkaar! Ook dit!" Toen een tijdje later het licht weer aanging liep ze weer even trots als daarvoor de wereld in en toch was er iets veranderd.

Ze kreeg buien waarin ze radeloos en woedend schreeuwde en tierde en haar haar uittrok, zichzelf sloeg en me de huid vol schold. Het kon ook zo weer over zijn als de voetstappen van mijn vader op de trap klonken. Ze trok een glimlach en riep: "Mar, lachen... niets aan de hand!" "Dag Niek! hoe was het op je werk?" en voorbij was de paniek. Dat leerde me toen al dat je paniek kunt uitzetten als je dat nodig acht. Er is ergens in ons een toeschouwer die de boel in de gaten houdt en een nieuwe keuze kan maken.

Het was in het begin voor mij niet te geloven. Mijn moeder? Dat kan niet waar zijn... dit gebeurt niet echt. Ik was vreselijk bang en de jaren daarna gebeurde het steeds vaker dat ze zo'n bui had. Het contrast was gigantisch. Als ze zo was dan vergat ik totaal de mooie sterke moeder die ze ook was. Als ze weer normaal was vergat ik totaal haar paniekaanvallen en hadden we weer de mooiste gesprekken.

Ik kreeg een hekel aan positief denken omdat ze zich zo groot hield en en de positiviteit gebruikte als overlevingsstrategie waardoor ze zich enorm opblies. Mijn overlevingsstrategie was cynisme en ik kon haar daardoor van repliek dienen en voelde me sterker.

Toen ik later zelf de kunst van de kracht van gedachten leerde gebruiken was verwerken altijd gedachte nummer één:  "Ik ga dit goed verwerken" is een zeer constructieve gedachte en dan is het zaak om het ook te doen. Dat is een grote les die ik van haar heb geleerd.

Ben ook een ster geweest in het niet willen voelen en mezelf als slachtoffer van de wereld zien. Heb jaren in therapie gezeten om alles te verwerken. Het lukte niet omdat ik in de therapie altijd maar weer het verhaal vertelde van hoe zielig ik was geweest. Pas toen ik er jaren later achter kwam dat door het gevoel bewust te voelen de pijn oplost, werd het zachter in mij.
Ik was zo bang de pijn toe te laten dat ik allerlei manieren vond om niet te hoeven voelen. Tv kijken, snoepen, uitgaan, lezen. Op mijn drieëndertigste begon ik te mediteren en toen kon ik er niet meer van weg. En wat bleek... als de pijn heel dichtbij de kern komt... dat gedeelte wat ik zo graag wilde beschermen omdat het zo kwetsbaar leek: als de pijn de kern/de ziel raakt... lost het op. Het lost niet alleen op: er komt Liefde vrij en geluk. Wie had dat gedacht? Dat wat we willen beschermen blijkt onze diepste kracht te zijn. We zijn zielen met zoveel Liefde en Kracht in ons en dat zijn we vergeten. Tot we het ons weer herinneren en dan lost alles op. Alle verdriet, haat, jaloezie, wrok verdwijnt als sneeuw voor de zon.

Mijn moeder werd ouder en ze ging zich steeds meer herhalen en stopte niet meer met praten. Tegen de arts van het ziekenhuis, zes weken voor haar dood, zei ze: "Ja, als u dertig familieleden had verloren aan de gaskamers dan had u ook een tia gehad..." ze ging voor het effect. Heel af en toe hadden we momenten echt contact tot ze stierf. Ze kreeg een hartaanval en de laatste zes weken lag ze aan de beademing en kon niet meer praten. Ze was woedend dat haar dit moest overkomen en had gigantische hoge bloeddruk. Toen ze wist dat ze ging sterven werd ze rustig en we keken elkaar lang in de ogen. Met een groots gebaar van haar nog goede hand gaf ze aan dat de beademing mocht worden stopgezet. We hebben intensief afscheid genomen en ik heb genoten van het rouwen. Heb me er helemaal ingegooid en het was louterend en verlichtend.
Ze liet me later weten, via een medium, dat ze nu vrij is en dat ze haar leven overziet. Dat ze een karikatuur van zichzelf was geworden. Ze is nu vrij. 

We hoeven niet te wachten tot we dood zijn. Het kan ook nu, stap voor stap, twee stappen vooruit en één stap terug. Het heeft tijd nodig. We hebben elke dag wel wat te verwerken en we kunnen het af en toe bijhouden. Ook mooie gebeurtenissen verwerken we niet altijd en gaan er aan voorbij. Ook die kunnen we voelen en verwelkomen en diep naar binnen laten komen. Als we het allemaal opsparen lopen we uiteindelijk toch tegen de muur. Waarom er op wachten?

In de diepte van wie we werkelijk zijn: op zielsniveau komen we elkaar tegen en blijken we één te zijn en lost alles op. Als de pijn té erg is zoek hulp, dat heb ik ook gedaan! Ik dacht dat ik er al was tot een onverwachtse klap me weer terug bij af bracht. Veel rust, geweldige vrienden en vriendinnen, therapie, naar de schoonheid van natuur kijken en schrijven hebben me er boven op geholpen. 

Friday, February 6, 2026

"Ik moet zo nodig!"

Een paar jaar geleden kreeg ik een wat langere opdracht bij een grote bloemenveiling. Leuk, lief bloemen denk je dan, het bleek een harde maatschappij. Ze wilden het nieuwe menselijker leiderschap introduceren en samen met een groep trainers en coaches zouden we dat voor elkaar boksen. Ze waren gewend aan de 'harde hand' van leiderschap en hadden regelmatig fikse aanvaringen met medewerkers die het niet pikten.

Ik mocht twee leidinggevenden coachen die 'van de zachte hand' waren en zelf moeite hadden met de organisatie maar ook met de medewerkers. Bleek zelfs dat de vrouw een paar keer flinke klappen had opgelopen. Verbijsterd vroeg ik of dat fysiek was en ja hoor. We hadden mooie gesprekken over hoe het anders kon en op een dag werd ik uitgenodigd bij de directeur. Samen met een vaste coach die er al jaren werkte zouden we onze ervaringen uitwisselen. Die twee begonnen en oeps ik snapte er niets van. Een hoop jargon en een manier van praten die ik niet kende. Het ging me boven de pet en zat ik met een mond vol tanden.

Na een tijd vroeg de directeur: "en Marja wat denk jij ervan?" Dertig jaar ervaring down the drain en kleine Marja uit de Pijp piepte: "Ik moet zo nodig..." en weg was ik naar de wc. Daar raapte ik mezelf bij elkaar deed een spoedmeditatie en riep God, alle Gidsen en de hele spirireutemeteut erbij, liep weer terug naar de kamer, ademde uit en sprak een half uur over wat ik er van vond. Het ging vanzelf. Toen ik uitgesproken was was het stil. Ze keken me allebei aan en zeiden tegelijkertijd: "Wat mooi!"

Zo zie je maar weer dat ik nooit in de steek word gelaten als ik me maar bewust ben dat ik het niet meer weet, het niet zelf hoef te doen en altijd hulptroepen bij me heb. Oh ja en de WC is ook altijd een uitkomst. 



Friday, January 30, 2026

Ingefluisterde Intuïtie

Er zijn verschillende momenten in mijn leven die bepalend zijn geweest voor de manier waarop ik in het leven sta en mijn werk doe. Het volgende is mij werkelijk overkomen. Ik werkte inmiddels al enkele jaren als trainer/coach voor diverse bedrijven en was vreselijk trots op mijn werk. Ik kreeg mooie opdrachten en tijdens de feedback en evaluaties hoorde ik enthousiaste reacties. Niet alleen op de werkvloer, maar ook in privé situaties bleken de trainingen zeer praktisch en bruikbaar te zijn.
Op een dag liep ik over straat in Amsterdam, ergens in de Pijp en las op een groot bord: 'Ontmoet uw gidsen'. Nieuwsgierig liep ik naar binnen. Een prachtige jongeman uit Indonesië vertelde dat hij als medium voor mij contact kon maken met mijn spirituele gidsen. Trots als ik was wilde ik wel eens een applaus krijgen van 'de andere zijde'.

Mijn eerste vraag was: 'Wat vinden jullie van mijn werk?' in de volle overtuiging dat ze me zouden overladen met complimenten. Helaas, het antwoord was dat ze niet zo tevreden waren. Ik schrok: 'Waarom niet? Wat is er dan?' vroeg ik. 'Je luistert niet naar ons', kreeg ik door. 'We proberen je steeds te inspireren, maar je staat er niet voor open, je werkt met je hoofd en werkt een lijstje af.' 'Nou vertel dan maar, wat willen jullie dat ik anders doe?' Dat was niet mogelijk. Het kon alleen maar op het moment zelf. Dan moest ik me open stellen voor de inspiratie. 'Maar hoe moet dat dan?' vroeg ik weer. Dat werd niet helemaal duidelijk en daar moest ik het mee doen.

Teleurgesteld en ietwat beledigd liep ik naar huis. Hoe moet ik me nu openstellen? En waarom waren mijn trainingen en coaching 'voor de andere zijde' niet goed genoeg? De volgende dag gaf ik een training bij het Energiebedrijf in Amsterdam, tegenwoordig NUON. Voordat de mensen binnenkwamen en de training begon, en nadat ik alles had uitgestald en het programma op de flip-over had geschreven ging ik op een tafel zitten. 'Zo jongens', zei ik half naar boven kijkend, 'als jullie iets willen zeggen, doe het dan nu meteen even. Ik sta open voor jullie ideeën.' Het bleef stil en er was niets te zien of te horen.

De mensen stroomden binnen en de training begon. Ik had alles op een rijtje. Van de kennismaking tot en met de evaluatie. Na ongeveer een uur zette ik het programma stop. 'Laten we allemaal tien minuten helemaal stil zijn', zei ik tot mijn eigen verrassing. Normaal deed ik dat nooit. Veel te eng. Wie weet wat de mensen zouden denken. Zweverig gedoe. Tot mijn verbazing deed iedereen mee en ze vonden het geweldig. Allemaal. Ze kwamen tot rust en hadden ruimte in hun hoofd gekregen, zeiden ze. Ik voelde me geweldig. De volgende dag gaf ik weer een training, hield mijn praatje met de gidsen en ook daar zette ik het programma stop om weer iets anders te doen. Ik hoorde niets, zag niets… deed alleen wat er in me opkwam. Een plotselinge opwelling. Niet over nagedacht… zo maar spontaan en het was altijd het hoogtepunt van de training.

De volgende week had ik schilderles in Zwanenburg. Ik kwam binnen en de schilderjuf zei meteen: 'Marja, er staan twee figuren achter je te dansen en te springen.' 'Hoe bedoel je?' Ik keek achter me en zag niets. 'Het zijn je gidsen, ze zijn dolblij en ze zeggen dat je eindelijk naar ze luistert. Heb jij iets in je trainingen veranderd?' De vrouw wist helemaal niets van wat er die week ervoor was gebeurd en van de ontmoeting met de Indonesische jongen. De rillingen liepen over mijn hele lichaam. Ik realiseerde me, het is dus waar! Het is echt!

Vanaf die tijd houd ik altijd voor ik naar mijn werk ga een praatje met de gidsen. Onderweg in de auto bijvoorbeeld. Ik luister meestal naar het nieuws of naar radio 5. Lekker oude liedjes meezingen. Dan zet ik de radio uit en zeg: 'Ik ga niet voor niets naar Groningen vandaag. Er is iets te doen daar en jullie doen het werk. Dus laat het me maar weten. Ik sta er open voor.' Ik stel me open en laat me inspireren en laat de ingefluisterde intuïtie het werk doen. Heel af en toe vergeet ik het. Maar gaandeweg kom ik er vanzelf achter en doe ik het tijdens de training. Het werkt altijd. Ik ben ontspannen in wat voor situatie ook en er zijn altijd mensen diep geraakt. Ik voel mijn energie stromen en het gaat allemaal vanzelf.

Tip: Het enige wat je hoeft te doen is: stel je open voor je gidsen, het universum, God of dat wat voor jou relevant is. Het gaat om de intentie dat je jezelf als doorgeefluik ziet. Je hoeft het zelf niet te doen... Laat het gebeuren en vertrouw er op.